Voor 23:00 besteld, morgen in huis

Gratis verzending vanaf €17,50

Steun de boekensector

De tirannie van verdienste

Over de toekomst van de democratie

Auteur(s): Michael J. Sandel
Taal: Nederlands
0,25/5
4 recensies
De tirannie van verdienste
De tirannie van verdienste
De tirannie van verdienste

Recensie

Aantal recensies: 4

Recensie door: Tanny Dobbelaar
5/5

Over de toekomst van de democratie

De auteur

[Recensie] Michael J. Sandel (1953) is hoogleraar politieke wetenschappen aan Harvard University. In Nederland verschenen eerder Niet alles is te koop – de morele grenzen van marktwerking (2012) en Rechtvaardigheid – wat is de juiste keuze? (2015). Omroep Human zond in 2017 een debatserie uit waarin Sandel discussieert met een internationale groep jongeren over ethische dilemma’s.

Het boek

We moeten streven naar een maatschappij met gelijke kansen voor iedereen. Waarin alle mensen, ongeacht kleur, afkomst of sekse, kunnen opklimmen door hun talenten optimaal te gebruiken.

Dit meritocratische ideaal heeft lang gedomineerd in linkse kringen, inclusief de Amerikaanse Democraten. Toch stemmen mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt steeds vaker rechts-conservatief. Ze keren zich af van partijen die gelijke kansen als ideaal zien. Hoe kan dat?

Tot eind jaren zeventig kon de naoorlogse generatie ook zonder diploma een goede baan vinden en een aangenaam leven leiden, schrijft Sandel. Daarna verloor het meritocratisch ideaal zijn effectiviteit. De ongelijkheid nam in de VS spectaculair toe. Steeds scherper is de tweedeling tussen winnaars en verliezers, tussen ‘elite’ en ‘volk’, tussen mensen met en zonder diploma.

Een van hoofdrolspelers in De tirannie van verdienste is de Amerikaanse topuniversiteit die zich laat voorstaan op de selectie van puur talent. Ten onrechte, want kinderen van rijke donateurs krijgen voorrang. Bovendien hebben kinderen van hoogopgeleiden veel meer kans op een studieplek, zelfs als ze minder slim zijn.

Ook de Amerikaanse Democraten hebben bijgedragen aan de giftige intuïtie dat maatschappelijk succes uitsluitend je eigen verdienste is. Sandel schrijft dat Obama de predicaten ‘slim’ en ‘dom’ significant vaker gebruikt dan zijn voorgangers. Obama’s favoriete slogan You can make it if you try is nogal denigrerend voor wie achterblijft op de sociale ladder. Dat zijn de losers die hun slechte omstandigheden aan zichzelf te danken hebben. Wat ontbreekt, is een politiek ideaal waarin ook mensen zonder maatschappelijk succes een goed leven leiden.

Productontwikkeling

In een meritocratische samenleving beschouwen ouders de opvoeding van hun kinderen als een vorm van productontwikkeling: je moet eruit halen wat erin zit, anders kan je kind de competitie met anderen niet aan. Geluk en toeval spelen geen rol meer: alles is je eigen schuld.

Meritocratie kán eenvoudigweg geen goed ideaal zijn, concludeert Sandel. Winnaars worden er hoogmoedig en zelfgenoegzaam van, verliezers bitter en wrokkig. Geen wonder dat het zelfmoordpercentage in de VS onder witte mannen zonder diploma stijgt – niet toevallig de groep die vaker op Trump stemt.

Opvallende passage

“Hoe meer we onszelf beschouwen als mensen die aan zichzelf genoeg hebben en zelf hun eigen bestaan hebben opgebouwd, hoe minder waarschijnlijk het wordt dat we ons zullen bekommeren om het lot van degenen die het minder getroffen hebben dan wijzelf.”

Redenen om het niet te lezen

Sandels diagnoses van de VS zijn niet vanzelfsprekend van toepassing op Europese landen. Bovendien schemert de Engelse taal soms door deze vertaling heen.

Redenen om het wel te lezen

Zonder op zijn hurken te gaan zitten, analyseert Sandel haarscherp de enorme kloven in westerse samenlevingen. En hij doet voorstellen. Zo geeft hij een rechts-conservatief, Republikeins alternatief voor meritocratie: focus niet op de vrije markt, maar op de gemeenschap. Beschouw mensen in de eerste plaats niet als consumenten maar als producenten van zinvol werk voor hun gemeenschap.

Een progressief ideaal voor meritocratie schetst hij ook: hogere belastingen op consumptie, vermogen en financiële transacties. Als zelfs Warren Buffet het gek vindt dat hij een lager belastingpercentage betaalt dan zijn secretaresse, dan is het hoog tijd om woekerwinsten in de financiële sector aan te pakken.

Eerder verschenen in Trouw en op Tanny Dobbelaar

Recensie door: Jos van Dijk

Het uitbuiten van de onderklasse gaat nu onzichtbaar

De meritocratie moest een correctie zijn op de privileges van een rijke, aristocratische elite. Nu bedreigt een nieuwe, hoog opgeleide elite de democratische verhoudingen.

[Recensie] Eind jaren vijftig publiceerde de Britse socioloog Michael Young een boek onder de titel The rise of the MeritocracyHij reageerde op de onderwijspolitiek van de Britse Labourpartij die de klassenmaatschappij wilde doorbreken met een sociale ordening op basis van talent. Young schreef een dystopie over de gevolgen die dit streven zou hebben in jaren dertig van de 21e eeuw. Zijn verhaal loopt uit op een opstand van de onderklasse van ongediplomeerden tegen de hoog opgeleide elite. De waarschuwing, die in zijn als satire begrepen boek besloten lag, werd niet gehoord.

Met New Labour herhaalde Tony Blair rond de eeuwwisseling de boodschap uit de jaren vijftig: “Wij geloven dat mensen in staat moeten zijn om op te klimmen op grond van hun talenten en niet op basis van hun afkomst of privileges.” In The Guardian reageerde de inmiddels 85-jarige Young met ontsteltenis. Het leek er op of zijn voorspelling ging uitkomen. ‘Ik verwachtte dat de armen en de achtergestelden de pineut zouden worden, en dat blijkt ook zo te zijn. (…) Het is nogal zwaar om in een samenleving die zozeer hecht aan de verdienste te worden weggezet als iemand die het daaraan ontbreekt. Nog nooit eerder werd een onderklasse in moreel opzicht zo radicaal moreel uitgekleed.’

We zijn nu weer twintig jaar verder. De Amerikaanse politicoloog en ethicus Michael Sandel doet in zijn recent verschenen De tirannie van verdienste; over de toekomst van de democratie een nieuwe poging om het besef te laten doordringen dat de meritocratie een gevaar is voor de democratie. In elk geval in de VS.

Populisten

Met verwijzing naar de gefrustreerde Amerikaanse arbeidersklasse die in 2016 Trump aan de macht bracht, en naar de Britse arbeiders die in datzelfde jaar de Brexit steunden en zich massaal afkeerden van Labour, meent Sandel dat de opstand die Young voor de jaren dertig voorspelde nu al een feit is. Volgens Sandel heeft de onderschatting van de ‘duistere kant’ van de meritocratie de basis gelegd voor het anti-elitaire populisme. Het idee dat iedereen in werk, inkomen en prestige beloond wordt naar zijn of haar verdienste moet onverbiddelijk tot de conclusie leiden dat degenen die er niet slagen een verdienstelijke positie te bereiken het ook niet waard zijn en dit vooral aan zichzelf te wijten hebben. Een voedingsbodem voor anti-elitair ressentiment.

In de oude klassenmaatschappij lag de onrechtvaardigheid van de sociale verhoudingen er nog dik bovenop. Dat bracht een brede, veelbelovende emancipatiebeweging voort die een eind zou maken aan onrecht en die er voor zou zorgen dat iedereen gelijke kansen kreeg op sociale mobiliteit. Maar na tijdelijke successen van de arbeidersbeweging in de verzorgingsstaat is de sociale ongelijkheid inmiddels groter dan ooit en is de sociale mobiliteit voor grote groepen uit de arbeidsersklasse eenvoudig gestopt. Zij kunnen nu niet meer een beroep doen op een algemeen aanvaard sociaal onrecht zoals voorheen, want in de meritocratie telt onder alle omstandigheden uitsluitend de individuele verdienste. Wie het dus minder goed gaat in een maatschappij waarin alles draait om persoonlijk succes, behaalde diploma’s en andersoortige individuele credits verliest al snel een gevoel van eigen waarde. En juist dat aspect van de meritocratie wordt al decennia lang genegeerd door linksliberale politici, schrijft Sandel met verwijzing naar de Amerikaanse Democratische Partij. Die verliest haar traditionele aanhang des te meer als ze dit gevoel van eigen waarde ook nog eens onderuit halen door bepaalde groepen weg te zetten als een ‘basket of deplorables‘.

Hoogmoed

Het probleem van de meritocratie als systeem van winnaars en verliezers is naast het opwekken van ressentiment bij de verliezers op basis van gevoelens van minderwaardigheid ook gelegen in de hoogmoed die de winnaars ten toon spreiden. Sandel (p.38)

“Het denkbeeld dat het systeem aanleg en inspanning beloont zet de winnaars ertoe aan om hun succes te beschouwen als iets wat ze volledig op eigen kracht behaald hebben – een teken van deugdzaamheid – en om neer te kijken op mensen die het minder goed getroffen hebben dan zij.”

Die meritocratische hoogmoed zit vervolgens gevoelens van empathie in de weg en verhindert de broodnodige solidariteit die elke samenleving moet behoeden tegen het uiteenvallen in onverzoenlijke kampen.

Sorteermachines

Michael Sandel is hoogleraar aan Harvard University. Zijn boek gaat vooral over de Verenigde Staten en is geschreven vanuit zijn ervaringen op een topuniversiteit. Hij beschrijft zijn instituut als een ‘sorteermachine’ waar testresultaten, cijfers maar ook sportprestaties bepalen of iemand wordt toegelaten. De voorbereiding voor de toelating op de Amerikaanse universiteiten is big business. Ouders die het zich kunnen veroorloven besteden veel geld aan bureautjes die de leerlingen naar de top begeleiden. Ze kunnen al dan niet als alumni van een universiteit ook een plek voor hun kroost verwerven door flinke donaties. Dat de Amerikaanse meritocratie gebaseerd is op zuivere verdienste is dus een mythe. Het maakt het allemaal nog pijnlijker vanuit het standpunt van degenen die er niet in slagen een universitair diploma te bemachtigen. De meritocratische belofte die de Democratische Partij, de Clintons, maar ook Obama, jarenlang hebben uitgevent wordt niet waargemaakt. Wie er nog wel in gelooft en om welke redenen dan ook moet constateren dat hij of zij bij de verliezers behoort kan er moedeloos van worden.

Europa

De tirannie van verdienste is op de eerste plaats een kritiek op de Amerikaanse politiek en dan vooral op de Democratische Partij. Op de achterflap van het boek veralgemeniseert de uitgever het onderwerp van Sandel’s boek tot “een probleem van onze samenleving”. Dat gaat wat ver, maar anderzijds hebben de Verenigde Staten althans in Nederland nog steeds een belangrijke voorbeeldrol. En er zijn ook in ons land tekenen van een tirannie van verdienste. Denk bijvoorbeeld aan wat Sandel noemt het ‘opdringerig ouderschap’: ouders die zich obsessief, vaak en intensief bezig houden met het succes van hun kinderen en ook bereid zijn daarin te investeren wat ook hier een lucratieve huiswerkindustrie op gang heeft gebracht. Time schreef ooit dat ouderschap veranderd is in ‘productontwikkeling’. Een onderzoek van de Universiteit Twente bracht aan het licht dat 80% van de studenten kampt met stress.

Degradatie van werk

Beter herkenbaar voor Europese verhoudingen vond ik wat Sandel in het laatste hoofdstuk van zijn boek schrijft over de waardering voor werk. Enerzijds is er de gegroeide inkomenskloof, die in de Verenigde Staten nog tientallen malen groter is dan in Europa. Maar ook in ons land geldt dat de mondialisering van de economie voor hoger opgeleiden meer heeft opgeleverd dan voor lager opgeleiden van wie het werk is verplaatst of eenvoudigweg niet meer bestaat dankzij de automatisering. Het neoliberale principe dat de marktwaarde leidend is voor het loon heeft de sociale ongelijkheid sinds het einde van de vorige eeuw fors vergroot. Van alle Amerikanen voor wie het hoogste diploma dat van de middelbare school is, schrijft Sandel, had in 2017 slechts 68% een baan.

Er is niet alleen sprake van een materiële armoede, maar ook van wanhoop. Sandel citeert een Amerikaans onderzoek naar deaths of despair: een ‘epidemie’ aan sterfgevallen door zelfdoding, overdoses drugs of medicijnen en leverziekten als gevolg van alcoholmisbruik. Nederland heeft gelukkig een beter zorgsysteem dan de VS. Maar om te voorkomen dat Nederland ook hier het voorbeeld van de Verenigde Staten gaat volgen is het noodzakelijk dat de politiek de morele opgave ziet die voortvloeit uit de ook hier, zij het in minder sterke vorm bestaande tirannie van verdienste.

De waarde van werk

Sandel pleit voor een opwaardering van de burger als producent, medevormgever van de maatschappij, in plaats van uitsluitend als consument. Alle arbeid kent zijn waardigheid, is een uitspraak van Martin Luther King. In het werk wordt de mens mens en tegelijk deel van de gemeenschap. Dat vraagt om een rechtvaardige waardering van werk, waaruit dat dan ook bestaat, in plaats van ‘materieel succes te interpreteren als teken van morele verdienste.’ Dat vraagt dan ook om het terugsnoeien van de macht van het geld, die dankzij de financialisering van de economie, alle perken te buiten gaat.

Ondanks het Amerikaanse stempel is De tirannie van verdienste een belangrijk en urgent boek, ook voor de Nederlandse politiek. Young’s boodschap moge vergeten zijn. Met Sandel krijgen we een nieuwe kans om de verhoudingen recht te zetten, ongelijkheid terug te dringen en de democratie te versterken.

Eerder verschenen op Sargasso

Recensie door: Suzanne van den Eynden

Over de toekomst van de democratie

[Signalering] Een samenleving waarin alle kinderen evenveel kans hebben op de beste opleidingen, ongeacht hun huidskleur of het inkomen van hun ouders. Waarin iedereen kan opklimmen van krantenmeisje tot miljonair.
Klinkt dit als de gedroomde maatschappij? Niet volgens politiek filosoof en moral rockstar Michael Sandel. Want hoe rechtvaardig bovenstaande ook klinkt: op het hedendaagse meritocratische ideaal, waarin niet afkomst maar verdienste centraal staat, is het nodige af te dingen, schrijft hij in het verhelderende en toegankelijke boek De tirannie van verdienste. Bij die ‘eigen verdienste’ komt een enorme portie geluk kijken, namelijk aangeboren talent. Ook een kwestie van geluk is de mate waarin een samenleving talent waardeert. Dat voetballers en bankiers miljoenen verdienen, komt door het toevallige belang dat wij hechten aan voetbal en zakelijke dienstverlening. Marktwaarde zegt dan ook niets over morele waarde, stelt Sandel.

Grootste probleem van meritocratie is dat het bij de ‘winnaars’ leidt tot arrogantie en minachting jegens de minder succesvollen, en een gevoel van vernedering bij die laatste groep. Onder het motto ‘gelijke kansen voor iedereen’ is het immers makkelijk denken dat succesvolle mensen hun succes ook verdiend hebben. Ergo: de ‘losers’ hebben niet hard genoeg hun best gedaan. Een voedingsbodem voor onvrede, polarisatie en protesten, stelt Sandel. Hij pleit dan ook voor een rechtvaardige verdeling van inkomen én erkenning. De mate waarin we werk waarderen, moet niet meer afhangen van de marktwaarde of de noodzaak voor een universitair diploma. Daarnaast zou een gezonde portie bescheidenheid ten aanzien van onze prestaties de weg vrijmaken voor een minder rancuneuze en meer vrijgevige maatschappij.

Eerder verschenen in De Helling

Recensie door: Marthe Kerkwijk

De waarde van werk

[Recensie] Wie verdient status en succes? Volgens de meeste mensen, waaronder progressieve liberalen, zou het nest waarin je geboren bent, het inkomen van je ouders of je culturele achtergrond er niet toe moeten doen. Succes en status zouden verbonden moeten zijn aan je eigen inzet en talenten, je lef en doorzettingsvermogen, je vermogen om kansen te grijpen. Verdienstelijke sporters, artiesten, wetenschappers en zakenlui verdienen sociale en financiële waardering wanneer zij op eigen kracht uitmuntende resultaten hebben bereikt en zo de competitie achter zich hebben gelaten. De Amerikaanse filosoof Michael Sandel toont in zijn boek De tirannie van verdienste aan welke problemen er kleven aan zulk meritocratisch denken. Hij legt de vinger op de zere plek, maar zijn oplossing laat te wensen over.

Winnaars en verliezers

Het is oud nieuws dat de kloof tussen arm en rijk de laatste tijd zowel dieper als wijder is geworden. Een kleine groep superrijken bezit meer dan de armste helft bij elkaar. En in plaats van dat we in woede ontsteken om zoveel onrecht en onze democratische macht benutten om dit euvel tegen te gaan, waaieren we deze elite ook nog eens enorme sociale status toe. We prijzen hun talenten, zakelijk inschattingsvermogen en risicobereidheid. We lezen hun autobiografieën en laten ons inspireren door hun succesverhalen. We bewonderen hun bijdrage aan economische groei, de banen die ze scheppen en het voorbeeld dat ze stellen. De winnaars van de strijd om geld en status onthalen we met wapperende vlaggen. Wie niet meedoet aan het gejuich en pleit voor nivellering weet niks van de wereld of is gewoon jaloers. Maar waar winnaars zijn, zijn ook verliezers. In een goede bui vinden we die zielig, in een slechte bui vinden we ze lui. In elk geval zijn verliezers te betreuren vanwege hun gebrek aan talent en ambitie. We halen weinig inspiratie uit het verhaal van iemand die zijn examens niet haalt en tot zijn pensioen de telefoon opneemt in een callcenter. Tegenover verliezers zijn eigenlijk maar twee houdingen mogelijk: betutteling of afwijzing.

De hypocrisie van kansengelijkheid

Betuttelaars wijzen erop dat de verliezers niet de kansen hebben gehad die de winnaars wel hebben gehad. De op- lossing daarvoor is kansengelijkheid: instituties zo inrichten, dat je kansen om te excelleren écht niet meer afhangen van het inkomen van je ouders, je gezondheid of je afkomst. Zolang die kansengelijkheid niet gerealiseerd is, moet de kansenongelijkheid gecompenseerd worden. De winnaars zullen zich dus over de verliezers moeten ontfermen. Kom op, biljardair, gun je personeel een minimumloon. Dit is het antwoord van progressieve liberalen op groeiende ongelijkheid, aldus Sandel. Het probleem met dit antwoord is de hypocrisie. Immers, door de verliezers te bestempelen als mensen die nu eenmaal pech hebben gehad, bevestigt dit antwoord hun status als verliezer, en door een beroep te doen op het rechtvaardigheidsgevoel van de elite ontkent dit antwoord enige actieve rol voor de verliezer en daarmee diens waardigheid. Daar komt bij dat progressieve liberalen vaak zelf tot de winnaars behoren. De hamvraag is, volgens Sandel, waarom zij pleiten voor kansengelijkheid in plaats van werkelijke gelijkheid. Hij toont haarfijn aan dat maatregelen die kansengelijkheid moeten vergroten altijd ongelijkheid in stand houden. We blijken onder het mom van kansengelijkheid best veel ongelijkheid te tolereren. Immers, iedereen kan toch opklimmen? Als je maar wilt! Maar deze gedachte verdiept alleen maar de kloof tussen winnaar en verliezer. Want als je met al die kansen nog steeds niet vooruitgaat, tja, dan zul je het wel aan jezelf te wijten hebben. Willen de hoogopgeleide progressieve liberalen hun privileges en status als winnaars wel echt in de waagschaal stellen? Geven zij werkelijk om gelijkheid, of profiteren zij daarvoor net iets te veel van de meritocratie?

Moreel nihilisme

Afwijzers zijn populisten als Donald Trump. Zij omarmen de retoriek van winnaars en verliezers, en spreken met openlijk dedain over verliezers. Bepaald geen moreel lovenswaardige houding, maar in zeker opzicht eerlijker, aldus Sandel. Deze retoriek erkent namelijk de geleefde ervaring van veel verliezers dat de meritocratische wereld nu eenmaal zo in elkaar zit. ‘De opkomst van populistische demagogen is een groot verlies voor de democratie, […] maar we hebben het er wel een beetje zelf naar gemaakt’ sche wereld nu eenmaal zo in elkaar zit dat er winnaars zijn en verliezers. Tegenover de ontkenning van deze realiteit die progressieve liberalen kenmerkt, is dat voor veel mensen een verademing. Eindelijk iemand die gewoon zegt waar het op staat. Het probleem met dit populistische antwoord is het morele nihilisme. De hoop die een populist kan bieden is namelijk niet de opheffing van de tegenstelling tussen winnaars en verliezers – wat liberalen wel pretenderen – maar de constructie van andere winnaars en verliezers: je betaalt de prijs van de verliezers, maar je bent niet de échte verliezer, dat zijn anderen. En die anderen construeert de populist dan vaak langs racistische en vrouwvijandige lijnen. De opkomst van populistische demagogen is een groot verlies voor de democratie, vindt Sandel, maar we hebben het er wel zelf een beetje naar gemaakt door marktwerking de plaats in te laten nemen van het algemeen belang en te doen alsof de winnaars van die marktwerking in sociale of morele zin het goede vertegenwoordigen.

Werk waarderen

Bovenstaande antwoorden hebben met elkaar gemeen dat ze niet echt een alternatief vormen voor de meritocratie: het systeem dat verdienste boven alles waardeert. Zowel populisten als progressieve liberalen leveren het algemeen belang uit aan marktwerking. Dat kan anders, vindt Sandel. Voor wie bekend is met het werk van Sandel is zijn antwoord weinig verrassend: het draait om het algemeen belang – the common good, Sandels filosofische handelskenmerk – waaraan in een gezonde democratie iedereen kan deelnemen en over mee kan praten, niet alleen de winnaars of de experts. Om te beginnen zouden we werkenden hun waardigheid kunnen teruggeven door werk als zodanig te waarderen. Niet alleen succesvol, innovatief, hoogopgeleid, risicovol en goedbetaald werk, maar elk werk dat iets bijdraagt aan het algemeen belang. Ook de callcentermedewerker en de orderpicker dragen immers bij aan de samenleving. Volgens Sandel is het hoog tijd dat we hen hiervoor waarderen, zowel financieel als in termen van sociale status en zelfwaarde. Dat is geen kwestie van betuttelende liefdadigheid van winnaars tegenover verliezers, maar simpelweg een erkenning van de actieve bijdrage van werkenden aan de maatschappij.

Geen revolutie, wel een verdienste

Sandels betoog is overtuigend in het stellen van het probleem. Lezers die meritocratische aannames of een geloof in kansengelijkheid willen blijven koesteren, moeten van goeden huize komen om weerstand te kunnen bieden aan de goed onderbouwde analyses van Sandel. Sociale erkenning op grond van verdienste is ten eerste net zo willekeurig als de traditionele erkenning op grond van familie of afkomst, waar verdienste voor in de plaats is gekomen, omdat verdienste vrijwel volledig het resultaat is van factoren buiten de controle van het individu. Dat gaat niet alleen om de kansen die je krijgt, maar ook om de talenten en het zelfvertrouwen dat nodig is om die kansen te kunnen grijpen. Slimme en zelfverzekerde mensen hebben geluk dat ze slim en zelfverzekerd zijn, maar zij hebben dat nauwelijks aan zichzelf te danken. Helaas voedt de meritocratie het idee dat we dat wel aan onszelf te danken hebben. Dit idee dat we de mate van ons succes aan onszelf te danken – of te wijten – hebben, veroorzaakt hoogmoed bij de winnaars en desillusie en zelfverwijt bij de verliezers. Voor de traditionele willekeur is dus een nieuwe vorm van willekeur in de plaats gekomen, maar dan eentje die de verliezers ook nog eens opzadelt met het demoraliserende idee dat ze er zelf verantwoordelijk voor zijn. De vraag is echter of de waardering van werk niet net zo goed een nieuwe kloof oplevert. Niet tussen winnaars en verliezers, maar tussen de nuttigen en de nuttelozen. Ik ben er niet van overtuigd dat dit wenselijker is. Als we werk waarderen, wat gebeurt er dan met de toch al zo precaire sociale status van werklozen, gepensioneerden, arbeidsongeschikten, kinderen en anderen die om wat voor reden dan ook niet werken? Ook kun je vormen van werk bedenken waarvan maar al te twijfelachtig is of het wel bijdraagt aan het algemeen belang. Mensen met zogenaamde bullshitjobs hebben in onze meritocratie al voldoende te twijfelen aan de zin van hun bestaan, zelfs als ze comfortabel verdienen en op verjaardagen nog wel slagen in de pretentie dat ze enig nut hebben. Waaraan kunnen deze mensen hun waardigheid ontlenen? Sandels antwoord luidt dat dit soort vragen nou precies onderwerp moeten zijn van morele publieke discussie over het algemeen belang. Maar dat is geen antwoord. Daarmee ontduikt hij legitieme vragen over zijn voorstel. Omdat dit soort vragen in de lucht blijven hangen, lukt het Sandel niet om echt te inspireren tot radicale omverwerping van de meritocratie ten gunste van iets beters. Desalniettemin is De tirannie van verdienste een aanrader, want Sandels scherpe en heldere analyse van de tirannie waar velen in een meritocratie onder gebukt gaan is een ware verdienste.

Eerder verschenen op ifilosofie

Samenvatting

‘Als we de gepolariseerde hedendaagse politiek achter ons willen laten, dienen we op de tast onze weg te zoeken en goed na te denken over wat mensen toekomt. Hoe komt het dat de betekenis van succes en verdienste de afgelopen decennia zo sterk veranderd is, en wel zodanig dat arbeid sterk aan waardigheid heeft ingeboet en veel mensen het gevoel hebben dat de elites op hen neerkijken?’ - Michael J. Sandel

Bestsellerfilosoof Michael Sandel maakt de balans op van de democratie. Veel mensen voelen zich niet meer vertegenwoordigd door de bestuurlijke elites en wenden zich tot populistische leiders en partijen. Het probleem is dat onze samenleving mensen met een hogere opleiding onevenredig beloont en de rest terzijde schuift. Dit is de tirannie van verdienste.

Sandel gaat na in hoeverre de aanklacht van ‘het volk’ tegen de elites terecht is. Waarom zou iemand met een universitaire opleiding meer over het algemeen welzijn mogen zeggen dan een persoon met een vmbo-diploma? Is dat rechtvaardig? 'De tirannie van verdienste' is een belangrijk boek voor iedereen die de democratie aan het hart gaat.

'De problemen die filosoof Michael J. Sandel aansnijdt in zijn nieuwe boek zijn complex, maar de boodschap is helder: de elite moet ophouden zich verheven te voelen boven de rest. Want succes is niet altijd een kwestie van verdienste.' - De Volkskrant

'Zonder op zijn hurken te gaan zitten, analyseert Sandel haarscherp de enorme kloven in westerse samenlevingen.' - Trouw (vijf sterren)

'Een radicaal, nieuw boek.' - Knack

'Sandel schrijft een scherpe kritiek.' - Het Financieele Dagblad

Toon meer Toon minder
€ 24,99

Verwachte leverdatum: zaterdag 06 november


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789025907501
Verschijningsdatum
oktober 2020
Druk
1
Aantal pagina's
368 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
730: Filosofie algemeen
Thema's
  • Filosofie en religie
  • Filosofie
  • Onderwerpen in de filosofie
  • Ethiek en morele filosofie
Categorieën

Uitgever
Have, Ten

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden