Voor 23:00 besteld, morgen in huis

Gratis verzending vanaf €17,50

Steun de boekensector

Gods schaduw

Hoe sultan Selim I de loop van de geschiedenis bepaalde

Auteur(s): Alan Mikhail
Taal: Nederlands
1 recensie
Gods schaduw
Gods schaduw
Gods schaduw

Recensie

Aantal recensies: 1

Recensie door: Marnix Verplancke

Zonder het Ottomaanse Rijk en de dreiging van de islam had Columbus misschien nooit Amerika ontdekt, aldus de Amerikaanse historicus Alan Mikhail, die een boek schreef over sultan Selim de Grimmige, het grote voorbeeld van de Turkse president Recep Erdogan.

[Interview] Eind 2014 deed de Turkse president Recep Erdogan de verbazingwekkende uitspraak dat niet Christoffel Columbus Amerika had ontdekt, maar dat de moslims hem voor waren geweest. Toen Columbus vanop de Santa Maria naar de Bahama’s keek, aldus Erdogan, zag hij tussen de bomen een koepel gloren, van een moskee, en besefte hij dat hij niet de eerste was. “Over het algemeen werd er eens goed gelachen met Erdogans uitspraak, en terecht natuurlijk,” aldus Alan Mikhail, Yale-historicus en een wereldwijd gerespecteerd specialist op het vlak van het Ottomaanse Rijk. “Erdogan baseerde zijn boude stelling op een passage uit het logboek van Hernan Cortez waarin deze zegt dat hij vanop zijn schip vierhonderd moskeeën zag staan op het Amerikaanse vasteland. Omdat er nooit enig spoor van deze moskeeën is teruggevonden moet Cortez fout geweest zijn, maar waarom? Omdat hij zich dat voorstelde natuurlijk. Cortez was het grootste deel van zijn leven soldaat geweest, waarbij hij vooral tegen moslims had gevochten, op en rond de Middellandse Zee, in Noord-Afrika en in Spanje. In zijn geest, en in die van zowat al zijn tijdgenoten, stond het onbekende dus automatisch voor het islamitische. Toen hij in Mexico mensen zag die hij niet thuis kon brengen, lag het dus voor de hand om hen moslims te noemen, ook al waren het in realiteit Azteken. En niet alleen Cortez maakte die fout. Alle ontdekkingsreizigers meenden moslims te zien in Amerika, wat erop wijst hoe diep de islam in de geest van de christelijke Europeanen zat.”

Dat christelijk Europa zo geobsedeerd raakte door de islam kwam vooral doordat de Ottomaanse sultan Mehmet II in 1453 Constantinopel veroverde, ooit de hoofdstad van het Oost-Romeinse Rijk, schrijft Alan Mikhail in zijn nieuwe boek Gods schaduw. Na de val van de stad kroonde Mehmet zich tot de nieuwe keizer van Rome en trok hij de Balkan in, tot aan de poorten van Belgrado. En ook op de Middellandse Zee waren de schepen van Mehmet heer en meester. De Zijderoute, die Europa verbond met het Verre Oosten en het zoveel welvaart bracht, kon hij met een vingerknip afsluiten.

Het ergste moest dan nog komen, en wel in de figuur van Selim, Mehmets kleinzoon en de schaduw uit de titel van Mikhails boek. Selim werd geboren in 1470. Nadat hij in 1512 zijn vader had vermoord, kroonde hij zichzelf tot sultan, waarna de jacht op zijn twee halfbroers begon, die hij allebei liet wurgen. In de acht jaar tot zijn dood op 22 september 1520 veroverde hij Iran, het Arabische schiereiland, met Jeruzalem, Mekka en Medina, Egypte en een groot deel van de Noord-Afrikaanse kust, tot en met Algerije. Hij verdrievoudigde de omvang van het Ottomaanse Rijk en maakte christelijke Europa doodsbang.

“Op het eerste zicht lijkt de macht van de islam misschien niets te maken te hebben met de ontdekking van Amerika,” zegt Mikhail, “maar wanneer je er Columbus’ logboeken op naslaat zie je meteen hoe deze twee aan elkaar gekoppeld werden. Columbus was diep doordrongen van het idee van de kruistochten. Hij las Marco Polo en was ervan overtuigd dat het voor het Europese Christendom cruciaal was om Jeruzalem te veroveren. Hij zag zichzelf niet als een ontdekkingsreiziger, maar wel als een kruisvaarder. En dus vertrok hij richting westen, niet alleen om op die manier een handelsroute naar het Verre Oosten te vinden waardoor de doortocht door het Ottomaanse Rijk overbodig zou worden, hij was ook op zoek naar de Grote Khan waar Marco Polo over had geschreven. Van hem werd immers beweerd dat hij goedgezind stond tegenover het christendom en dat hij zonder enige twijfel een bondgenootschap zou willen aangaan met de christenen om samen de islam in de tang te nemen en Jeruzalem te bevrijden. Columbus bleef daar tot zijn dood in 1506 in geloven. Hij was er toen nog steeds van overtuigd dat hij in Azië beland was. En hij was nog steeds op zoek naar de Grote Khan.”

Waren de kruistochten niet iets van de elfde, twaalfde en dertiende eeuw?

Mikhail: “Wij zien de kruistochten inderdaad graag als fenomenen die af en toe de kop opstaken, de eerste kruistocht, de tweede kruistocht, en ga zo maar door, maar in feite was dat een mentale ingesteldheid die niet van ophouden wist, tot in de zeventiende eeuw toe. Om de haverklap riep er wel een paus om een nieuwe kruistocht, waar meestal niet op gereageerd werd. Je zou zelfs kunnen beweren dat het idee van een kruistocht vandaag nog steeds springlevend is. Toen George Bush Irak binnenviel verdedigde hij zijn actie ook in termen van een kruistocht.”

Het is natuurlijk een krachtig beeld.

Mikhail: “Ja, maar geen onschuldig. Zo’n ander beeld, dat ook al meer dan vijf eeuwen meegaat is het koppelen van moslims aan native Americans. Begin zestiende eeuw stelden de kolonisten die twee al gelijk aan elkaar. Vandaag zie je dat het Amerikaanse leger bij de naamgeving van wapens een voorliefde heeft voor namen uit de native American wereld. Er zijn bijvoorbeeld Tomahawk-raketten en Apache-helikopters. En waar worden die ingezet? In landen met een moslimmeerderheid, zoals Afghanistan of Irak. Ik zeg niet dat dit bewust is, maar ik vind het wel opmerkelijk.”

Zaten er dan toch moslims in Amerika?

Mikhail: “Die werden ingevoerd door de eerste kolonisten. Vanaf de eerste jaren van de zestiende eeuw schreeuwde men in Amerika om werkkrachten. Er waren heel wat suikerplantages opgezet, maar aangezien de lokale bevolking voor een deel gestorven was en voor een ander deel de biezen had gepakt, dienden er arbeiders ingevoerd te worden. Dus werden er slaven gevraagd aan de Spaanse kroon die daar vrij weigerachtig tegenover stond. Slaven kwamen uit West-Afrika en waren nogal eens moslim, en het katholieke Spanje wou de islam niet introduceren in Amerika. Dus werd er bepaald dat die slaven eerst drie jaar in quarantaine moesten in Spanje, waar ze zich moesten bekeren tot het christendom, alvorens ze naar Amerika konden. De plantage-eigenaren vonden dat maar niets omdat ze geen drie jaar wilden wachten. Dus werden er ook slaven rechtstreeks van Afrika naar Amerika gestuurd, en mettertijd steeds meer. Daar werkten ze zij aan zij met de lokale bevolking en gingen ze soms ook bondgenootschappen aan. Een van de eerste slavenopstanden op de Cariben kwam er bijvoorbeeld op initiatief van moslims en lokale Taino die zich verzetten tegen hun Spaanse meesters.”

Hoe werd die islam gezien in het prille Amerika?

Mikhail: “Net zoals in de oude wereld, als een bedreiging. John Smith, die in 1607 Jamestown stichtte en de eerste gouverneur van Virginia zou worden, was een slaaf geweest van het Ottomaanse Rijk voor hij de Atlantische Oceaan overstak. Zijn persoonlijk zegel was een driehoek met daarin drie afgehakte hoofden van Ottomaanse soldaten. Dat zegel staat op de eerste kaart van Virginia, als een waarschuwing bijna. En dat bleef zo. Bij het opstellen van de Amerikaanse grondwet in 1788 werd openlijk de vraag gesteld of een moslim president van de Verenigde Staten zou kunnen worden. Voor een christen of een jood gebeurde dat niet.”

Maar het Ottomaanse Rijk was toch ook wreed? Selim liet in Anatolië bijvoorbeeld veertigduizend Ottomaanse sjiieten afslachten.

Mikhail: “Selims bijnaam was niet toevallig de Grimmige. Natuurlijk was hij wreed, maar alle machthebbers waren dat in die tijd. Toen Spanje in 1492 de Moren en de Joden verjoeg, was het niet minder wreed. In vergelijking met het grootste deel van de Europese staten voerde het Ottomaanse Rijk trouwens een vrij tolerant beleid. Je kon maar beter daar tot een minderheid behoren dan in Spanje. Selim was door zijn veroveringen in het oosten trouwens de eerste sultan die over een Ottomaans Rijk heerste dat voor het grootste deel uit moslims bestond. Daarvoor was dat altijd overwegend christelijk geweest, 250 jaar lang. Er heerste dus een relatieve religieuze vrijheid. Christenen of joden werden niet verdreven of verplicht om hun godsdienst af te zweren. Het waren tweederangsburgers die hun eigen rechtbanken hadden, volgens hun eigen regels mochten huwen en scheiden en verplicht waren om een belasting te betalen omdat ze geen soldaat konden worden. Maar ze hadden wel burgerrechten, en dat was in het grootste deel van Europa niet zo. Waar trokken de 250.000 joden naartoe die Spanje in 1492 het land uit jaagde? Voor het grootste deel naar het Ottomaanse Rijk. Saloniki, wat vandaag Thessaloniki is, werd toen de stad met de grootste joodse bevolking ter wereld. Ze waren er in de meerderheid, wat volstrekt uniek was tot het ontstaan van Israël. Ik wil niet beweren dat het allemaal rozengeur en maneschijn was, maar er waren slechtere plaatsen om te leven.”

Selim stierf in 1520. Hij was amper vijftig en was nog maar acht jaar sultan. Op dat moment had hij het plan opgevat om Marokko te veroveren. Waarom wou hij per se naar daar?

Mikhail: “Om zijn territorium in Noord-Afrika af te maken wellicht. Alleen Marokko ontbrak nog. En dan kon hij ook de Straat van Gibraltar beheersen, wat toch de ingang is naar de Middellandse Zee.”

Dat plan stierf samen met hem. Stel dat hij was blijven leven, wat hadden we dan nog mogen verwachten?

Mikhail: “Dat is natuurlijk een hypothetische vraag, dus enige voorzichtigheid is hier op zijn plaats. Maar stel dat de Ottomanen Marokko veroverd hadden, dan zouden ze voor het eerst aan de Atlantische kust gezeten hebben, maar ook vlakbij Spanje, net aan de overkant van de Straat van Gibraltar. Misschien hadden ze Granada wel terug proberen veroveren.”

Of van daaruit naar Amerika?

Mikhail: “Dat weten we niet. Echte bewijzen hebben we daar niet voor. We weten dat hij geïnteresseerd was in de nieuw wereld aan de overkant van de oceaan. In 1517 kreeg hij een wereldkaart in handen waar zowel Europa als Amerika op stonden. Hij scheurde de kaart in twee en behield alleen het Europese stuk. Drie jaar later kreeg hij weer een kaart, maar toen was zijn reactie helemaal anders. Hij spreidde ze uit op een tafel en gaf een van zijn cartografen de opdracht alle Spaanse namen te vervangen door Ottomaans-Turkse, dus ook die van Amerikaanse plaatsen en eilanden. Dat laat toch iets vermoeden, denk ik. Anderzijds waren de Ottomanen zo oppermachtig in het Middellandse Zee-gebied dat ze wellicht niet echt geneigd waren om schepen de oceaan over te sturen. De Spanjaarden en de Portugezen deden dat ook alleen maar omdat ze in Europa in de verdrukking kwamen en dus hun geluk elders wilden proberen. Maar Marokko bleef de fantasie van de Ottomanen beroeren, honderden jaren lang, omdat het zo strategisch gelegen is natuurlijk.”

En toch had Selims zoon Süleyman er geen interesse in.

Mikhail: “Hij veroverde Rhodos, een paar plaatsen in de Balkan, en vooral Irak. Süleyman bestendigde vooral de veroveringen van zijn vader. In het westen wordt hij De Prachtlievende genoemd, maar in Turkije staat hij bekend als De Wetgever. Onder zijn bewind werd het Rijk echt een geïntegreerd geheel en geen amalgaam van verschillende gebieden. Daar was Selim trouwens al mee begonnen. De Ottomanen waren zachte veroveraars. Ze zetten hier en daar hun mannetjes neer in de veroverde gebieden en lieten voor de rest zowat alles bij het oude. De machtige families konden hun macht behouden. Ze betaalden nu gewoon belastingen aan de Ottomanen. Niemand werd verplicht om Ottomaans-Turks te leren of zich te bekeren. Het leven van de burgers veranderde niet echt radicaal. Selim had al het idee dat er op bestuurlijk vlak echter meer eenheid moest komen. Traditioneel had een rechter het volle interpretatierecht over de sharia. De een oordeelde zo en de ander anders en daar was niets tegenin te brengen. Door Selim werd er een wetboek opgesteld en kregen de rechtbanken ook bestuurlijke bevoegdheden. Je kon er je eigendommen laten registreren en er werden huwelijken gesloten. Het was in feite een verwereldlijking van heel veel zaken die voordien in handen van religieuzen waren geweest. Je zou het kunnen zien als een islamitische reformatie. Süleyman zette die gewoon voort en ging nadien met de pluimen lopen.”

Is het in dit opzicht niet vreemd dat de huidige Turkse president Erdogan zo’n fan is van Selim? Hij wil het belang van de islam in het bestuur van de staat toch juist groter maken?

Mikhail: “Erdogan en zijn partijgenoten van de Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling zien zichzelf graag als de erfgenamen van het Ottomaanse Rijk. Dat is opmerkelijk omdat de Turkse politiek sinds de invoering van de republiek in 1923 zich vooral heeft willen distantiëren van het verleden. Dus gebruikte men geen Arabisch schrift meer, maar Latijnse letters en keek men meer naar Europa dan naar het Midden-Oosten. Het werd een seculiere republiek waarin de islam geen rol mocht spelen in het publieke leven. Erdogan is de eerste president om daar tegenin te gaan. Niet dat hij wil breken met de voorbij eeuw, maar hij wijst ook op het glorieuze moslimverleden van zijn land. Kijk eens wat we allemaal verwezenlijkt hebben, we hebben zelfs Amerika ontdekt. Daar past dat idee in. En de islam keert terug in het publieke leven. Vroeger mochten vrouwen geen hoofddoek dragen in openbare gebouwen. Nu wel. Dat de Hagia Sophia opnieuw een moskee is past daar ook in. En dat de derde brug over de Bosporus, die in 2016 werd geopend, de naam van Selim kreeg, zegt ook veel. De eerste heet gewoon de Bosporusbrug. De tweede werd genoemd naar Mehmet, de sultan die Constantinopel veroverde. Daar is dus ook een logische verklaring voor. De derde had naar om het een wat of wie genoemd kunnen  worden, maar het werd dus Selim. Waarom loopt Erdogan zo hoog op met Selim? Omdat hij meer gebied veroverde dan enige andere sultan. Erdogan wil een expansionistische Turkse leider zijn. Hij heeft nu een poot in Libië, steunt troepen in Jemen, de Moslimbroeders in Egypte en Hamas in Gaza. Wanneer hij kan geeft hij er Saoedi-Arabië van langs, probeert hij invloed uit te oefenen in Iran, en zet hij met veel bombarie in op het winnen van gas in de Zwarte Zee en de Middellandse Zee. Dat Selim naast sultan door zijn verovering van Mekka en Medina ook kalief was en dus een religieuze leider spreekt Erdogan ook aan, en dan is er natuurlijk de meedogenloosheid waarmee hij zijn tegenstanders te lijf ging. Erdogan doet dat net zo met journalisten, politiek links georiënteerden, Koerden, academici, Alevieten, vrouwen en ieder ander die hem niet aanstaat.”

Moeten we bang zijn voor hem?

Mikhail: “Hij is een gewiekst realpoliticus die het internationale systeem maximaal probeert te manipuleren. Kijk naar wat er volgde op de poging tot staatsgreep van juli 2016. Die wist hij binnen de kortste keren om te buigen tot een overwinning. Ik denk niet dat hij een ander land, zoals Egypte bijvoorbeeld, zal binnenvallen. Zozeer identificeert hij zich nu ook weer niet met Selim, maar hij ondersteunt wel de Moslimbroeders die het Egyptische regime ondermijnen en de rebellen in Jemen die tegen Saoedi-Arabië vechten.”

Maar stel dat hij toch verdergaat. Wie houdt hem dan tegen?

Mikhail: “Niemand. Hij heeft de EU volledig in zijn zak doordat hij de vluchtelingenstroom beheerst. En Turkije is lid van de NAVO. Bovendien leven we in een wereld waarin mannen als Erdogan, Poetin, Trump en Bolsonaro populair zijn en elkaar uit de wind zetten. Op de laatste dag van de Republikeinse conventie twee weken geleden werd een stel voormalige politieke gevangenen opgevoerd die Trump zogezegd vrij had gekregen. Daar was een fundamentalistische christen bij die een paar jaar in een Turkse gevangenis had gezeten omdat proselitisme in dat land verboden is. De man doet zijn verhaal, waarop Trump breed glimlacht en overgaat tot het zingen van de lof van Erdogan, wat een fijne kerel hij wel is en hoeveel fantastische zaken hij niet doet. Ook al had hij die Amerikaan wel twee jaar in de cel laten zitten. Dat bedoel ik dus.”

Eerder verschenen in Knack

Samenvatting

De invloed van het Ottomaanse rijk op de wereldgeschiedenis is lange tijd onderbelicht gebleven. Anders dan in West-Europa werd aangenomen, was het een brandpunt van intellectuele activiteit, geopolitieke macht en verlicht pluralistisch bestuur. Leider van de vooruitgang was de almachtige sultan Selim I (1470-1520). Geholpen door zijn begaafde moeder, Gülbahar, breidde hij het rijk enorm uit.

In Gods schaduw maakt Mikhail het Ottomaanse rijk van Selim I en de islam tot de spil van de globale geschiedenis. Hij herdefinieert gebeurtenissen als de reizen van Columbus, de protestantse reformatie, de trans-Atlantische slavenhandel en de verovering door de Ottomanen van het Midden-Oosten en Noord-Afrika.

Op basis van niet eerder onderzochte bronnen brengt Mikhail sultan Selim I en zijn tijd met veel oog voor detail tot leven. Een baanbrekend boek dat onze westerse blik drastisch bijstelt.

Toon meer Toon minder
€ 35,00

Verwachte leverdatum: vrijdag 30 oktober


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789025304485
Verschijningsdatum
september 2020
Druk
1
Aantal pagina's
560 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
320: Literaire non-fictie algemeen
Thema's
  • Geschiedenis en archeologie
  • Geschiedenis
Categorieën

Auteur
Uitgever
Athenaeum

Vertaald door
Arian Verheij

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen