Voor 23:00 besteld, morgen in huis

Gratis verzending vanaf €17,50

Steun de boekensector

Rijkdom

Hoeveel ongelijkheid is nog verantwoord?

Auteur(s): Ingrid Robeyns
Taal: Nederlands
0,2/5
2 recensies
Rijkdom
Rijkdom
Rijkdom

Recensie

Aantal recensies: 2

Recensie door: Tanny Dobbelaar

Volgens glashelder pamflet is rijk worden vooral een kwestie van toeval en niet een verdienste

De schrijver

[Recensie] Filosoof en econoom Ingrid Robeyns (1972) is hoogleraar ethiek van instituties aan de Universiteit Utrecht. Ze promoveerde in Cambridge onder leiding van Amartya Sen. Robeyns draagt regelmatig bij aan publieke debatten en is actief in de protestgroep WoinActie. Dat zijn wetenschappers die het beleid van Nederlandse universiteiten bekritiseren.

Waar gaat het boek over?

Dit boekje is duidelijk een pamflet. Zonder voetnoten, helaas. De meeste wereldproblemen worden in verband gebracht met armoede. Rijkdom staat in een veel positiever daglicht. Het maandblad Quote noemt ze zelfs helden, de vele mannen en een enkele vrouw die tot de rijksten van Nederland behoren. Maar rijkdom kan volgens Robeyns ook een probleem zijn. In haar uiterst actuele pamflet, dat verschijnt in de essayreeks ‘Nieuw Licht’, neemt ze Aristoteles’ visie op rijkdom als uitgangspunt.

Economie is onderdeel van ethiek

Aristoteles vond dat rijkdom in dienst moet staan van het goede leven. Een zekere mate van rijkdom is nodig voor een goed geolied huishouden, maar als rijkdom een doel op zichzelf wordt, ontstaan er hebzuchtige burgers. Zij vormen een gevaar voor de stadsstaat die alleen wél kan varen door deugdzame bewoners. Vermogensvermeerdering noemde Aristoteles daarom verwerpelijk. Rente is helemaal onverenigbaar met zijn deugdethiek, want die stimuleert alleen maar rijkdom omwille van de rijkdom. In deze Aristotelische visie is economie een onderdeel van ethiek. Dat idee is veel huidige economen vreemd. Ze denken in wetten en regels, niet in deugdzaamheid.

Robeyns’ centrale stelling

Ingrid Robeyns is het met Aristoteles eens, maar weet ook dat de samenleving in tweeduizend jaar sterk veranderd is. Denk alleen al aan de omstandigheden waarin Amazon-oprichter Jeff Bezos meer dan 130 miljard dollar kon vergaren en daarmee momenteel de rijkste persoon ter aarde is. Om dit soort excessieve rijkdom aan de kaak te stellen, voegt Robeyns nog vijf andere argumenten aan die van Aristoteles toe. Extreme rijkdom ondermijnt de democratie, is niet verenigbaar met onze ecologische plichten, gaat gepaard met een sub-optimale verdeling van geld, is bijna altijd onverdiend en kan de belangen van de superrijken zelf schaden.

Redenen om dit boek niet te lezen

Wie behoefte heeft aan een stevig academisch betoog, kan beter de literatuurlijst raadplegen of Robeyns’ academische artikelen lezen. Dit boekje is duidelijk een pamflet. Zonder voetnoten, helaas.

Redenen om dit boek wel te lezen

Het betoog van Robeyns is glashelder en zet je aan het denken. Neem het idee van liberale economen dat rijk worden een kwestie van verdienste is. Volgens klassiek-liberalen is er geen vuiltje aan de lucht: wie eerlijk zijn geld verdient, hoeft zich niet bezwaard te voelen. Maar wat is eigen verdienste? Denk aan een muzikant die met één liedje een fortuin binnenhaalt. Is dat moreel bezwaarlijk? Robeyns wijst erop dat een digitale infrastructuur en innovaties de muzikant in staat hebben gesteld het nummer te maken en te verkopen. Die infrastructuur is gemaakt en betaald door de samenleving. Bovendien vergeten voorstanders van het begrip ‘eigen verdienste’ hoe groot de invloed van toeval is. De juiste talenten, een goede gezondheid en de juiste opleiding dragen allemaal bij aan wat puur eigen verdienste lijkt.

Robeyns noemt een paar maatregelen om supervermogens aan te pakken. Robeyns pleit allereerst voor hogere belastingen: een hoogste tarief inkomstenbelasting van zeventig tot tachtig procent, in plaats van de huidige 53 procent, internationale afspraken over vermogensbelasting voor de enorme winsten van multinationals en een hogere erfbelasting om ongelijkheid in de toekomstige generaties te voorkomen. Ten tweede oppert ze dat we moeten werken aan een alternatief voor het huidige ‘casinokapitalisme’. Een systeem dat duurzaamheid vooropstelt, mensen als morele gelijken beschouwt en voor iedereen een hogere kwaliteit van leven nastreeft. Het allerbelangrijkste vindt ze een interpretatie van rijkdom als niet alleen een politieke of economische maar vooral als een morele kwestie. Het mooiste zou toch zijn als mensen zelf overtuigd raken van het onrecht en ook van het ongeluk dat enorme vermogensaanwas veroorzaakt.

Eerder verschenen in Trouw en op Tanny Dobbelaar

Op 7 oktober gaat Ingrid Robeyns in gesprek met Marjan Slob over rijkdom en de verdeling van rijkdom, naar aanleiding van het essay van Robeyns Rijkdom, Hoeveel ongelijkheid is nog verantwoord?Tijdens deze avond wordt ook verniewde Boekplus gepresenteerd, een online boekwinkel die in samenwerking met De Leesclub van Alles de inkomsten uit online verkoop eerlijker wil verdelen. Deze avond wordt de geheel vernieuwde site met nieuwe naam live gezet. Roeland Dobbelaer, hoofdredacteur van De Leesclub van Alles vertelt over de plannen. Kijk hier voor een gratis entreeticket.

Recensie door: Roeland Dobbelaer
4/5

Te rijk deugt gewoon niet

[Recensie] In de VS zijn de superrijken altijd helden geweest, het zijn mensen die laten zien dat ze het echt kunnen, dat ze iets hebben bereikt. Ze zijn de vleesgeworden representanten van de Amerikaanse droom, van krantenjongen tot krantenmagnaat. Iedereen wil succes en de superrijken laten zien dat die droom waarheid kan worden. Sommigen Amerikanen lukt dat op eigen kracht, maar vaak wordt nogal eens vergeten dat de meeste superrijken gewoon in een rijk nest zijn geboren, welgesteld en geprivilegieerd, dat alle denkbare kruiwagens al voor hun geboorte klaarstonden. Ze konden studeren aan de beste universiteiten, daarna konden ze hun rijke vaders in hun enorme bedrijven opvolgen of konden ze met steun van het familiekapitaal zelf iets starten. De Amerikaanse president Trump doet wel voorkomen dat hij een selfmade man is, maar het was zijn vader, Fred Trump, die zich als eenvoudige timmerman richtte op vastgoeddeals en zo aan de wieg stond van het huidige Trump-imperium. Fred was de krantenjongen die eindigde als krantenmagnaat en zijn zoon had hierdoor zoveel geld dat hij president kon worden.

Ook in Europa zien we de belangstelling en waardering voor de superrijken toenemen. Een blad als Quote was in de jaren vijftig van de vorige eeuw in Nederland ondenkbaar geweest, toen was soberheid de norm. Nu is welvaart en het liefst grote welvaart de norm en is deze goedlopende ‘finance-glossy’ die het wel en wee van de rijken volgt razend populair. En wij smullen er allemaal van, terwijl er steeds meer mensen onder het bestaansminimum schieten. De Utrechtse hoogleraar Ethiek en Instituties, Ingrid Robeyns, van huis uit ook econoom, ziet het allemaal met lede ogen aan. Ze schreef recent het vijftiende deel van de succesvolle serie Nieuw Licht van de filosofen Coen Simon en Frank Meester die zij samen met uitgeverij Prometheus verzorgen. In deze essays vragen zij filosofen aan de hand van een klassieke denker hun ‘licht’ te laten schijnen over een actueel thema. Robeyns buigt zich in Rijkdom over het fenomeen extreme rijkdom en vraagt zich af hoeveel ongelijkheid nog verantwoord is. Sommige mensen kennen Robeyns misschien ook als een van de geëngageerde hoogleraren die recent het WOinActie startten, een platform dat zich keert tegen de te hoge werkdruk op de universiteiten en zich zorgen maakt over de kwaliteit en onafhankelijkheid van het academisch onderzoek. Ook in Rijkdom toont Robeyns zich een geëngageerd denker.

Ze schetst een wereld waarin de rijken steeds rijker worden. “In 2009 was het vermogen van de armste helft van de wereldbevolking even groot als het vermogen van de 380 rijksten. In 2017 was die ongelijkheid scherp toegenomen: alleen al de 42 rijksten hadden evenveel als de onderste helft van de wereldbevolking.” Ook binnen de rijken landen zijn er steeds grotere verschillen. In Nederland leeft inmiddels acht procent van de huishoudens in armoede, het gaat dan om bijna 300.000 minderjarigen. Waar economen en historici zoals Thomas Piketty (Kaptiaal in de 21ste eeuw) en Bas van Bavel (De onzichtbare hand) vooral de historische kant van ongelijkheid en rijkdom onderzoeken gaat Robeyns een stap verder. In haar korte studie verkent ze de normatieve kant, de ethische implicaties, van rijkdom en stelt ze de vraag of het wel deugdzaam is om rijk te zijn?

Let wel, Robeyns heeft niets tegen een lichte vorm van rijkdom. Rijkdom stelt je in staat om een goed leven te leiden, je kinderen redelijk zorgeloos te kunnen opvoeden. “Een zekere mate van rijkdom is op zich een moreel wenselijke situatie, omdat die rijkdom ons meer welzijn, autonomie en vrijheden geeft.” Haar boek is een aanklacht tegen extreme rijkdom, tegen mensen die miljoenen en miljoenen bezitten, die twintig keer of meer verdienen dan de laagst betaalde medewerkers in hun bedrijven. Robeyns grijpt terug naar Aristoteles (in de studies van Piketty en Van Bavel komt Aristoteles niet voor!). Volgens deze denker uit de Griekse Oudheid was economie onderdeel van de ethiek. Centraal in het ethische denken van Aristoteles staat het realiseren van doelen en deze doelen liggen al in de kern van een wezen besloten. “Een eikel heeft als doel om een eikenboom te worden. Een mens heeft als doel om een goed mens te worden.” Je zou volgens Robeyns van een deugdzaam leven kunnen spreken. Je kunt dus niet zomaar alles doen en je alles permitteren, niet alles is immers deugdzaam.

In het boekje laat ze vervolgens zien dat extreme rijkdom niet past in een deugdzaam leven. Ze heeft daar een groot aantal argumenten voor. Ik noem er een aantal. Op de eerste plaats tast rijkdom de democratie aan, mensen die extreem rijk zijn kunnen invloed uitoefenen op de politiek op zo’n manier dat het schadelijk is voor de democratie. Ze huren lobbyisten in, geven grote donaties aan hun favoriete kandidaten en verwachten in ruil hiervoor invloed. Eigenlijk is het een vorm van politieke corruptie aldus Robeyns: “De democratie vergt dat iedereen een gelijke kans heeft om een stempel te drukken om politieke processen van collectieve besluitvorming.”

Een tweede argument is dat extreme rijkdom niet past in een duurzame wereld. Rijken leiden vaak een leven van excessen, willen de grootste boot, het grootste huis, willen niet onderdoen voor de net zo rijke buurman: “…. de typische consumptiepatronen die met rijkdom gepaard gaan [zijn] niet te verenigingen met onze ecologische plichten.”

Een derde reden waarom extreme rijkdom niet past in een deugdzaam leven zijn de noden van anderen. Hoe kun je zelf in extreme welvaart leven als je medemens niet genoeg middelen heeft om een menswaardig bestaan te lijden? “Het geld dat rijken en extreem rijken vooral gebruiken voor luxegoederen en voor statusuitgaven, zou op verschillende manieren veel beter besteed kunnen worden, met een grotere welvaar en welzijn voor de mensheid tot gevolg.” Dit geldt natuurlijk niet voor alle superrijken, er zijn er ook die redelijk sober leven en hun vermogen inzetten voor een betere wereld, denk aan Bill Gates. Deze rijken noemt Robeyns niet in Rijkdom, zij richt haar pijlen op de superrijken die in hun hedonistische bubbel leven en daarmee hun medemens schade toebrengen en te kort doen.  Niet deugdzaam vindt Robeyns.

Hier is mogelijk vanuit ethische opzicht niets tegen in te brengen. Maar wat te doen, hoe krijgen we een systeem waar de grote welvaart op de wereld een grotere groep mensen ten goede komt?  Robeyns pleit voor een rechtvaardiger belastingsysteem om zaken recht te trekken. Hogere belastingen bij de hoogste inkomsten, belasting op vermogen bijvoorbeeld boven een bepaald bedrag. Goed bedacht, maar hier is het papier natuurlijk geduldig. Overal zien we in de westerse wereld een ruk naar rechts en de meeste rechtse partijen staan doorgaans niet te springen op hogere belastingen voor de rijken. Sterker nog, vaak zijn zij juist door de rijken in het zadel geholpen. Robeyns weet dit natuurlijk en daarom concludeert ze: “Misschien is dit wel het eerste wat we nodig hebben bewustzijn […] dat als we het over kwesties van rijkdom, ongelijkheid en het sociaal contract hebben niet alleen over economie gaat, maar ook over politiek, en al helemaal over moraliteit.” En hier heeft ze natuurlijk volkomen gelijk in. Studies van Piketty en Van Bavel helpen bij het in kaart brengen hoe rijkdom werkt, maar het is goed dat we nu ook de normatieve, ethische kant van rijkdom benoemen. Niet meer het verheerlijken van rijken als helden, maar hen aanspreken op hun moraal en het gesprek aangaan over het deugdzame leven. Het essay van Robeyns is daar een goede aanzet toe.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles

Samenvatting

In 2018 ging Jeff Bezos, de oprichter van Amazon.com, als eerste mens over de 100 miljarddollargrens. De inkomensverschillen worden wereldwijd groter. De topman van Coca-Cola kreeg het 427-voudige van de laagstbetaalde; bij Walt Disney is dat zelfs ruim het 650-voudige. Steeds meer geld wordt door steeds minder mensen verdiend.

Volgens Aristoteles was geld vooral een handig ruilmiddel, maar het gevaar van dit aantrekkelijke middel is volgens Aristoteles dat het geld zelf begerenswaardig wordt. Het gaat alleen nog om het geld en om meer geld. En zo bereikten we 2400 jaar na Aristoteles’ analyse de 100 miljarddollargrens.

Maar is het erg dat sommigen zoveel hebben en anderen niet? Volgens Ingrid Robeyns zijn die extreme verschillen schadelijk voor mens en maatschappij. In Rijkdom herleest ze Aristoteles en laat ze zien dat er grenzen zijn aan hoeveel ongelijkheid een maatschappij kan verdragen. Extreme rijkdom is een gevaar voor de democratie, is niet te verzoenen met onze ecologische plichten en leidt tot een onrechtvaardige verdeling van welvaart. Extreme rijkdom is veel minder onschuldig dan we misschien wel denken.

Ingrid Robeyns (1972) is hoogleraar ethiek van instituties aan de Universiteit Utrecht.

Toon meer Toon minder
€ 12,99

Verwachte leverdatum: woensdag 05 augustus


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789044639759
Verschijningsdatum
maart 2019
Druk
1
Aantal pagina's
104 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
730: Filosofie algemeen
Categorieën

Uitgever
Prometheus

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen