Voor 23:00 besteld, morgen in huis

Gratis verzending vanaf €17,50

Steun de boekensector

De voeten van Abdullah

Auteur(s): Hafid Bouazza
Taal: Nederlands
0,2/5
1 recensie
De voeten van Abdullah
De voeten van Abdullah
De voeten van Abdullah

Recensie

Aantal recensies: 1

Recensie door: Daan Stoffelsen
4/5

De misleidende zinnelijkheid van komkommergroen

Verleidelijk, dat is De voeten van Abdullah, de eersteling van Hafid Bouazza, en het is verleidelijk er ‘oosterse motieven’ als uit duizend-en-een-nacht in te zien, in de sprookjesachtige, vreemde sferen. Want heerst er niet een aangename onthechtheid van het wereldlijk gezag en een mild geestelijk regime, zijn stof, vliegen, djinns en sprookjesachtige vrouwen niet alom aanwezig? Even verleidelijk is het om zijn verhalenbundel ‘poëtisch’ te noemen, want zien we niet neologismen naast archaïsmen in weelderige maar immer vloeiende zinnen? Verleidelijk, maar waar op begeerte geen straf staat, is een algemener verderf, en Bouazza schrijft niet zonder voorbehoud met tierlantijnen, maar met humor en zelfbewustzijn.

‘De dromen van rijpende meisjes begonnen langwerpige vormen aan te nemen. Ik herinner mij mijn zussen in hun slaap, met een glimlach om de mond die geen enkele twijfel liet over het besloten schouwspel achter hun oogleden. En wij sliepen naast elkaar. Vaak werd ik wakker met zussenhand geklemd om mijn gerezen lendentrofee. Ik was er de jongen niet naar om daarover bij mijn ouders te klagen.’

De meisjes dromen van de komkommers en aubergines die de geestelijke autoriteiten om morele redenen verboden hebben. Het verbod brengt de jonge hoofdpersoon, die zijn vaders groentewinkel met een kleine voorraad verboden vruchten heeft georven, tot een lucratief en lustopwekkend zaakje (‘Hoe kon ik anders de aanblik van dat komkommergroen tussen de beschaduwde en bestruweelde blankheid van haar dijen gedogen?’). Er volgt straf, maar geen berouw, en al helemaal geen schaamte, zoals dat ook de andere verhalen met een jongere hoofdpersoon kenmerkt: de pogingen iets te berijden, een meisje, een zusje, een geit desnoods, zijn een rode draad in deze fantastische geschiedenissen, waarin een vriendje in en uit een olijfboom verandert, een imam gearresteerd wordt voor de diefstal van twee lagere-schooltassen en waarin een broer uit de oorlog terugkomt, athans, alleen zijn voeten. Euforie neemt bezit van het dorp: ‘Als de Sleep van een Bruid volgden wij Kinderen de Vrouwenmenigte, die door mijn Moeder met Abdullah in haar Handen werd geleid richting Moskee: ik kan de bedwelmende grootsheid van dat moment niet beter uitdrukken dan met een Teutoons gebruik van hoofdletters.’

Maar al snel volgt de jaloezie, en voeten verdwijnen makkelijker dan hele broers. Het zijn deze en grotere zonden, van het begluren van bukkende zussen en bestofilie, tot drankgebruik en vrije liefde, die het dorp in een volgend verhaal tot over de rand van de afgrond brengen. Hier wordt geen overdreven moraal van schuld en boete gepredikt – daar zijn de hoofdpersonen ongevoelig voor -, maar beschreven hoe verderf zich uitbreidt, ten koste van oude mannetjeslevens en de maagdelijkheid. Ironie overheerst, iets wat in mindere mate aanwezig is in de resterende verhalen, over de emigrant, in een bootje de zee overstekend, in Amsterdam de liefde zoekend en naar huis verlangend (een illusie, zoals Bouazza iets te nadrukkelijk illustreert met een lege eerste huwelijksnacht), in Amsterdam de liefde vindend. Ook dat is niet per se vrolijk, maar wel aanleiding tot een onnederlandse beschrijving.

‘Donkerbakstenig, vuil Amsterdam zwalpt en zwalkt met mijn jonge weerspiegeling in troebel slootwater, onder johannesbroodbomen, die in omgekeerde waterweerkaatsingen de vormen aannemen van hoge, puntige grachtenpanden en waarin levensruïnes ronddobberen – plastic zakken, fietskarkassen – en waar het zonlicht de zieltogende najaden onder het rimpelend oppervlak niet bereikt.’

Poëtisch dus, een kwalificatie die even leeg is als spanning of tragisch, maar als Bouazza weelderig schrijft, als in een uitspatting als deze Amsterdamse, of als een ‘gerezen lendentrofee’ opduikt, of ‘beschaduwde en bestruweelde blankheid’, dan krijgt dat betekenis in contrast. Zo’n poëtisch moment benadrukt in het eerste citaat, na de in neutrale stijl beschreven situatie, de puberale zwijgzaamheid van de hoofpersoon, in het tweede is ‘komkommergroen’ bijna Nederlands suf. Bouazza zet zijn taal in voor ironie, net als hij de clichématige oosterse sferen op een geestige afstand zet door de machtige kalieven en mooie prinsessen te laten vervuilen en verkleinen tot rondrennende geile dorpsbewonertjes.

Je zou De voeten van Abdullah daarmee een ironisch commentaar op al te uitgesproken oosterse vertelkunst kunnen noemen, vermaak. Maar er is ook geweld en, in de Amsterdamse en migratieverhalen, verveling, heimwee, leegheid, angst, een serieuze toon. Hoewel deze twee stemmen in één borst en boek diametraal tegenover elkaar lijken te staan, zeggen ze een en hetzelfde: thuisland en nieuw land zijn tegelijk prachtig en vuil, allebei maken ze hun dromen niet waar, een thema dat Bouazza later in bijvoorbeeld Paravion uitwerkt. Voor de eeuwig thuisloze dromers uit zijn boeken is er één houvast, één troost: een taal en een schrijver die blijkbaar alles kan omvatten: ‘oost’ en ‘west’, droom en ontluistering, ironie en ernst.

Samenvatting

In De voeten van Abdullah roept een verteller via herinneringen zijn kindertijd op in een Marokkaans dorpje met zijn sprookjesachtige wonderen en fantastische seksuele belevenissen in een strenge gemeenschap. En van de demonen van het dorp komt hij terecht bij 'de sirenen van het Avondland'.

De voeten van Abdullah is het veelgeprezen debuut van Hafid Bouazza en werd bekroond met de E. du Perronprijs 1996. Deze editie werd in 2002 aangevuld met een nieuw verhaal en een nawoord.

Hafid Bouazza (1970 - 2021), winnaar van de Amsterdamprijs voor de Kunsten 2003, publiceerde verder onder meer Momo, Een beer in bontjas, Salomon en Paravion, dat De Gouden Uil won en voor de ako Literatuurprijs werd genomineerd. Bovendien vertaalde hij Shakespeares Othello en Het temmen van een feeks.

'Dit debuut ritselt en dwarrelt van belofte. Bouazza heeft een onderwerp, een palet en een zwierige hand van schilderen.'

de volkskrant

'Hafid Bouazza is een van de interessantste jonge schrijvers van dit moment.'

nrc handelsblad

'Als dit geen poëzie is!'

doeschka meijsing, elsevier

'een glansrijk en origineel bewijs van te kunnen schrijven'

vrij nederland

Toon meer Toon minder
€ 15,00

Verwachte leverdatum: dinsdag 11 mei


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789044606065
Verschijningsdatum
juni 2005
Druk
10
Aantal pagina's
157 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
301: Literaire roman, novelle
Categorieën

Auteur
Uitgever
Prometheus

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden