Voor 23:00 besteld, morgen in huis

Gratis verzending vanaf €17,50

Steun de boekensector

Papyrus

De geschiedenis van de wereld in boeken

Auteur(s): Irene Vallejo
Taal: Nederlands
0,25/5
3 recensies
Papyrus
Papyrus

Recensie

Aantal recensies: 3

Recensie door: Koen de Jager

Noodzakelijk boek over boeken

[Recensie] Papyrus van de Spaanse schrijfster Irene Vallejo wordt aangeprezen als een ontroerende en eigentijdse hommage aan het boek op de achterkant en de voorkant spreekt van Een geschiedenis van de wereld in boeken. Dat is nogal een breed begrip maar als liefhebber van boeken over boeken kon ik dit maar moeilijk laten liggen. Het is een boek van ruim 500 pagina’s. Pure tekst, geen afbeeldingen, uw verbeelding moet het hem doen.

Dat was geen probleem. Het is een vlot lezend boek, waarbij enige voorliefde en misschien kennis van de klassieke oudheid best handig is. Het boek is namelijk verdeeld in twee delen. Deel 1 heet Griekenland bedenkt de toekomst en deel 2 De wegen van Rome. Hebt u die kennis of voorliefde (nog) niet; niet getreurd, saai en stoffig wordt het nergens.

Dat heeft te maken met de vertelkunst van Vallejo. We sluiten in de eerste zin meteen aan bij een stel ruiters die in Griekenland op zoek zijn naar boeken in opdracht van Ptolemaeus, de farao van Egypte, die boeken nodig had voor de bibliotheek van Alexandrië. Niet minder dan alle boeken ter wereld (die gelukkig wat overzichtelijker was dan de onze) moesten daar terecht komen. Zo komen we dus in Alexandrië, gesticht door Alexander de Grote. De grote veroveraar die nooit ging slapen zonder een dolk en de Ilias van Homerus onder zijn kussen. Alexandrië, waar de legendarische bibliotheek onderdeel was van het Mouseion, of de Tempel der Muzen. Een centrum van geleerdheid en wetenschap van de toenmalige hellenistische wereld. Talloze boekrollen moeten er hebben gelegen, die wat anders ter hand werden genomen dan een boek in onze dagen;

“Een boekrol werkte heel anders dan een boek met bladzijden. Bij het openen van een rol papyrus trof je een lange rij tekstkolommen aan, die van links naar rechts liepen. Al lezend rolde de lezer met zijn rechterhand de rol af en met zijn linkerhand rolde hij op wat hij net gelezen had. Een kalme, ritmische, verinnerlijkte beweging; een trage dans.”

Die boekrollen werden gemaakt van papyrus en er wordt uitgebreid stilgestaan bij het belang hiervan én de verschillen ten opzichte van het perkament. Dat werd namelijk belangrijk toen er een boycot kwam van papyrus en men in het (nu) Turkse Pergamon een oude oosterse techniek perfectioneerde om op dierenhuid te schrijven.

In dit deel van het boek staat Vallejo uitgebreid stil bij het belang van de Ilias en Odyssee van Homerus. Wat erg aangenaam is dat ze moeiteloos verbanden legt met het heden. Zo stond de wereld op zijn kop toen Bob Dylan de Nobelprijs voor Literatuur toebedeeld kreeg, maar Vallejo geeft subtiel aan dat de oude barden een goed deel van de klassieke literatuur uit hun hoofd kenden en in die liederen uitlegden wat er in de wereld aan de hand is. Zo is die Nobelprijs ineens niet zo vreemd meer. In haar woorden;

“Een Nobelprijs voor Oraliteit. Hou oud kan de toekomst zijn.”

Die verbinding met het heden zoekt Vallejo vaker en dat maakt het een levendig boek. In de dystopische roman Fahrenheit 451 van Ray Bradbury worden alle boeken verbrand. Zo dystopisch was dat echter niet, want in het jaar 213 voor Christus beval de Chinese keizer Qin Shi Huangli precies hetzelfde. Alle boeken moesten weg, de geschiedenis diende bij hem te beginnen. Ik houd erg van dit soort weetjes. Nog mooier is het verhaal van de ‘schildsmijter’ Archilochus. Je schild wegsmijten en wegrennen was de grootste schande die een Griekse krijger kon overkomen, maar hij deed het en stond zich er op voor. Hij vond het grappig zich te presenteren als anti-held, hoewel hij wel degelijk moedig was;

“Het schild dat ik tot mijn spijt in een struik gooide, een uitstekend ding, daar zwaait nu een Thraciër mee. Maar ik heb mijn huid gered. Wat kan me dat schild schelen? Weg ermee. Ik koop wel weer een nieuw, dat net zo goed is.”

Maakt u zich geen zorgen, hij stierf volgens goede gewoonte keurig op het slagveld.

Maar er staat zo veel meer in dit boek. In het deel De wegen van Rome wordt uitgebreid stilgestaan bij de boekhandelaars uit het verleden en het heden, het begrip ‘klassieker’ en vrouwenstemmen uit heden en verleden. Ook de toekomst van het boek krijgt aandacht. Vallejo ziet het, bij monde van professor Victor Lapuente Giné, niet zo somber in;

“Als we iets ouds met iets nieuws vergelijken – zoals een boek met een tablet, of een non die in de metro naast een chattende puber zit – , denken we dat het nieuwe meer toekomst heeft. In feite is het precies omgekeerd. Hoe langer een voorwerp of een gewoonte onder ons is, hoe meer toekomst dat voorwerp of die gewoonte heeft… Het is waarschijnlijker dat er in de 22e eeuw nog nonnen en boeken zijn dan Whatsapp en tablets.”

Van die nonnen ben ik niet zeker, maar ze heeft een punt, sommigen zaken kunnen moeilijk verbeterd worden (boek, stoel, wiel, u kent ze wel). Daarom hoop ik dat er nog lang boeken verschijnen en dit soort boeken over boeken; ze zijn beiden zeer noodzakelijk.

Eerder verschenen op Quis Leget Haec?

Recensie door: Marijke Laurense

Bizarre en hoopvolle weetjes over boeken

[Recensie] Nu meende ik als gediplomeerde boekenwurm toch al het nodige te weten over de geschiedenis van het geschreven woord. Zoals over wanneer en waar het schrift is uitgevonden, de invloed van Homerus en de Bijbel, het monniken- én nonnenwerk achter middeleeuwse handschriften, het verband tussen de boekdrukkunst en de reformatie, de gevaren van de oprukkende ontlezing. Maar bij Papyrus van de Spaanse classica Irene Vallejo (1979) tuimelde ik van de ene in de andere verbazende wetenswaardigheid uit de geschiedenis van het boek.

Misschien denkt u: dik vijfhonderd pagina’s tekst van een classica die gek is op dode talen en bibliotheken, is dat niet akelig saai voor als je van frisse buitenlucht houdt en nooit Grieks of Latijn hebt gehad? Nou, dan kent u Vallejo nog niet. Ze trekt u in haar voorwoord al meteen mee in een Indiana Jones-avontuur uit de derde eeuw voor Christus, vol galopperende paarden, gapende ravijnen, schorpioenen en struikrovers. U gaat op pad met gewapende ruiters die met gevaarlijk veel geld op zak in verre buitenlanden op boekenjacht werden gestuurd door Ptolemaeus I, de nieuwe farao van Egypte. Deze voormalige wapenbroeder van mede-Macedoniër­­ Alexander de Grote had het namelijk in zijn nogal grootheidswaanzinnige hoofd gezet om alle boeken (toen nog rollen) van de wereld bij elkaar te brengen in zijn bibliotheek in het spiksplinternieuwe Alexandrië, dat de verloren filosofische glorie van Athene zou doen herleven, overtreffen zelfs.

Vaste volgorde

De eerste helft van Papyrus vertelt hoe die literaire verzameldrift van Ptolemaeus en zijn nageslacht de geschiedenis van het boek heeft bepaald. Het begint met de verhalen rond de stichter van de stad, Alexander de Grote, die, zo vermoedt Vallejo, zijn strijdmakker Ptolemaeus op het idee van een universele bibliotheek moet hebben gebracht. Het gaat over filosofen, kopiisten en rondreizende boekhandelaren. Over het leger van taalgeleerden dat in Alexandrië neerstreek om op kosten van de farao de joodse Thora en de ruim twee miljoen verzen van Zarathustra te vertalen in het Grieks, de wereldtaal van toen. 

Over een geniale bibliothecaris, de bedenker van de catalogus en het alfabet, een vaste volgorde voor de letters, want hoe zou je anders tussen die tigduizenden boekrollen ooit het tweede deel van Aristoteles’ Poetica terug kunnen vinden? Over het rebelse karakter van het geschreven woord. Waarom Socrates het vertikte om zijn ideeën op te schrijven. Hoe je ‘papier’ van papyrusriet maakt en hoe royaal de farao, als een vroege oliesjeik, aan de export daarvan verdiende, omdat die plant alleen maar bij de Nijl wilde groeien en de rest van de wereld schreeuwde om iets om op te schrijven. 

Cleopatra liet zich verleiden door boeken

Wist u trouwens dat het woord ‘perkament’ komt van de (nu Turkse) stad Pergamon, waar men op minder vergankelijke dierenhuiden ging schrijven omdat de farao geen papyrus meer wilde leveren aan de rivaliserende bibliotheek aldaar? En dat je, oeps, voor een fraai perkamenten exemplaar van de Bijbel honderden dode dieren nodig had? Het liefst pasgeboren of geaborteerd? Dat Cleopatra zich pas door Marcus Antonius liet verleiden toen hij tweehonderdduizend boeken aan haar voeten legde? En natuurlijk gaat het ook over hoe de Alexandrijnen zich niet lang daarna toch moesten onderwerpen aan Rome en hun legendarische boekencollectie in vlammen opging, tijdens opstanden, extreem koude winters en vlagen van beschamend christelijk fanatisme.

In de tweede helft van Papyrus verspringt het beeld naar de volgende culturele hoofdstad van de oudheid: het militair oppermachtige Rome. Zoals eeuwen later de rijke Amerikaanse Peggy Guggenheim heel wat kunst vanuit het Oude Europa naar New York zou verschepen, zo verzamelde de Romeinse elite verwoed Griekse boeken; Julius Caesar had zelfs al plannen voor een openbare bibliotheek. Uit Rome stamt ook de aardige gewoonte om elkaar in december een boek cadeau te doen – Cicero had voor het kopieerwerk daaraan maar liefst twintig goedgeletterde Griekse slaven rondlopen. Wie geen dure Griek kon kopen, ging naar een boekhandelaar, een beroep waaraan je je overigens ook nu nog gevaarlijk kunt branden als je handel de dictator niet aanstaat.

Boekenpurgatorium

Brandbare boeken: ook dat is helaas een terugkerend refrein in de ballade van het boek. Umberto Eco (Vallejo citeert hem meermalen) schreef met De naam van de roos een prachtroman over hoe blind vuur een geschrift voorgoed kan vernietigen. Dat zal sinds de uitvinding van boekdrukkunst gelukkig niet meer zo gemakkelijk gebeuren, al vond ik het toch licht schokkend te lezen dat er van beoogde bestsellers soms bewust veel te veel exemplaren worden gedrukt, omdat die gigantische stapels boeken de verkoop schijnen te bevorderen; wat onverkocht blijft, wordt in het ‘boekenpurgatorium’ even zo vrolijk weer tot pulp vermalen.

En zo danst Vallejo de geschiedenis door. Het enige vlekje op haar boek is dat ze er soms vervelend lang over doet om te onthullen over wie haar anekdotes gaan – een al te uitgekauwde truc uit de hoe-maak-ik-het-spannend-doos. Maar voor het overige is het smullen & smikkelen voor iedereen die van boeken en bibliotheken houdt. Vanwege die bruisende waterval aan verrukkelijke, bizarre en hoopvolle weetjes, ook over de aanzienlijke bijdrage van vrouwen aan de geschiedenis van het geschreven en gelezen woord. Over hoe mensen overeind wisten te blijven in Dachau en Auschwitz, mede dankzij een clandestiene leesclub of een goed verstopt boek van Tolstoj. Vallejo’s eigen herinneringen aan hoe ze als gepest schoolmeisje steun vond bij de schrijver van Schateiland.  

Ook verrassend: de verbanden die ze legt tussen het grijze, klassieke verleden en de hedendaagse cultuur, van hoogliterair tot populair. Zo zou Alexander de Grote niet alleen met een dolk, maar ook altijd met een exemplaar van Homerus’ Ilias onder zijn kussen hebben geslapen, uit grenzeloze bewondering voor zijn superheld Achilles – een beeld dat Vallejo glimlachend doet denken aan een jongetje dat in slaap valt met zijn voetbalplaatjes en droomt dat hij, uitzinnig toegejuicht, kampioen wordt.

Eerder verschenen in Trouw

Recensie door: Evert van der Veen
5/5

Een geschiedenis van de wereld in boeken

[Recensie] Papyrus is een boek over boeken en beschrijft aspecten van de eeuwenlange ontwikkelingsgeschiedenis van boeken waarbij de nadruk op de oudheid – de tijd van Grieken en Romeinen – valt.

Verwacht in dit boek niet een systematisch opgezette geschiedenis van het boek waarin alles strak geordend wordt behandeld. Uiteraard zit er wel een zekere lijn in het boek maar Papyrus is toch vooral een persoonlijke impressie van wat de auteur zoal heeft ontdekt, wat haar boeit en wat zij graag met de lezer wil delen. Irene Vallejo studeerde klassieke literatuur aan de universiteiten van Zaragoza en Florence, geeft regelmatig lezingen en schrijft columns in enkele Spaanse kranten.

Papyrus gaat over de vervaardiging van boeken en zo komt – hoe kan het ook anders – het fabricageproces van papyrus (de langste rol is maar liefst 42 meter) ter sprake maar ook de klassieke manier van lezen: hardop, als ware het een partituur: “De Grieken en Romeinen geloofden dat elke geschreven tekst een levende stem nodig had om volledig tot zijn recht te komen” (p. 335).  

Er zijn uiteraard meer materialen waarop wordt geschreven zoals kleitabletten en perkament waarvoor veel dieren als ‘grondstof’ nodig zijn. Irene Vallejo besteedt ook aandacht aan het spijkerschrift, de hiëroglyfen en de ontwikkeling van het alfabet: “De eerste systemen waren heuse labyrinten van symbolen” (p. 134). Ook het onderwijs, waar de leescultuur uiteraard wordt ontwikkeld en gestimuleerd, krijgt aandacht evenals het auteursrecht of beter gezegd het ontbreken daarvan. Interessant is ook de opkomst van de boekhandel waar mensen een copy van een boek konden bestellen

Een bibliotheek van wereldformaat was destijds de bibliotheek van Alexandrië met een bestand van maar liefst 200.000 boeken. Alexander, die deze bibliotheek ontwikkelde, streefde naar een verzameling waarin alle kennis van destijds bijeen werd gebracht. De catalogus beslaat al 120 rollen. In Griekenland zijn naar schatting zo’n 100 bibliotheken geweest.

Papyrus is een impressionistisch verslag van boeken en alles wat met boeken te maken heeft. Deze benadering brengt een grote mate van levendigheid met zich mee omdat Irene Vallejo de lezer laat delen in haar enthousiasme wat zij gedurende haar zoektocht tegen komt. Boeken die haar hebben geraakt, boeken die het waard zijn om gelezen te worden, boeken die tot de top van de wereldliteratuur behoren. Daarbij is het niet het streven van de auteur om volledig te zijn; zij reikt aan wat haar onder ogen is gekomen en wat zij graag wil doorgeven omdat zij er zelf veel aan heeft beleefd. Zo komt veel klassieke beroemde literatuur wel ter sprake. Die verhalen worden verbonden met persoonlijke herinneringen en leeservaringen van Irene Vallejo.

Waarom al deze aandacht voor iets dat inmiddels al lang tot de geschiedenis behoort? Dat is in een boek als Papyrus uiteraard een retorische vraag maar een citaat uit de 5e eeuw voor Christus illustreert dat op onnavolgbare wijze: “Het woord is een krachtige soeverein; met een miniscuul en totaal onzichtbaar lichaam verricht het de meest goddelijke werken: angst wegnemen, verdriet doen verdwijnen, blijdschap wekken en mededogen vergroten” (p. 249 – 250). Boeken zijn bij uitstek de wijze waarop mensen informatie overdragen, hun levenservaringen vastleggen, hun visie met anderen delen.

In Papyrus wordt duidelijk dat Griekenland de bron van de literaire cultuur vormt waaruit de Romeinen – dankbaar maar rücksichtslos – hebben geput. De invloed van de Grieken op hun literatuur is onmiskenbaar. Boeiend is de beschrijving van de wijze waarop een boek tot stand komt: copiëren schrijven en documenteren was slavenwerk. Bijzonder aardig om te lezen is dat de leeszaal vanaf de 2e eeuw samen met het badhuis in één gebouw werd ondergebracht, een boeiende combinatie van cultuur en ontspanning. In Rome waren rond 350 20 bibliotheken.

Daarom worden boeken in tijden van politieke spanning vaak het slachtoffer van beperkende of zelfs agressieve maatregelen. Dat geldt voor dictatoriaal geregeerde landen waar de persvrijheid aan banden is gelegd maar Irene Vallejo vertelt ook over historische gebeurtenissen waarbij bibliotheken en kranten het slachtoffer werden van gewelddadige onderdrukking. De woorden van Heinrich Heine uit 1821 werden ten tijde van het nationaal socialisme bittere werkelijkheid: “Daar waar boeken worden verbrand, worden uiteindelijk ook mensen verbrand” (p. 263). De 20e eeuw is voor boeken en bibliotheken buitengewoon funest geweest met als recent triest voorbeeld de vernietiging van de nationale bibliotheek van Sarajewo waar Irene Vallejo met verdriet bij stilstaat.

Papyrus is een persoonlijke hommage aan het boek dat ons sinds zijn allereerste verschijningsvormen zoveel heeft gebracht: “De uitvinding van het boek is misschien wel de grootste triomf in onze hardnekkige strijd tegen teloorgang” (p. 482). Terecht dat Irene Vallejo haar boek besluit met deze woorden: “Zonder boeken zouden de beste dingen van onze wereld zijn opgelost in vergetelheid” (p. 486).

Papyrus is internationaal goed ontvangen en zal in ruim dertig landen verschijnen en kreeg tal van literaire prijzen.


Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles

Samenvatting

'Dansend door de geschiedenis van het boek.' Trouw'Een sprankelende liefdesverklaring aan het lezen.' VPRO Gids'Een duizelingwekkend boek.' Nederlands Dagblad

'Een feest om te lezen.' Het ParoolEen krachtige ode aan het geschreven woord. Vallejo legt op fascinerende wijze verbanden tussen de moderne tijd en oude teksten en mythen.Het boek is een van de mooiste uitvindingen ter wereld. Met een boek kunnen woorden door tijd en ruimte reizen, en kunnen we kennis opdoen over wat zich bijvoorbeeld wel dertig eeuwen geleden heeft afgespeeld.

Irene Vallejo neemt de lezer mee op reis door het leven van dit fascinerende gebruiksvoorwerp. Er zijn haltes op de route bij de slagvelden van Alexander de Grote en bij de villa van Papyri ten tijde van de uitbarsting van de Vesuvius, bij de eerste bekende bibliotheken en werkplaatsen waar manuscripten werden gekopieerd en bij de kampvuren waar verboden boeken brandden. Onderweg verbindt Vallejo klassieke werken met de duizelingwekkende moderne wereld en hedendaagse debatten: Aristophanes en de rechtszaken tegen cartoonisten, Sappho en de literaire stem van vrouwen, Seneca en politiek.Papyrus is een ongelooflijk avontuur met in de hoofdrol duizenden mensen die door de eeuwen heen het voortbestaan van het boek hebben gewaarborgd: verhalenvertellers, kopiisten, illustratoren, vertalers, straatverkopers, leraren, spionnen, rebellen, nonnen, slaven, avonturiers en boekverkopers. Het is een prachtige, wervelende ode aan het geschreven woord die laat zien hoe individuele levens en maatschappijen worden beïnvloed en gevormd door boeken.In de pers:‘Heel goed geschreven, bewonderenswaardig. De liefde voor boeken en lezen klinkt door in alle pagina’s van dit meesterwerk. Ik ben er zeker van dat dit boek gelezen zal worden, door de lezers van vandaag, maar zeker ook nog vele jaren daarna.’ Mario Vargas Llosa‘Een ongelofelijk vrije, wijze en uitgebreide reis door de wereld van het boek van de oprichting van de bibliotheek van Alexandrië tot de val van het Romeinse Rijk. Irene Vallejo heeft een uitzonderlijk goed, universeel en uniek boek geschreven.’ The New York Times‘Een heerlijk boek voor lezers in alle soorten en maten. Een ontroerende en eigentijdse hommage aan het boek door een gedreven lezer.’ Babelia

Toon meer Toon minder
€ 29,99

Verwachte leverdatum: vrijdag 07 mei


Taal
Nederlands
Bindwijze
Hardcover
ISBN
9789029094207
Verschijningsdatum
maart 2021
Druk
1
Aantal pagina's
536 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
320: Literaire non-fictie algemeen
Thema's
  • Geschiedenis en archeologie
  • Geschiedenis
  • Geschiedenis: specifieke gebeurtenissen en onderwerpen
Categorieën

Auteur
Uitgever
J.M. Meulenhoff

Vertaald door
Adri Boon

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden