Het vervallen huis van de islam

Over de crisis van de islamitische wereld

Auteur(s): Ruud Koopmans
Taal: Nederlands
0,2/5
3 recensies
Het vervallen huis van de islam
Het vervallen huis van de islam
Het vervallen huis van de islam

Recensie

Aantal recensies: 3

Recensie door:

Hoe traditionele culturele opvattingen integratie remmen

[Signalering] De Nederlandse socioloog en migratieonderzoeker Ruud Koopmans heeft een reputatie als het gaat om grootschalige transnationale studies naar integratie. In 2015 publiceerde hij een onderzoek onder
zesduizend Marokkaanse en Turkse moslims in zes Europese landen, waaronder Nederland. Conclusie:
bijna de helft houdt er traditionele opvattingen op na die niet stroken met de westerse democratische
waarden. Hij kreeg er lof voor, maar evenveel hoon. Met Het vervallen huis van de islam publiceert
Koopmans opnieuw de resultaten van een onderzoek in Nederland en vijf andere landen, naar de
integratie bij vijfduizend islamitische migranten. En opnieuw constateert hij dat het er nog geenszins
rooskleurig voorstaat.

De oorzaak zoekt Koopmans in ontwikkelingen in de islamitische wereld sinds 1979. Dat jaar, waarin
de islamitische revolutie Iran groen kleurde en Saoedi-Arabië verscheurd werd door gevechten tussen
sjiitische en soennitische moslims, markeerde een breuk. De reactie was een ruk naar een meer
traditionele islam, een opkomst van moslimfundamentalisme. De gevolgen zijn tot vandaag voelbaar: Koopmans toont aan dat culturele aspecten in het leven van moslimmigranten in Europa de integratie
aantoonbaar remmen. Dat uit zich in lagere arbeidsmarktparticipatie, een kortere schoolcarrière en een lagere sociaaleconomische status. Dat is niets nieuws, maar Koopmans laat daarnaast zien dat discriminatie van nieuwkomers uit islamitische landen door de ontvangende samenleving niet als belangrijkste oorzaak voor een achterstandspositie geldt. Traditionele culturele opvattingen zijn
een veel grotere verklarende factor.
Koopmans roept er niet toe op de islam de schuld van gebrekkige integratie te geven, maar gematigde
islamitische krachten te versterken. Een oproep die al langer klinkt. Met dit boek wordt ze kracht
bijgezet met overtuigend empirisch onderzoek.

Eerder verschenen in De Helling 

Recensie door: Aart G. Broek

Het standvastige huis van verzet in de islamitische wereld

De Leesclub van Alles publiceert deze weken twee recensies van Het vervallen huis van de Islam van socioloog Ruud Koopmans. Karl van Heister noemt in zijn recensie de aanpak van Koopmans “nuchter en wars van taboes “. Aart Broek is kritischer in zijn onderstaande bespreking. Hij is van mening dat Koopmans te kritisch is over de Islam. Broek ziet wel degelijk lichtpuntjes voor islamitische samenlevingen.

[Recensie] De Nederlandse socioloog Ruud Koopmans – hoogleraar aan de Humboldt Universiteit in Berlijn – heeft een indringende studie geschreven, die onder de titel Het vervallen huis van de islam recentelijk verscheen bij Prometheus, Amsterdam. Van Koopmans onderzoeken wordt wereldwijd kennis genomen. Hij behoort tot de meest geciteerde wetenschappers. Zijn gedachtegoed wordt bejubeld en opent ogen. Het wordt echter ook vervloekt omdat het moslimhaat zou voeden. Zijn werk is opmerkelijk deugdelijk onderbouwd en juist daardoor ook confronterend. Het kan zodoende in ieder geval niet worden genegeerd. Toch lijkt mij een zekere behoedzaamheid gewenst. Dat zorgt tevens voor wat meer optimisme dan Koopmans kan opbrengen voor islamitische samenlevingen.

Voedingsbodem

Met een overrompelende hoeveelheid gegevens verwoordt Koopmans zijn bevindingen die uitmonden in deze conclusie. “De hoofdoorzaken van de crisis van de islamitische wereld liggen niet buiten de islam, bij de joden, het westers kolonialisme, of islamofobische populisten, maar midden in de islamitische gemeenschap zelf, in de vorm van een wijdverbreide rigide en intolerante geloofsopvatting die gepaard gaat met haat en geweld tegen andersdenkenden.” (p. 232)

Dit islamitische fundamentalisme zou de gesel zijn die honderden miljoenen moslims terroriseert en zorgt voor achterstand in allerhande opzichten: economische ontwikkeling, democratie, mensenrechten, (vrouwen)emancipatie, vrijheid van meningsuiting, (wetenschappelijk) onderwijs, religieuze tolerantie, integratie en wat dies meer zij. Kortom, de islamitische wereld kent een crisis van ongeëvenaarde intensiteit en omvang.

De fundamentalistische interpretatie van de islam lijkt de grote constante te zijn van de beschreven ellende in de vele islamitische landen en islamitische gemeenschappen in westerse landen. Welk deelaspect Koopmans ook beetpakt, de crisis waar de islamitische wereld de afgelopen vijftig jaar in terecht is gekomen heeft zijns inziens “vooral religieuze oorzaken”. (p. 51)

Geweldsmiddelen

Koopmans feitelijke onderzoeksgegevens onderbouwen ongetwijfeld de miserabele stand van zaken in menig islamitisch land. Dat ‘religieuze oorzaken’ hiervoor verantwoordelijk zijn, is echter op voorhand al het bevragen waard. Ideologieën – religieus of seculier van aard – kunnen niet de primaire oorzaak van agressieve uitspattingen in menselijk samenleven vormen. Wat dergelijke ideologieën – zoals het katholicisme, intioïsme, maoïsme en andere variaties van het marxisme – ongetwijfeld altijd en overal wél deden is onderlinge verhoudingen legitimeren, zowel naastenliefde als marteling. Dat is Koopmans natuurlijk ook wel bekend en hij onthoudt zich dan ook met recht van onderzoek naar ‘de ware islam’ – dat moeten theologen maar doen (zie pp. 41-7). Desalniettemin schuift Koopmans het islamitische fundamentalisme steeds weer als ‘oorzaak’ naar voren.

Het zijn in de eerste plaats mensen die elkaar uitbuiten, die bedroevende achterstand en dagelijkse rampspoed bezorgen. In de islamitische wereld is dat evenzeer het geval, waar een goed georganiseerde ‘religieuze’ groep de eigen machtsposities legitimeert met fundamentalistische gedachtegoed. Voor die legitimering wordt islamitische erfgoed gebruikt. Die macht ontleent die groep despoten echter niet aan de islam, maar aan geweldsmiddelen, waarvan een arsenaal aan ‘oorlogstuig’ wel het belangrijkste is.

Niet voor niets was westerse kennis langdurig verboden terrein in islamitische landen, terwijl “onderwijs in militaire strategie en technologie” uit het westen wél werd geïntroduceerd. Een radicale interpretatie van het islamitische gedachtegoed, het evenzo radicaal inperken van de vrijheid van meningsuiting en vergaderen, het aansturen op complottheorieën (bijvoorbeeld over joden), het verbod op werelds onderwijs en wetenschappelijk onderzoek zijn ondersteunende machtsmiddelen waar effectief gebruik van wordt gemaakt. Inderdaad, in de praktijk van alledag geschiedt dit alles uit naam van Allah en zijn profeet, maar zij zijn er niet de oorzaak van. Inderdaad, in de praktijk van alledag geschiedt dit alles uit naam van Allah en zijn profeet, maar zij zijn er niet de oorzaak van (al zal een imam daar anders over kunnen denken).

Bedreigingen

Het islamitische gedachtegoed laat ongetwijfeld “ruimte voor onverdraagzame, onderdrukkende en gewelddadige interpretaties”. Daartoe zijn groepen met veel macht nodig. Die macht moet bedreigd worden, wil er zo’n pijnlijke toename van onverdraagzaamheid, onderdrukking en geweld plaatsvinden als van de islamitische wereld moet worden geconstateerd. Traditionele (religieuze) machtsgroepen en traditionele verhoudingen – met name tussen mannen en vrouwen – staan in toenemende mate heftig onder druk.

Die bedreiging aan verlies van traditionele macht (en bijkomende gemakken), van aanzien en koesterende geborgenheid is de afgelopen decennia ongekend gegroeid. Koopmans beschrijft die pijnlijke geweldtoename aan de hand van vele gegevens, te beginnen bij de machtsovername door Khomeiny in Iran in 1979. Die herstelt de traditionele macht van religieus georiënteerde groepen die deze verloren aan westers georiënteerde groepen onder leiding van de sjah van Perzië, Mohammad Reza Pahlavi.

Dit fenomeen doet zich in tal van islamitische landen voor: gewelddadige inspanningen tot herstel en behoud van traditionele macht en machtsverhoudingen. De gegevens spatten uit de studie van Koopmans, maar de islam is ontegenzeglijk níet de oorzaak. Die wordt evenzeer aangeroepen om het verzet te legitimeren tegen de (herstelde) traditionele macht en versleten machtsverhoudingen. Juist dat verzet is in forse kracht de afgelopen decennia toegenomen en juist dat verzet zorgt voor ernstige vormen van agressie door de zittende machthebbers: fundamentalisme, onderdrukking, uitbuiting, martelingen, geweld.

Zo bezien worden de dictatoriale mechanismen van islamitische regimes niet gevoed door de islam (in welke gedaante dan ook), maar in de eerste plaats door verzet tegen die regimes en de traditionele machtsverhoudingen.  Hoe meer van dergelijk standvastig verzet, hoe venijniger het geweld ertegen. Hiermee zijn we bij de kern van sociologisch onderzoek, namelijk naar de onderlinge (machts)verhoudingen en wederzijdse afhankelijkheid van mensen, die voortdurend aan veranderingen onderhevig zijn en waardoor gedrag, handelen, voelen, denken en het rechtvaardigen van daden veranderen. Gelukkig zijn er indringende voorbeelden van verzet dat zegevierde.

Eerder verschenen op socialevraagstukken.nl

Recensie door: Karl van Heijster
4/5

De islam dankt haar crisis aan de islam

De Leesclub van Alles publiceert deze weken twee recensies van Het vervallen huis van de Islam van socioloog Ruud Koopmans. Karl van Heister noemt in zijn onderstaande recensie de aanpak van Koopmans “nuchter en wars van taboes “. Aart Broek is kritischer in zijn bespreking. Hij is van mening dat Koopmans te kritisch is over de Islam. Broek ziet wel degelijk lichtpuntjes voor islamitische samenlevingen.

[Recensie] “Om met de deur in huis te vallen,” schrijft socioloog Ruud Koopmans in het voorwoord van zijn Het vervallen huis van de islam, “dit boek is islamkritisch maar niet islamofoob. Wie kritiek op een religie – of beter op de momenteel dominerende interpretatie ervan – niet van racisme kan onderscheiden, mag dit boek van mij gelijk terzijde leggen. Aan een discussie op dit intellectueel armoedige niveau heb ik geen behoefte.” Klare taal. En die klare taal is kenmerkend voor Koopmans studie. Nuchter en wars van taboes toont de socioloog de unieke – en deprimerende – positie van de islamitische  wereld als het gaat om democratie, rechten van minderheden, politiek geweld, economie en integratie. Daar waar de rest van de wereld de progressieve Verlichtingswaarden steeds meer omarmde, steeds vreedzamer samenleefde en steeds meer economische vooruitgang boekte, bewoog de islamitische gemeenschap zich in tegengestelde richting – rechtstreeks in de armen van een religieus conservatisme.

Wie daaruit echter de conclusie trekt dat de islam een inherent achterlijke religie is, hoeft echter niet op Koopmans’ steun te rekenen. Voor islamcritici die – in perfect spiegelbeeld van hun fundamentalistische tegenstanders – de Koran tot de onveranderlijke en maar één interpretatie toelatende bron van het geloof zien, heeft hij geen goed woord over. Dat betekent overigens niet dat hij de religie ontziet, integendeel. Want Koopmans’ is wel degelijk van mening dat de religie de belangrijkste factor is in de huidige crisis van de islamitische wereld.

Tot die conclusie komt hij echter niet op basis van theologische exegeses van Koranverzen, maar op basis van cijfers en feitenmateriaal. Zijn strategie is steeds opnieuw om niet-religieuze verklaringen te vinden voor de islamitische malaise, om deze vervolgens weg te kunnen strepen. Zo blijkt kolonialisme geen excuus te zijn voor het gebrek aan islamitische democratieën. Hoe langer een islamitisch land gekoloniseerd is, hoe beter deze het op deze index zelfs doet! En discriminatie is geen afdoende verklaring voor de gebrekkige integratie van moslims. Migranten met een, op hun geloof na, vergelijkbare achtergrond blijken consequent succesvoller hun weg te vinden in hun nieuwe thuislanden. Koopmans’ zorgvuldige uiteenzettingen leiden elke keer opnieuw naar het voor velen toch ongemakkelijke idee dat er iets mis moet zijn met de islam zelf, of toch in elk geval met de huidige interpretatie ervan.

De socioloog draagt drie hoofdoorzaken van de huidige crisis aan: het gebrek aan een scheiding tussen religie en staat, de achtergestelde positie van de vrouw, en de geringschatting van seculiere kennis. Wat de islamitische wereld in zijn ogen nodig heeft is een hervormingsbeweging die “de misstanden in de eigen kring recht in de ogen kijkt en klip-en-klaar afstand neemt van het idee van de Koran als het letterlijke woord van God dat onafhankelijk van tijd of plaats geldig is”. Alleen zo zal het Huis van de Islam in staat zijn haar fundamentalistische kaders van zich af te werpen. Of de islamitische wereld voor een dergelijke agenda openstaat, is echter nog maar zeer de vraag. Niet alleen zal Koopmans’ voorstel tot secularisering op bezwaren van Westers imperialisme stuiten, het is daarnaast ten zeerste de vraag of een dergelijk zelfkritisch – ik zou haast zeggen: schuldbewust – programma kan aarden in de Midden-Oosterse schaamtecultuur. Het is voor zowel moslims als niet-moslims te hopen van wel. Maar als Koopmans’ boek iets aantoont, dan is het dat de vooruitzichten niet gunstig zijn.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles

Samenvatting

De islamitische wereld bevindt zich in een steeds dieper wordende crisis. Terwijl de rest van de wereld democratiseerde, nam het aantal democratieën in de islamitische wereld alleen maar verder af. Met de rechten van vrouwen, homoseksuelen en religieuze minderheden is het nergens zo slecht gesteld. Van Mali in West-Afrika tot de Filipijnen in Oost-Azië woeden tientallen burgeroorlogen met islamitische betrokkenheid die miljoenen mensenlevens hebben gekost. Duizenden komen jaarlijks om bij aanslagen van terreurorganisaties als ISIS, Al-Qaeda en Boko Haram. Economisch raakt de islamitische wereld steeds verder achterop. Geen wonder dat velen elders een goed heenkomen zoeken. Maar ook wat integratie betreft zijn migranten uit moslimlanden hekkensluiters.

Met een indrukwekkende hoeveelheid feitenmateriaal toont dit boek de diepte van de islamitische crisis aan, en onderzoekt de oorzaken. Westers kolonialisme, inmenging van buitenaf en discriminatie bieden geen steekhoudende verklaring. De wortels van het probleem zijn religieus en liggen bij de groeiende invloed van het fundamentalisme, dat de islamitische wereld in een wurggreep houdt.

Ruud Koopmans (1961) is hoogleraar sociologie en migratie aan de Humboldt Universiteit en onderzoeksdirecteur aan het Wissenschaftszentrum (WZB) in Berlijn. Hij is auteur van boeken en opiniestukken in binnen- en buitenland over migratie, sociale bewegingen en Europese integratie.

Toon meer Toon minder
€ 24,99

Verwachte leverdatum: vrijdag 15 november


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789044634099
Verschijningsdatum
februari 2019
Druk
1
Aantal pagina's
288 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
680: Geschiedenis algemeen
Categorieën

Auteur
Uitgever
Prometheus

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden