Uit de diepten van de hel

Keizers, bisschoppen, ketters, het verval van het christendom en de opkomst van de islam

Auteur(s): Marcel Hulspas
Taal: Nederlands
0,2/5
3 recensies
Uit de diepten van de hel
Uit de diepten van de hel
Uit de diepten van de hel

Recensie

Aantal recensies: 3

Recensie door: Jona Lendering
4/5

Keizers, bisschoppen, ketters en het verval van het christendom

[Blog] Griekenland en Rome. Twee volken met een gedeelde, klassieke cultuur: dit is hoe we het beste kunnen kijken naar de antieke mediterrane wereld in de eerste eeuwen van onze jaartelling. We kennen de literatuur van enkele minderheden, zoals teksten in het Armeens, Hebreeuws en Aramees, maar vrijwel alle bewoners van het Romeinse Rijk deelden in meerdere of mindere mate in de klassieke cultuur. Zelfs degenen die erbuiten woonden, keken ernaar op. De Franken en Visigoten probeerden bijvoorbeeld een Romeins staatsapparaat op te bouwen.

Als iedereen Grieks-Romeins wilde zijn, komt de vraag op hoe de klassieke cultuur ten einde is gekomen, want vijanden had ze blijkbaar niet. Die vraag is oud: Zosimos was de eerste die keek naar het Romeinse Rijk als iets dat voorbij was. Als oorzaak wijst deze verstokte heiden op de verwaarlozing van de eredienst van de oude goden; als belangrijkste symptoom van de crisis wijst hij op de komst van vreemde stammen. Die hebben in de achttiende en negentiende eeuw opnieuw een rol gespeeld in de discussie, dit keer als oorzaak van de transformatie, en de twintigste eeuw leverde weer nieuwe verklaringen op.

Het onderliggende probleem is natuurlijk dat “de” ondergang van “de” antieke wereld een proces is van een paar eeuwen, waarover we minder informatie hebben dan we zouden willen. Dat maakt het mogelijk eigenlijk elke theorie te verdedigen en dus ontwaart iedere historicus in de Late Oudheid de problemen van de eigen tijd. De Britse parlementariër Edward Gibbon wilde bijvoorbeeld zijn tijdgenoten waarschuwen voor autocratie en zocht daarom de oorzaak van de Romeinse problemen in het ontbreken van een effectief werkend parlement, dat zijns inziens in de tweede eeuw n.Chr. bij het rijksbestuur had moeten zijn betrokken. Hij begon zijn verhaal dus op dat moment.

Een onderzoeker die echter hecht aan een sterke eenheidsstaat, zal zijn betoog beginnen in de derde eeuw; wie een hekel heeft aan het christendom, wijst op de dynastie van Constantijn in de vierde eeuw; wie vindt dat een overheid niet te ver moet terugtreden, selecteert de vijfde eeuw. Gelovigen in de rassenstrijd kiezen de Grote Volksverhuizingen en islamofoben nemen de zevende eeuw. Ieder zijn eigen val van Rome, ieder zijn eigen spiegel.

Ik denk dat dit moeilijk te vermijden is. Een paar jaar geleden zou ik “onmogelijk te vermijden” hebben gezegd, maar toen had ik Uit de diepten van de hel nog niet gelezen, het boek van Marcel Hulspas over de Late Oudheid. Hij betoogt dat het Romeinse Rijk mede in de problemen kwam door de eindeloze reeks discussies die de christenen voerden over de dubbele natuur van Christus. Ik heb het manuscript twee keer mogen lezen en ik geloof niet dat Hulspas, met zijn aandacht voor theologische haarkloverijen, een werkelijk actueel issue op de Oudheid projecteert. In tegendeel, zou ik zeggen.

Ook kan ik niet zeggen dat Hulspas een probleem heeft gezocht waarover weinig bronnen zijn, want de kerkelijke twisten zijn buitengewoon goed gedocumenteerd. En Hulspas heeft in elk geval mij ervan overtuigd dat die ruzies, die inderdaad gingen over de schaduw van een ezel, de veerkracht van het laat-Romeinse Rijk enorm hebben aangetast. De keizers moesten gemijterde heethoofden uit elkaar zien te houden en formuleerden daartoe het ene na het andere compromis, terwijl ze misschien nuttiger werk hadden kunnen doen in de grensverdediging of door een belastingherziening. De sektarische rellen konden bovendien leiden tot aanzienlijke verwoestingen. Het zou overdreven zijn te zeggen dat het Romeinse Rijk zichzelf ten gronde richtte, maar in combinatie met de natuurrampen ten tijde van Justinianus (een vulkaanuitbarsting en een epidemie) waren de disputen behoorlijk schadelijk.

Ik kan Uit de diepten van de hel zeker aanraden. Veel amusante ‘petite histoire’ (niets menselijks was die bisschoppen vreemd), heldere uitleg van al die wonderlijke religieuze disputen en een thema dat almaar niet verveelt.

Eerder gepubliceerd op Mainzer Beobachter.

Zie eveneens de andere recensies van Uit de diepten van de hel. De recensies geschreven door Jona Lendering en Richard Kroes.

Recensie door: Jona Lendering
4/5

Geschiedenis die we op het internet nog niet hebben

[Recensie/blog] Ik denk dat ik wel ongeveer weet wat een goed boek is. Ik zou het omschrijven als een boek dat onze cultuur helpt verrijken. Dat is inderdaad een flauwe formulering, aangezien er letterlijk honderden definities bestaan van cultuur, maar omdat die onderling familiegelijkenis vertonen, durf ik erop te vertrouwen dat u wel begrijpt in welke richting ik zoek. Als verrijking beschouw ik het als boeken nieuwe – of niet heel gangbare – ideeën toevoegen aan het conglomeraat van opvattingen dat al de ronde doet.

Anders gezegd, ik zoek boeken die iets vertellen dat we nog niet wisten, zoals Gödel, Escher, Bach dat destijds deed. Of die een helder overzicht bieden waar dat online niet bestaat, zoals Gzella’s De eerste wereldtaal, geschiedenis van het Aramees of Oudheid als ambitie van Enenkel en Ottenheym. Ik noem nu nonfictie-titels, maar ik verwacht hetzelfde van fictie. Dat is immers slechts een andere manier om ideeën over te dragen.

Om me tot geschiedenisboeken te beperken: daarvan verwacht ik om te beginnen dat de argumentatie op orde is. Een auteur moet niet à la Tom Holland negentiende-eeuwse sjabloons herhalen, maar de stand van zaken in het onderzoek kennen. Verder verwacht ik dat een boek in evenwicht is. Een Simon Schama die in zijn The Story of the Jews wél alle anti-joodse polemieken van de christenen opsomt maar onvermeld laat dat de joden terugscholden, schrijft gewoon geen goed boek.

Goede boeken (en dat mogen wat mij betreft ook websites zijn) verdienen onze aandacht en daarom hebben we boekenbijlagen die ons laten weten wat we aan moois kunnen toevoegen aan onze kennis. Het probleem is dat het lang niet altijd de beste boeken zijn die worden gerecenseerd. Soms ontdekt de recensent dat te laat. Ik had al aan het Handelsblad toegezegd dat ik het boek van Schama zou bespreken, en nog snel bovendien, toen ik ontdekte dat het beter in welverdiende vergetelheid was geraakt. Dit was een mooi voorbeeld van een redactionele keuze die was gemaakt aan de hand van de reputatie van een van tv bekende auteur. Die reputatie bleek in dit geval niet terecht.

En omgekeerd: sommige boeken worden almaar niet besproken, zelfs al zijn ze alleszins de moeite waard. Ik had bijvoorbeeld graag meer aandacht gezien voor Uit de diepten van de hel van Marcel Hulspas. Hem heb ik persoonlijk leren kennen en aan dit boek werkte ik mee, dus u moet niet aannemen dat ik helemaal objectief kan zijn. U kunt hier lezen wat ik er al eerder over schreef.

Een belangrijk stuk geschiedenis
Verrijkt het onze cultuur? Ja. Hulspas vertelt het verhaal over de eerste grote transitie in de Europese geschiedenis, namelijk die van de Oudheid naar de Middeleeuwen, en daarbij concentreert hij zich niet op de vijfde eeuw, maar op de zesde. Daarmee heeft hij geen primeur, maar degenen die het belang van deze tijd benadrukken, letten vooral op de grote natuurrampen van die tijd: een vulkaanuitbarsting, hongersnood en een epidemie. Hulspas focust op de verzwakking van het Byzantijnse staatsapparaat door de grote christologische debatten. Daarover is ook wel meer geschreven, maar nooit eerder las ik het zó goed en overzichtelijk bij elkaar geplaatst. Kortom: Uit de diepten van de hel biedt een overzicht van een belangrijk stuk geschiedenis dat we op het internet nog niet hebben.

Theologische conflicten
Is de argumentatie op orde? Ja. Zoals gezegd: de natuurrampen die de laatste jaren het focus zijn van zoveel oudheidkundig onderzoek, komen keurig aan bod, zelfs al gaat het boek dus meer over kerkelijke twisten.

Is Hulspas misschien een Tom Holland die negentiende-eeuwse frames herhaalt? Is Hulspas een Schama die maar één kant toont? Nee. Hier geen geneuzel over de tegenstelling tussen heidendom en christendom, waarbij, afhankelijk van het gekozen perspectief, de ene partij lelieblank is en de andere gitzwart. Hulspas wijst op de zwakte die ontstond door het christelijke streven naar orthodoxie, maar ik kan daar met de beste wil van de wereld geen antichristelijke agenda in ontdekken.

Is het goed geschreven? Ja. Hulspas is een routinier en heeft oog voor het beeldende detail. Maar: hij springt niet van het ene geestige detail naar het andere, van het ene extreme voorbeeld naar het volgende. Het bizarre van de theologische conflicten wordt wel duidelijk, maar de voorbeelden die Hulspas kiest zijn representatief voor een groter verhaal. Ze vormen dat verhaal niet.

Een culturele verrijking
Is Uit de diepten van de hel volmaakt? Natuurlijk niet. Ik kan heus wel dingen noemen die ik zelf anders zou hebben geschreven en ik weet niet of elk van Hulspas’ interpretaties correct is. Ook ben ik bevooroordeeld omdat ik het manuscript heb gelezen voordat het naar de drukker ging. Desondanks durf ik te verdedigen dat een neutrale toeschouwer, die niet betrokken was bij de totstandkoming van dit boek, net als ik zou concluderen: hier hebben we een boek over een belangrijk onderwerp dat niet herhaalt wat we al op het internet hebben, hier hebben we een auteur die zijn betoog alleszins redelijk onderbouwt en beargumenteert, hier hebben we een boek dat niet een verlengstuk is van de negentiende eeuw, hier is een auteur aan het woord met een goed verhaal.

Kortom: als er in cultuurland zoiets zou bestaan als een onafhankelijke toezichthouder, dan denk ik dat die zou concluderen dat dit boek allang in de boekenbijlagen besproken had moeten zijn.

Eerder gepubliceerd op Mainzer Beobachter

Zie eveneens de andere recensies van Uit de diepten van de hel. De recensie geschreven door Jona Lendering en geschreven door Richard Kroes.

Recensie door: Richard Kroes

De opkomst van de islam

[Recensie] Uit de diepten van de hel, het nieuwe boek van Marcel Hulspas, gaat – net als zijn vorige twee boeken – weer over de islam. Nou ja: Hulspas pakt het net als in zijn eerste boek heel breed aan. De hoofdmoot bestaat uit een uitgebreide geschiedenis van de theologische debatten in het Byzantijnse Rijk over ingewikkelde kwesties als de vraag hoe dat nou precies zat met die Drieēenheid en hoe dat nou precies zat met de natuur van Christus: had-ie er nou één of twee? De goddelijke en/of de menselijke? En diezelfde vraag over persoon, natuur, energie en wil: één of twee van elk?

U denkt wellicht: waar gáát dit in vredesnaam over? Uw vraag is volkomen terecht. Hulspas legt het allemaal heel duidelijk uit, dus dat ga ik hier niet doen. Groot voordeel van zijn behandeling van de stof: het wordt heel duidelijk dat al die ‘theologische’ vraagstukken, tot op de dag van vandaag van belang voor de christenheid, niet alleen op basis van de schrift, theologische geleerdheid en vrome gedachtegangen aan een antwoord zijn gekomen, maar dat ook véél te grote ego’s van keizers en bisschoppen daar een niet geringe bijdrage aan hebben geleverd.

De doodgewone, ordinaire geschiedenis van macht, intriges en kuiperij komt in deze theologische geschiedenis uitgebreid aan bod en ook deze keer schuwt Hulspas de voetnoot niet voor de sappige details die hij in zijn hoofdlijn geen plek kon geven.

Ik denk dat dit boek het enige is dat helder en duidelijk, voor een breed publiek uiteenzet hoe allerlei theologische punten in de islam verbonden zijn met christelijke theologische discussies. Ook deze keer laat Hulspas duidelijk zien dat de islam niet in een woestijn-uithoek van de wereld is ontstaan, maar middenin de – ook theologische – verwikkelingen van de wereld zijn oorsprong vond.

Het eigenlijke doel van Hulspas boek is een verklaring vinden voor het enorme en snelle succes van de islam en in zijn ogen wordt daarbij de rol van de theologische debatten – en de verzwakking van het Byzantijnse Rijk die deze hebben veroorzaakt – steevast over het hoofd gezien. Daarnaast zou de vroege islam – en in Hulspas’ boek is dat nét even iets anders dan de islam zoals we die nu kennen – de Arabieren de ideologie hebben verschaft die hun veroveringen inspireerde, namelijk het idee dat zij – als afstammelingen van Abraham – aanspraak konden maken op Gods belofte aan Abraham: talrijk nageslacht en het Beloofde Land.

Ik denk niet dat hij gelijk heeft, maar voor het verhaal dat hij vertelt – en dat is een verhaal dat zonder meer waard is verteld te worden – maakt dat eigenlijk niet uit.

Er is in dat Byzantijnse rijk een boel overbodig gesoebat over theologische haarkloverijen en die discussies hebben hele duidelijke, zeg maar fysieke, gewelddadige consequenties gehad die zeker bijgedragen zullen hebben aan de verzwakking van het rijk. Dat punt verdient het gemaakt te worden. Anderzijds wordt – ook uit Hulspas’ boek – meer dan duidelijk dat de hoofdoorzaken gezocht moeten worden in een klimaatsverandering (waar we helaas veel te weinig over horen), een pestepidemie en bovenal de uitputtingsoorlog met het Perzische rijk van de Sassaniden. Datzelfde verzwakte Byzantijnse rijk kreeg de Perzen (nog nét) wel op de knieën.

Je zou je bovendien kunnen afvragen of het zonder al die theologische noviteiten beter afgelopen zou zijn. Per slot van rekening zijn de véél te grote ego’s van keizers en bisschoppen een ding van alle tijden. Die hadden echt wel wat anders gevonden om elkaar mee te sarren dan de Tweenaturenleer. En waren er ook theologische conflicten nodig om de Sassaniden aan hun einde te helpen?

Ook het idee dat de Arabieren ‘ontdekten’ dat zij als afstammelingen van Abraham ook vielen onder Gods belofte van een talrijk nageslacht (check) en bezit van land (hé, nog niet check) en zo op hun veroveringen uitgekomen zouden zijn, lijkt de omgekeerde wereld. Het is toch doorgaans – om met Marx te spreken – de onderbouw die de bovenbouw bepaalt en niet andersom.

De Arabische veroveringen kwamen door de stammendynamiek op gang, leidden onverwacht tot enorme gebiedsuitbreiding, dankzij het ineenstorten van het Sassanidische rijk en het bijna ineenstorten van het Byzantijnse, en creëerden zo een situatie waar een religieuze legitimatie niet onwelkom was. Het zou anders wel héél toevallig zijn dat de Arabieren hun theologische ontdekking deden, nét vlak voor het moment dat twee grote wereldrijken door hun hoeven zakten en de consequenties mogelijk maakten.

Dat alles gezegd zijnde: Hulspas brengt zijn verhaal met verve, vlot, overtuigend en met veel details en heeft een invalshoek gekozen die een zonder meer verrassende kijk op de geschiedenis levert.

Full disclosure: ik ken Marcel persoonlijk, ben heel zijdelings bij zijn eerste boek over de islam betrokken geweest, maar niet bij dit boek, dat ik u desalniettemin van harte aanraad.

Eerder verschenen op Apoftegma

Samenvatting

De toekomst zou schitterend zijn. Het Romeinse rijk was voortaan christelijk, en de keizer zou het geloof verspreiden, te vuur en te zwaard. Niets stond de eindoverwinning van het christendom nog in de weg.

Het loopt anders. Ketters zaaien verdeeldheid. Machtige patriarchen vliegen elkaar in de haren, strooien met goud en nemen massa’s agressieve ‘supporters’ mee naar concilies om hun zin door te drukken. Ondertussen proberen keizers eenheid af te dwingen en worden bisschoppen verbannen, gemarteld of vermoord. En niemand kan het uiteenvallen van de kerk én het rijk tegenhouden.

We leren er niet veel over op school, over de ondergang van het Romeinse rijk. Na Julius Caesar gaat het al snel over Karel de Grote. Daarmee missen we een fascinerend verhaal met een werkelijk adembenemend slot. Eerst een diepe crisis, dan een verwoestende oorlog en daarna duiken uit de woestijn, als uit de diepten van de hel, enorme Arabische legers op. Niets kan hen tegenhouden. Kerk en rijk storten ineen.

Het is een verhaal zó fantastisch dat je het onmogelijk kunt verzinnen. Zoiets kan alleen maar echt gebeurd zijn.

Toon meer Toon minder
€ 27,99

Verwachte leverdatum: vrijdag 03 april


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789025310066
Verschijningsdatum
maart 2019
Druk
1
Aantal pagina's
464 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
320: Literaire non-fictie algemeen
Thema's
  • Biografie, literatuur en literatuurstudies
  • Biografie en non-fictieproza
Categorieën

Uitgever
Athenaeum

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden