De Poolse bokser

Auteur(s): Eduardo Halfon
Taal: Nederlands
0,175/5
2 recensies
De Poolse bokser
De Poolse bokser
De Poolse bokser

Recensie

Aantal recensies: 2

Recensie door: Jan Koster
3/5

Zoeken maar niet vinden

[Recensie] De Poolse bokser is het romandebuut van Eduardo Halfon. Deze auteur heeft voorouders uit alle windstreken, Syrië, Libanon, Polen en Egypte. De broers en zussen van één van hen hebben zich, na te zijn gevlucht vanuit Beiroet, alle in andere delen van de wereld gevestigd om de kans op overleven van (een deel van) de familie te maximaliseren.
Hijzelf is geboren in Guatemala, maar hij is bepaald niet stevig geworteld. Halfon heeft gestudeerd in de VS en verdeelt zijn tijd zo’n beetje tussen deze landen. In deze roman, bestaande uit een aantal verhalen met een zekere samenhang, is hij altijd maar op zoek. 

Dat begint al in het eerste verhaal. Hij doceert literatuur. Er is één student die hem opvalt. Niet geheel toevallig want deze jonge man beschouwt hem als een klankbord voor zijn poëtische probeersels. Hij ontwikkelt zich goed en er ontwikkelt zich een band tussen leraar en student, maar van de ene op de andere dag is deze student afwezig. Halfon gaat naar hem op zoek.

Dit is een relatief klein verhaal. De grotere verhalen zijn wat uitgebreider en beslaan enkele tientallen pagina’s. Dit zijn niet per se de beste verhalen, maar door hun omvang blijven ze wel wat langer hangen.

Drie langere verhalen

Eén daarvan is het titelverhaal. De Poolse bokser heeft hoegenaamd niets met de auteur te maken maar zonder hem zou Halfon nooit geboren zijn. Althans, dat is wat zijn grootvader hem wil doen geloven. Tijdens wat de laatste nacht van zijn leven zou moeten zijn, voordat hij in Auschwitz zou worden gedood, heeft deze man Halfon’s grootvader ingefluisterd wat hij tijdens ondervragingen zou moeten antwoorden. Het zou hem hebben gered.

Dat lijkt overigens nogal twijfelachtig. Enerzijds omdat het er enige schijn van heeft dat de grootvader hem misschien wat op de mouw heeft gespeld. Anderzijds: ligt het voor de hand dat nazi’s welke Jood dan ook zo’n kans zouden gunnen?
Tegelijk met deze twijfels doemt de vraag op: in hoeverre is Halfon als verteller betrouwbaar? Normaal gesproken niet zo relevant, doch bij een boek dat de schijn heeft van een autobiografie is deze vraag wel van belang.

In een ander verhaal gaat hij op zoek naar een vriend die hem wekelijks een ansicht stuurt met daarop een tekst. Ineens stopt dat. Halfon belandt uiteindelijk in Belgrado. Een langer verhaal is ook dat van het huwelijk van zijn zus met een orthodoxe Jood. In tegenstelling tot hen heeft hij zich min of meer losgemaakt van zijn Joodse achtergrond. De sfeer waarin Halfon terechtkomt zint hem niet, hij past daar niet en hij trekt de enige voor hem passende conclusie. Weer een zoektocht zonder resultaat, ditmaal naar zijn religieuze wortels.

Roman of verhalenbundel?

Het is een legitieme vraag. De verhalen zijn in een tijdsbestek van meerdere jaren geschreven. Als los verhaal zijn zij stuk voor stuk vrij interessant, Halfon is een boeiend verteller. Maar gebundeld is dat toch wat anders. Af en toe herhaalt hij zich. Op enig moment wordt het nogal voorspelbaar wat het resultaat zal zijn van weer een zoektocht.

Bij een roman verwacht je enige samenhang. Die is er in beperkte mate. De anekdote over De Poolse bokser komt in vrijwel elk verhaal terug. Het zoeken naar wortels en identiteit is een constante.
De personen blijven nogal vlak, het gaat vaak maar om één kenmerkend detail. Neem één van zijn vriendinnen. Veel kom je niet van haar te weten, maar zodra Halfon het heeft over de jongedame die haar orgasmes uitbeeldt in tekeningen dan weet je wel weer over wie het gaat.
Een andere constante is het eeuwige roken. De omslag is wat dat betreft illustratief; je zou bijna verwachten dat het boek naar verschaalde rook geurt.

Wat geldt voor elke reeks verhalen kenmerkt ook De Poolse bokser. Het ene verhaal spreekt meer tot de verbeelding dan het andere, en slechts een enkel verhaal blijft wat langer hangen. Tijdens het lezen beleef je geregeld mooie momenten, maar eerlijk gezegd beklijft het niet. Het meeste vervliegt bijna net zo snel als de rook op de omslag.

Eerder verschenen op jkleest

Recensie door: Ger Groot
4/5

Even ronddobberen in de Dode Zee met een leuke stewardess

[Recensie] Op de grote dag neemt deze schrijver de wijk naar de Dode Zee om er rond te dobberen in het zout met een aantrekkelijke stewardess die hij eerder in Guatemala heeft ontmoet.

Er zit iets balorigs in de onlangs vertaalde verhalenbundel De Poolse bokser van de Guatemalteekse schrijver Eduardo Halfon (1971). Een wat-kan-het-me-ook-schelen-achtige branie die zich niet bekommert om veel ernst. “Waarschijnlijk fantaseerden we allebei over hetzelfde of over het tegenoverstelde”; “ik woog mijn woorden of misschien ook niet”. De lezer zoekt het maar uit en ook de schrijver maakt zich niet druk. “Ik heb een keer gehoord dat de gemiddelde man drie minuten van een pornofilm ziet, ik vraag me af of dat voor vrouwen anders is. Het antwoord daarop weet ik nog steeds niet.”

Die indruk is even misleidend als het literaire genre waartoe De Poolse bokser behoort. Is het wel een verhalenbundel? Of eerder een roman waarvan de verschillende episoden kriskras door elkaar zijn gezet? Dat procedé werd ook gevolgd in het schitterende prozadebuut Oogzenuw van de Argentijnse María Gainza, dat vorig jaar werd vertaald. Ook bij Halfon is de hoofdpersoon in alle episoden dezelfde, nu zelfs met naam en toenaam identiek aan de auteur van het boek. Hij is literatuurdocent, schrijver, Guatemalteek en Jood tegen wil en dank. “Voor mij kon de afstand tot het jodendom niet groot genoeg zijn.”

Toch komt Halfon er ten aanzien van dat laatste niet zo gemakkelijk van af, met hoeveel ironie hij ook schrijft over het huwelijk van zijn zuster met een orthodox-Joodse Israëliër in Jeruzalem, afkomstig uit Brooklyn. Op de grote dag neemt de schrijver de wijk naar de Dode Zee om er rond te dobberen in het zout met een aantrekkelijke stewardess die hij eerder in Guatemala heeft ontmoet.

Reddende woorden
Tussen alles door duikt in zijn herinnering steeds weer de Poolse bokser op over wie zijn grootvader hem in zijn jeugd vertelde. In Auschwitz opgeroepen voor verhoor, had de toen nog jonge man van de bokser precies de antwoorden ingefluisterd gekregen die hem tegenover zijn ondervragers voor de dood behoedden. “Woorden als redding”, schrijft Halfon. “Daar had ik de werkelijkheid […]. Nu moest ik haar in literatuur zien te vangen.”

Dat is voor de schrijver een even dringende opgave als zijn verhouding tot het jodendom moeizaam is. Niet voor niets begint het boek met een moedeloos makende scène in de literatuurklas van de schrijver. Een verhaal van Maupassant hebben de studenten gelezen – wat vinden ze ervan? Niet goed! Waarom niet? Weet ik niet; omdat ik het niet uitgelezen heb; omdat het onbegrijpelijk is; omdat ik er een rotgevoel van kreeg. Maar één student begrijpt wat literatuur werkelijk kan betekenen – en juist hij hangt zijn studie aan de wilgen.

Een roman of bundel vol kolderieke of lamlendige episoden later denkt Halfon ook zelf te hebben begrepen wat de kracht van de literatuur uitmaakt. “Het was me gelukt om via de literatuur in de werkelijkheid door te dringen”, schrijft hij na steeds weer te zijn teruggekomen op het verhaal van de Poolse bokser.

Hebreeuwse naam
Maar dan vertelt zijn grootvader plots een ander verhaal. Auschwitz had hij alleen overleefd omdat hij zo’n goede timmerman was, zegt hij in een interview. “Daar zul je het hebben”, schrijft Halfon ontgoocheld: “Literatuur is niet meer dan een goede truc. […] Wanneer we schrijven, weten we dat er iets heel belangrijks te zeggen is […] en dat we het niet vergeten moeten. Maar toch, telkens weer, blijven we het vergeten.”

Literatuur als nutteloze passie. Dat spoort met Halfons balorigheid: wat maakt het uit? Maar daarmee laat hij zijn boek niet eindigen. Dobberend in de Dode Zee met zijn stewardess vraagt hij zich af in hoeverre hij om zijn eigen leven te redden zou kunnen liegen, hoezeer hij zijn Joodse identiteit zou kunnen verloochenen die hij niettemin niet kwijt kan. Zo’n leugen zou je óók literatuur kunnen noemen. En als “ieder voor zichzelf [beslist] hoe hij wil overleven”, waarom dan niet met een leugen?

Maar op literatuur komt het op die prachtige slotpagina’s van dit boek niet meer aan. Helemaal aan het einde durft Halfon zijn eigen Hebreeuwse naam uit te spreken. Met tegenzin: “Misschien om mijn branieachtige pose te behouden”. Helpen doet het niet. Samen met de ‘literatuur’ verdwijnt op dat moment van de waarheid al het balorige. Alleen de ongewisheid blijft, nu als tegendeel van alle nonchalance. “Blijf jij leven?” vraagt de stewardess. “Haar hand lag nog altijd bewegingloos op mijn dij,” zo sluit Halfon zijn boek in ongewisheid af.


Eerder verschenen op NRC Handelsblad

Samenvatting

Een ongrijpbare meesterverteller aan het woordMet verhalen die steeds meer samenhang blijken te vertonen, roept Eduardo Halfon een wereld op die zich laat lezen als een hecht opgebouwde roman. Ieder nieuw verhaal is op een verrassende manier verbonden met de andere verhalen en zet alles in een ander licht. Een joodse grootvader vertelt aan zijn kleinzoon hoe hij Auschwitz overleefde dankzij een Poolse bokser. Die had hem verteld welke woorden hij bij een verhoor door een SS’er wel en welke hij niet moest gebruiken. Maar welke woorden waren dat? We komen er als lezer vlakbij, maar het antwoord krijgen we nét niet. Waarom verschijnt die ene getalenteerde literatuurstudent, die intrigerende gedichten schrijft, van de ene op de andere dag niet meer op de universiteit? Docent Eduardo Halfon gaat tevergeefs naar hem op zoek. En waar blijft de Servische jazzpianist die in de straten van Belgrado op zoek is naar zijn zigeunerroots? Hoe zit het eigenlijk met ons geheugen – kun je de werkelijkheid wel beschrijven?

LA Times: ‘Halfon vervaagt bewust de grenzen tussen roman, memoires en overpeinzingen. De kracht van De Poolse bokser is, dat het steeds is geworteld in het persoonlijke. Het is heel toegankelijk en zeer ontroerend.’

The New York Times: ‘De Poolse bokser heeft misschien wel nooit bestaan. En toch vermindert dit op geen enkele wijze het plezier dat Halfons verhalen bieden.’

El País: ‘Met zijn ingetogen en nauwkeurige proza verkruimelt Halfon onbetreden werelden en onthult hij het onbekende.’

Le Figaro: ‘Een ongelooflijk goede schrijver, die Halfon, zijn woorden zijn droog als kiezelstenen.’

Daily Telegraph: ‘De Poolse bokser staat ergens tussen Roberto Bolaño en W.G. Sebald. Het is raadselachtig, ongewoon en inspirerend.’

Toon meer Toon minder
€ 21,99

Verwachte leverdatum: dinsdag 18 februari


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789028427723
Verschijningsdatum
januari 2019
Druk
Onbekend
Aantal pagina's
256 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
302: Vertaalde literaire roman, novelle
Categorieën

Uitgever
Wereldbibliotheek

Vertaald door
Lisa Thunnissen

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden