Voor 23:00 besteld, morgen in huis

Gratis verzending vanaf €17,50

Steun de boekensector

Capitalism, Alone

The Future of the System That Rules the World

Auteur(s): Branko Milanovic
Taal: Niet gedefinieerd
1 recensie
Capitalism, Alone

Recensie

Aantal recensies: 1

Recensie door: Marnix Verplancke

Kapitalisme kan ook gedijen onder een autoritair regime

Ligt de toekomst van de wereld in het verlicht despotisme? “Ik beschrijf gewoon de interne krachten van het kapitalisme,” aldus de Servisch-Amerikaanse econoom en ongelijkheidsexpert Branko Milanovic: “Met wenselijk of onwenselijk heeft dat niets te maken. Het is gewoon onvermijdelijk.”

[Interview] “Afgezien van de invloed die we nu al zien, een afname van de economische activiteit en een toename van de werkloosheid, zal de corona-crisis nog twee grote gevolgen hebben,” zegt Branko Milanovic wanneer we hem vragen hoe de wereld er in de nabije toekomst uit zal zien, “De globalisering zal erop achteruit gaan, deels doordat de globale handelsketens zo breekbaar bleken, maar ook omdat we zijn gaan beseffen dat we voortaan de productie van essentiële zaken zoals persoonlijke beschermingsmiddelen of informatietechnologie toch maar beter in eigen handen houden. Een tweede verandering is de grotere rol van de staat in de economie, in de gezondheidszorg en de infrastructuur natuurlijk, en in de VS ook in het onderwijs. Je kunt niet alles privatiseren. Dat is nu wel duidelijk. Voor mij is de eindafrekening van deze crisis dus zowel positief als negatief. Dat de staat een grotere rol krijgt in ons leven is positief, maar dat de globalisering teruggeschroefd wordt is negatief, omdat deze de wereldwijde economische ongelijkheid enorm heeft doen dalen.”

Economische ongelijkheid, de term is eruit, want samen met Thomas Piketty en Anthony Atkinson behoort de Servisch-Amerikaanse voormalige hoofdeconoom van de onderzoeksafdeling van de Wereldbank Branko Milanovic tot de top van het ongelijkheidsdenken. Wat hem vooral interesseert is de invloed die de globalisering heeft op de ongelijkheid, en dat zowel op nationaal als op wereldvlak. Tijdens zijn onderzoek zette hij de inkomens van de hele wereld op de ene as en de inkomensgroei op de andere en bekwam zo een van de meest verhelderende grafieken ooit. Want wat toont die? Dat de globalisering geleid heeft tot een wereldwijde inkomensgroei, maar dat die groei ook bijzonder ongelijk verdeeld is. Voor de allerarmsten op deze wereld is er de voorbije dertig jaar niets veranderd. De middenklasse in de opkomende economische machten als China en Vietnam is er enorm op vooruit gegaan, terwijl de westerse middenklasse amper groei heeft gezien. En voor de rijken maakte het niet uit waar ze woonden, zij hebben overal gewonnen. Wie de lijn van Milanovic’ grafiek volgt, merkt dat deze de contouren van een olifant volgt, vertrekkend van de achterpoot links onderaan, tot de omhoog gerichte slurf rechts bovenaan. De olifantengrafiek dus, en onder die term maakte hij furore.

Zal Covid-19 uw olifantengrafiek beïnvloeden?

“Daar ben ik absoluut zeker van. Op lokaal vlak, dus binnen naties, zal de ongelijkheid toenemen. Globaal is het minder duidelijk. Zoals het er nu naar uitziet zal de Chinese economie positieve groeicijfers blijven optekenen, terwijl die voor het westen zwaar negatief zullen uitvallen. China zal het westen dus nog sneller dan voorheen bijbenen, wat goed is voor de reductie van de globale ongelijkheid. Ik ben dus geneigd te zeggen dat wat de globale ongelijkheid betreft corona een positieve invloed zal hebben, al weten we nog niet wat er in India zal gebeuren. De epidemie grijpt daar nog steeds wild om zich heen en dat kan tot een hevige terugval van de Indiase economie leiden, waardoor de globale ongelijkheid toch nog zou kunnen toenemen.”

Zal die groeiende ongelijkheid zich ook politiek laten voelen?

“Ik vind de uitslag van de recente Franse lokale verkiezingen wat dat betreft tekenend. De corona-crisis zal volgens mij vooral de linke partijen ten goede komen omdat kiezers inzien dat de hypercommercialisering van alle facetten van het leven nefast is geweest, ook voor de klimaatwijziging trouwens. Vandaar dat wellicht niet de traditionele sociaaldemocraten zullen winnen, maar wel de groenen. De crisis van 2008 stuwde rechts vooruit. Deze crisis zal links doen opveren.”

En in de VS?

“De kans dat Donald Trump een tweede termijn binnenhaalt, lijkt vandaag niet groot. Joe Biden heeft immers een voorsprong van rond de tien procent. Maar dat wil natuurlijk nog niet zeggen dat Trump al verloren is. In de zomer van 1988 had Democraat Michael Dukakis nog een grotere voorsprong op Republikein George Bush en toch veegde die bij de verkiezingen de Democraten zowat van de kaart. Maar de situatie is vandaag anders, denk ik. De VS zitten in een crisis die nog steeds erger wordt en waarover Trump geen controle heeft. Ik denk dus dat hij de verkiezingen zal verliezen.”

Waarom werd Trump trouwens de eerste keer verkozen?

“Er zijn nog steeds heel wat mensen die Trump zien als een anomalie die bij klaarlichte dag uit de lucht kwam vallen, maar dat is natuurlijk onzin. Niets komt zomaar uit de lucht vallen. Zijn succes is te verklaren uit de groeiende ongelijkheid en de lage inkomensgroei bij de Amerikaanse middenklasse. Het mediaan inkomen is in de VS de voorbije dertig jaar niet gestegen. Een belangrijk deel van de mensen heeft zijn inkomen zelfs zien dalen tijdens die periode. Tezelfdertijd werd die lage groei of zelfs krimp gemaskeerd door het gemak waarmee er geleend kon worden. Mensen gingen steeds grotere schulden aan en hadden zo toch het gevoel dat ze rijker werden. Daar kwam een bruusk einde aan in 2008, toen heel veel middenklassers door de financiële crisis hun leningen niet meer konden terugbetalen. Huizen werden aangeslagen, mensen verloren hun job en wanneer ze naar de top 20% verdieners keken zagen ze dat die daar helemaal geen last van hadden. Meer zelfs, zij waren wel substantieel rijker geworden. Die middenklasse, die geen inkomensgroei kende, zijn job naar China zag verhuizen en merkte hoe er steeds meer goedkope import in de winkels lag, werd kwaad. En dus koos ze voor Trump. En dat was ook Trumps stuwkracht, want binnen de Republikeinse partij kon hij op weinig steun rekenen. Trump kwam dus inderdaad niet uit de lucht vallen, hij was het kind van het neoliberalisme.”

Je vergat Trumps muur nog.

“Op globaal niveau zie je hoe de belangen van de heel rijken en die van de heel armen soms complementair zijn en daarbij de positie van de lokale middenklasse ondermijnen. Amerikaanse werkgevers en illegale Zuid-Amerikaanse migranten hadden bijvoorbeeld zulke gemeenschappelijke belangen. Voor de migranten betekende een oversteek naar de VS een kans op een beter leven. Voor de werkgevers was die toevloed van illegale werknemers een manier om hun loonkost laag te houden. Hoezo wil je opslag, zeiden ze tegen hun Amerikaanse werknemers, dan nemen we toch gewoon een paar illegalen aan. Want waarom zou je iemand twintig dollar per uur betalen als een ander hetzelfde werk kan doen voor tien? En zo bleven de lonen laag. Wanneer de Trump-kiezers zijn idee van een muur steunden, zat daar dus ook een economische logica achter.”

In hoeverre vloeit het Amerikaanse racisme voort uit de economische ongelijkheid die de zwarten veel harder treft dan de anderen?

“Het oude racisme, zoals dat bestond in de jaren vijftig, is zeldzaam geworden. Werkgevers weigeren geen zwarte sollicitant op basis van zijn huidskleur als hij de nodige kwalificaties heeft. Het probleem is dat er gewoon te weinig zwarten met goede kwalificaties zijn. Wanneer je als zwarte geboren wordt in de VS heb je gewoon veel minder kans om een diploma te behalen dan als blanke of Aziaat. En dat is niet omdat je gediscrimineerd wordt omwille van je huidskleur, maar omdat er een gigantische inkomenskloof gaapt tussen de zwarten en de anderen. En die kloof wordt ook niet kleiner. Wanneer je arm bent, zie je je verplicht in de slechtere buurten te wonen, met slechtere scholen die geen aansluiting bieden op het hoger onderwijs. De zwarten zitten dus in een vicieuze cirkel. Diploma’s en beter betaalde banen mogen ze vergeten. Het enige wat voor hen weggelegd is, zijn slecht betaalde en instabiele jobs die geen ziekteverzekering bieden. Of de misdaad natuurlijk. Mensen die denken dat je als individu kan ontsnappen aan die vicieuze cirkel en de American dream waarmaken, houden zichzelf een fabeltje voor. Er zijn er altijd wel een paar waarmee dan heftig gezwaaid wordt van ‘zie je wel…’ maar dat zijn uitzonderingen.”

Identiteitspolitiek heeft dus de verkeerde vijand voor ogen?

“Natuurlijk, de strijd van zwart tegen blank verhult het ware probleem dat economisch is: de ongelijkheid. Er moet gewoon een eerlijker verdeling van de rijkdom komen. Wie in alle retoriek over racisme vergeten wordt is de blanke middenklasse die net zo te lijden heeft onder de ongelijkheid en net zozeer veroordeeld is tot een leven aan de onderkant met slecht onderwijs en kansloosheid. In feite zijn zij de bondgenoten van de zwarten, maar zo worden zij helemaal niet gezien, wat dan weer tot frustratie leidt.”

Hoe doe je iets aan die ongelijkheid?

“Theoretisch gezien is dat niet zo moeilijk. Je begint met een betere en eerlijkere financiering van het onderwijs, dus niet door de lokale overheid, zoals nu, waardoor arme buurten arme scholen hebben, maar op staatsniveau. Een volgende stap is het verhogen van het minimumloon. Dat ligt nu op 7,25 dollar per uur, maar heel wat staten hebben dat op eigen initiatief al verhoogd naar 15. Dan verhoog je de belastingvoeten voor de hogere inkomens en geef je de middenklasse de mogelijkheid aandelen te verwerven in het bedrijf waar ze werken. Soms kunnen kleine zaken ook al helpen. Neem bijvoorbeeld studentenleningen. Daar moet je een intrest van zes of zeven procent op betalen, wat vandaag gewoon belachelijk is aangezien geld niets meer opbrengt. In feite zijn het doenbare zaken, alleen vind je er in het huidige Amerika geen politieke meerderheid voor. En zelfs als je die zou vinden zou je niet meteen de resultaten zien. Het is als de New Deal uit de jaren dertig of wat president Johnson in 1965 de Great Society noemde. Je moet minstens vijf of tien jaar geduld hebben, voor je echt verandering merkt.”

Thomas Piketty zet veel meer in op belastingverhoging dan u. Is hij dan fout?

“Hij overdrijft daar wat, denk ik en houdt er geen rekening mee dat mensen maar tot op een bepaald punt bereid zijn om belastingen te betalen. Eens boven de 50% wordt dat moeilijk, hebben we al gemerkt. Dat hij via belastingen aan inkomensherverdeling wil doen is natuurlijk goed, en nodig. Alleen kijkt Piketty niet ver genoeg in de toekomst. Je moet je dan afvragen welk type maatschappij je uiteindelijk wil. Voor mij is dat een maatschappij waarin mensen meer betrokken zijn bij wat er om hen heen gebeurt, zowel op sociaal als op economisch vlak. Mensen moeten mede-eigenaar worden van het nationale kapitaal, en daarmee bedoel ik alle mensen. Natuurlijk zal er nooit absolute gelijkheid zijn, dat kan niet, maar zoals het nu in de meeste landen is, dat 10% van de mensen 90% van het nationale kapitaal bezit, kan natuurlijk ook niet. Een eerlijker spreiding van het nationale kapitaal moet trouwens niet gepaard gaan met hogere belastingen. Integendeel zelfs, de belastingen zouden volgens mij een stuk lager kunnen liggen omdat veel kostenposten in de sociale sfeer zouden verdwijnen.

In een alternatief voor het kapitalisme ziet u dus niets?

“Nee, want vandaag is er geen alternatief voor het kapitalisme. Er zijn in het verleden veel alternatieven uitgetest en die hebben allemaal gefaald. Ik volg daarbij de definitie van kapitalisme van Karl Marx en Max Weber. Het is een economisch systeem waarbij de meeste productiemiddelen in private handen zijn, het kapitaal vrije arbeid inhuurt en de coördinatie van de productie gedecentraliseerd is. Er zijn momenteel wel verschillende soorten kapitalisme, dat van de VS en dat van China bijvoorbeeld, maar au fond zijn de economische systemen van die twee landen varianten op datzelfde kapitalisme.”

Heeft China dan geen staatseconomie?

“Wanneer je er de cijfers bijneemt zie je dat China een overwegend kapitalistisch land is. Waar tot in 1978 de staat voor bijna 100% instond voor de productie is dat vandaag nog een fractie daarvan. De landbouw is bijvoorbeeld zo goed als volledig geprivatiseerd en ook de industriële productie is voor 80% in privéhanden. Zo’n 90% van de actieve bevolking werkt op de private markt, wat exact hetzelfde cijfer is als dat van Frankrijk in de vroege jaren tachtig. Het Chinese kapitalisme is echter anders dan het westerse. De staat speelt een grotere rol, vandaar dat ik het politiek kapitalisme noem, en het westerse kapitalisme liberaal kapitalisme. De Chinese staat heeft het bancaire systeem in handen, en bepaalde belangrijke delen van de economie, zoals energiebevoorrading en informatietechnologie. Sommigen merken op dat China geleid wordt door de communistische partij en dat het daarom een communistisch land is, maar dat is natuurlijk al lang niet meer zo, want een communistisch land voldoet niet aan de drie criteria van Marx en Weber. China is trouwens niet het enige politiek kapitalistische land. Vietnam, Laos, Birma, Algerije, Angola en Ethiopië zijn dat ook.”

Heeft het kapitalisme dan geen democratie nodig om te kunnen bloeien?

“Het kan verbazingwekkend lijken, maar nee dus, en dat zie je ook in onze eigen geschiedenis. Franco-Spanje kon je met de beste wil van de wereld geen democratie noemen, maar het was wel een kapitalistisch land, en dat gold ook voor het Griekenland van de kolonels, het Portugal van voor de Anjerrevolutie en Chili onder Pinochet. Als je nog verder teruggaat de tijd in, tot voor WO I, zie je dat er maar bitter weinig democratieën waren. Kijk naar de vroege VS, dat was geen democratie, maar een oligarchie met slavernij. En toch is de wereld al eeuwenlang kapitalistisch.”

Ziet u China van een politiek kapitalisme overstappen op een liberaal kapitalisme?

“Dat China een democratisch land zou worden, behoort tot de mogelijkheden, maar de slinger kan ook de andere kant op gaan. Het is net zo goed mogelijk dat steeds meer landen het Chinese systeem adopteren. Turkije en Hongarije lijken die richting op te gaan. Het is immers een verleidelijk systeem dat een grotere economische groei kan garanderen dan het liberale kapitalisme. Kijk naar de economische groei van China de voorbije decennia. Daar wil ieder land wel voor tekenen en sommigen willen dan best wat inboeten op de democratie. Ik denk echter niet dat het Chinese kapitalisme de hele wereld zal gaan inpalmen. Niet iedereen kan zich daarin vinden. De wereld is te groot en te divers voor een enkel systeem.”

Maar is ons liberale kapitalisme dan niet superieur aan de Chinese politieke variant?

Vandaag lijken nogal wat mensen economisch succes belangrijker te vinden dan het recht op vrije meningsuiting.  Wanneer je democratische systeem de goederen niet kan leveren die het ondemocratische wel levert, zal het tweede uiteindelijk domineren. Hoe overleeft een economisch systeem? Door performatief te zijn. Iedere keer dat jij een Chinees product koopt en geen Belgisch of Duits, ondersteun je dus het politieke kapitalisme van China. In die zin is economisch succes cruciaal, ook voor het politiek systeem waarin we uiteindelijk terecht zullen komen. Dat het Westen de Sovjetunie op de knieën kreeg had niets met de triomf van de democratie te maken, maar wel met de triomf van de westerse economische efficiëntie. Wanneer we kijken welke landen historisch gezien het meest succesvol geweest zijn, zien we dat dit de landen waren die hun eigen economisch systeem konden exporteren, meestal doordat het gekopieerd werd door anderen. Dat gold voor het Groot-Brittannië van de negentiende eeuw zowel als voor het Amerika van na WO II. De voorbije veertig jaar is China zonder enige twijfel het succesvolst geweest. De vraag is dan of het zijn systeem zal exporteren en of andere landen het zullen imiteren. Ik zou het bijzonder merkwaardig vinden als dit niet zou gebeuren.”

In uw recente boek Capitalism, Alone somt u de eigenschappen op van het politieke kapitalisme De meest kwalijke lijkt de inherente corruptie te zijn. In een systeem waar een breed uitgebouwde bureaucratie aan de touwtjes trekt, is die niet te vermijden, schrijft u. Is dat dan de toekomst?

“Een politiek kapitalistisch systeem is inderdaad inherent corrupt omdat de macht van de wet er heel erg beperkt is. Uiteindelijk besluit de ambtenarij wat goed is voor de staat en wie die goedheid mag leveren. Sommigen worden beloond en anderen worden gestraft, en daar wordt nogal vrijelijk over beslist door een aantal mensen. Het liberale kapitalisme kent natuurlijk ook corruptie, maar ze maakt geen inherent deel uit van het systeem. Corruptie is natuurlijk niet goed, maar in een bureaucratisch land als China kan het wel positieve gevolgen hebben doordat het de zaken vooruit laat gaan. Hier in het westen zijn grote infrastructuurwerken bijna niet meer mogelijk door actiegroepen, bedrijven die de opdrachtgever aanklagen omwille van onduidelijkheden in het lastenboek en ga zo maar door. In China onteigent men iedereen, geeft hen een aalmoes en ontzegt hen het recht klacht in te dienen. En vijf jaar later ligt er een paar duizend kilometer hogesnelheidslijn. Je kan dat pervers vinden, maar het werkt wel. Maar laat ons dit een zeldzaam positief bijverschijnsel noemen van een corruptie die door de bank genomen negatief is voor zowel het systeem als de burger. Vandaar ook dat men vandaag in China de corruptie onder controle probeert te krijgen.”

Maar niet probeert uit te roeien?

“Nee, want als ze daarin zouden slagen, zouden ze de staat de mogelijkheid ontzeggen om beslissingen te nemen en zouden ze dus ook geen politiek kapitalisme meer hebben.”

Hoe ziet u de toekomst van ons liberale kapitalisme?

“Het kapitalisme heeft een interne groeilogica die maakt dat het steeds meer facetten van het menselijk leven inpalmt. Steeds meer zaken worden gecommodificeerd en gecommercialiseerd. Karl Marx had het al over die expansieve kracht van het kapitalisme en hoe er steeds een nieuwe gat in de markt wordt ontdekt. Vandaag zien we hoe zelfs het privéleven helemaal gecommodificeerd is. We verhuren ons huis of een kamer via Airbnb, en we spelen taxi tijdens onze vrije tijd via Uber. Ons privébezit genereert opeens inkomsten. Het heeft zijn onschuld verloren, zou je kunnen zeggen en het is een productiemiddel geworden. Opeens wordt er een prijs geplakt op wat je hebt en doet. Natuurlijk gaat niet iedereen opeens zijn huis verhuren, maar ergens is er wel iets verschoven in onze manier van naar bezit kijken. Het is kapitaal geworden. Het is vermarkt. Wij hebben het kapitalisme geïnternaliseerd en het heeft ons volledig in zijn macht.”

Zoals u het beschrijft heeft het iets weg van een horrorfilm.

“Misschien, maar met dit verschil dat het in een horrorfilm over goed en kwaad gaat en hier niet. Of die commodificatie van de leefwereld positief of negatief is, is voor mij een vraag die er niet toe doet. Ik beschrijf gewoon de interne krachten van het kapitalisme, en dat heeft niets met ethiek of wenselijkheid te maken. Het is gewoon onvermijdelijk.”

Maar waar eindigt dat dan?

“Met de commodificatie van alles. Vandaag zijn praktisch alle gezinstaken gecommodificeerd. We hebben een poetsvrouw, koken amper nog zelf en de opvoeding van de kinderen laten we voor een groot deel ook over aan anderen. Wanneer je dat doet stel je in feite de bestaansreden van het gezin op zich in vraag. Met als gevolg dat zeker in West-Europa steeds meer mensen alleen wonen.”

Heeft Rutger Bregman dan een punt met zijn opmerking dat we met het traditionele kapitalisme moeten breken en een basisinkomen moeten invoeren?

“Wie zal dat betalen, denk ik dan. Voor de meeste landen is dit volstrekt onhaalbaar. Bovendien moet je, zoals ik al opmerkte, altijd streven naar het verwezenlijken van een goede, participatieve samenleving. Wanneer je het basisinkomen invoert, mag je rekenen dat de 15% rijksten van de bevolking zich onttrekken aan die samenleving omdat ze een meer dan gemiddeld inkomen hebben uit de opbrengst van hun kapitaal. Aan de onderzijde van de inkomensschaal heb je ongeveer een even groot aantal mensen die best tevreden zijn met hun basisinkomen en ook de noodzaak niet voelen om te werken en bij te dragen aan de samenleving. Samen maken zij dus 30% uit. Bijna een derde van de bevolking zou dus gewoon buiten de samenleving gaan staan en dat kun je volgens mij geen ideale samenleving noemen. Ik geloof dus niet in Bregmans basisinkomen, al moet ik bekennen dat ik de laatste maanden toch wat positiever geworden ben. Stel dat het vandaag bestond, dan hadden we het stelsel van tijdelijke werkloosheid en allerhande compensatieregels die ingevoerd zijn door Covid-19 niet nodig gehad.”

Wat is voor u het ideale toekomstscenario?

“Het liberale kapitalisme heeft heel wat voordelen. Dat het democratisch is bijvoorbeeld. Maar je ziet ook dat democratische besluitvorming niet altijd compatibel is met een efficiënt kapitalisme. Soms leidt democratie gewoon tot stilstand en de onmogelijkheid om nog langer beslissingen te nemen. En dat houdt een gevaar in, want dan kan de democratie uiteindelijk de economie beginnen remmen. Ik kan me voorstellen dat sommigen dan geneigd zijn de democratie even op een zijspoor te zetten. Conform de wil van het volk trouwens, want mensen willen niet eerst en vooral democratie en pas daarna al de rest, inclusief een goed draaiende economie die hen een comfortabel leven schenkt. Het grootste deel van de mensen is best bereid wat op hun vrijheid in te boeten als ze er economisch beter van worden.”

Een verlicht despoot af en toe kan dus geen kwaad?

“Waarom niet? Iedereen denkt altijd dat wij in de beste van alle mogelijke werelden leven, gestuurd door het beste politieke systeem. Dat dachten de Romeinen al, net zoals de 17e-eeuwse Chinezen toen ze voorbijgefietst werden door de Europeanen. Waarom zouden we vandaag dan het einde van de geschiedenis bereikt hebben?”

Branko Milanovic

°1953, Belgrado, Joegoslavië
Promoveerde in 1987 op een proefschrift over economische ongelijkheid in zijn vaderland Joegoslavië.
Was bijna twintig jaar lang hoofdeconoom van het onderzoeksdepartement van de Wereldbank.
Oogstte wereldwijd succes met het boek Global Inequality (2016), in het Nederlands vertaald als Wereldwijde Ongelijkheid, waarin hij zijn beroemde olifantengrafiek introduceerde.
Is momenteel verbonden aan het LIS Cross-National Data Center en aan het Graduate Center van de  City University of New York.

Eerder verschenen in De Morgen

Samenvatting

For the first time in history, the globe is dominated by one economic system. Capitalism prevails because it delivers prosperity and meets desires for autonomy. But it also is unstable and morally defective. Surveying the varieties and futures of capitalism, Branko Milanovic offers creative solutions to improve a system that isn't going anywhere.

€ 32,95

Verwachte leverdatum: vrijdag 23 oktober


Taal
Niet gedefinieerd
Bindwijze
Hardcover
ISBN
9780674987593
Verschijningsdatum
januari 2019
Druk
1
Aantal pagina's
304 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
160: Economie, recht en bedrijfskunde algemeen
Categorieën

Uitgever
Harvard University Press

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen