Een politiek van vijandschap

Auteur(s): Achille Mbembe
Taal: Nederlands
0,15/5
2 recensies
Een politiek van vijandschap
Een politiek van vijandschap

Recensie

Aantal recensies: 2

Recensie door: Jos Dijk van

Het vreemde is de vijand

Waarom beslist de toevallige plek waar we geboren zijn zo definitief waar we recht op hebben? Een nieuw boek over het koloniale verleden van het westen en de hedendaagse consequenties daarvan.

[Recensie] Achille Mbembe (1957) is een politiek filosoof uit Kameroen. Hij is opgeleid aan de Sorbonne en nu als docent geschiedenis en filosofie werkzaam in Zuid-Afrika en de Verenigde Staten. Zijn boek Kritiek van de zwarte rede is een bijdrage aan het debat over racisme, slavernij en het koloniale verleden van westerse landen. Mbembe plaatst zichzelf in de traditie van Frantz Fanon, wiens Verworpenen der aarde in de jaren zestig en zeventig populair was in de Derde Wereldbeweging. Mbembes boek werd twee jaar [2015/red.] geleden wisselend ontvangen. Hij schreef “een pijnlijk precieze deconstructie van het rassenbesef” volgens Peter Vermaas in de NRC. Carel Peeters in VN geloofde niet in zijn oproep tot verzoening: “hij stort bakken onverzoenlijk verwijt uit over Europa”.

Een politiek van vijandschap is het nieuwste boek van Mbembe. Nu verbindt hij het oorspronkelijke geweld van de koloniale machten aan actuele conflicten in de westerse samenleving, het terrorisme en de migratiecrisis.

Wij en zij

De kerngedachte in Mbembes filosofie betreft de wegkwijnende universaliteit van waarden, normen, onderling respect. Politiek ontaardt in wat de omstreden Duitse filosoof Carl Schmitt zag als eerste opgave: het onderscheid tussen ons en onze tegenstanders. Scheiding en afscheiding tussen de eigen groep, de – superieure – soortgelijken, en de anderen, de vijanden “die het op ons gemunt hebben” zien we in de geschiedenis van het kolonialisme evenzeer als in die van het fascisme en nazisme. Met de concentratie- en vernietigingskampen als uiterste consequentie. Afstanden tussen groepen werden gemaximaliseerd om de onverschilligheid ten aanzien van het geweld en de onderdrukking door de veroveraars, de bezetters en de dictaturen te bevorderen.

…zoals de liberale democratieën het nog niet zo lang geleden nodig hadden de mensheid op te splitsen in meesters en slaven, hangt hun overleven in onze tijd af van het opsplitsen van de mensheid in een kring van soortgelijken en niet-soortgelijken, ofwel vrienden en ‘bondgenoten’ en vijanden van de beschaving. Zonder vijanden kunnen ze zichzelf maar moeilijk overeind houden. Of dergelijke vijanden in feite al of niet bestaan, doet er weinig toe. Het is voldoende dat ze worden gecreëerd, gevonden, ontmaskerd en aan het licht gebracht.” (p.80)

Uitzonderingstoestand

De veiligheids- of controlestaat die de liberale democratieën hebben ontwikkeld doet volgens Mbembe afbreuk aan de democratie. Steeds vaker wordt een beroep gedaan op een uitzonderingstoestand waarin mensenrechten worden genegeerd als het om anderen, ‘vijanden’, gaat. Internationale wetgeving gebaseerd op universele mensenrechten staat onder druk. Het doet denken aan de praktijk van het kolonialisme waarin de ‘inboorlingen’ geen beroep konden doen op rechten die hun ‘meesters’ hadden. In feite stonden ze buiten de wet en konden ze zonder restricties met alle geweld gedisciplineerd en onderworpen worden. Wat in koloniale tijden gold, geldt nog steeds, waarschuwt Mbembe:

“Men kan niet het thuis tot ‘beschermd gebied’ verklaren en intussen ver weg, bij de ander, chaos en dood aanwakkeren. Vroeg of laat zal thuis worden geoogst wat in den vreemde is gezaaid.’”(p.62)

Zoektocht

Mbembe’s boek is bepaald niet gemakkelijk. Ik heb het lezen ervaren als een zoektocht door een ondoorgrondelijk woud van abstracte filosofische beschouwingen, met verwijzingen naar Franse denkers zoals Foucault en Bataille, afgewisseld met regelmatig verrassend heldere inzichten. Niet alleen over het kolonialisme en de apartheidspolitiek maar ook over de politiek van Israël in de bezette gebieden. Daar is de ruimtelijke en wettelijke afscheiding tussen mensen tot in het absurde doorgevoerd. Veel verder dan tijdens het apartheidsbewind in Zuid-Afrika, meent Mbembe.

“Aangezien de verstrengeling van de verschillende raciale segmenten de regel was geworden kon de dialectiek van nabijheid, afstand en controle nooit de ongekende hoogte bereiken die in het geval van Palestina nu is waar te nemen.”(p. 69)

Schuldcomplex

Een politiek van vijandschap is een belangrijke bijdrage aan het politieke debat waarin heden en verleden op een originele en scherpzinnige manier aan elkaar zijn verbonden. Het is wel buitengewoon jammer dat Mbembe zijn betoog niet wat toegankelijker heeft gemaakt voor het grote publiek. Delen van zijn beschouwingen vond ik niet alleen abstract maar soms zelfs volstrekt duister en raadselachtig. Met wat meer moeite kun je het ook wel eenvoudiger verwoorden, lijkt mij. Anderzijds vind ik het ook wat slordig als hij ‘de liberale democratieën’ als mensen opvoert met eigen gedachten, een eigen wil en (‘haat-‘)gevoelens. Zijn stelling dat “de democratie de kolonie in zich draagt” is op z’n minst discutabel. Het kolonialisme was een zaak van elites binnen nauwelijks gedemocratiseerde samenlevingen. De anti-koloniale beweging heeft sinds de 19e eeuw daarbij een belangrijke rol gespeeld, eerst bij de afschaffing van de slavernij en later in het dekolonisatieproces. Mbembe moet nu niet iedereen in het westen een schuldcomplex aanpraten. Dat kan er toe leiden dat lezers zijn waardevolle inzichten voor reflectie op hedendaagse politieke conflicten ook gemakkelijker terzijde leggen. En dat zou jammer zijn.

Eerder verschenen op Sargasso

Recensie door: Tanny Dobbelaar
3/5

Buiten de democratie lopen de levende doden

De schrijver
[Recensie] Filosoof en politiek theoreticus Achille Mbembe (Kameroen, 1957) heeft veel geschreven over geschiedenis en politiek van Afrika en staat bekend als post-koloniaal denker. Hij werd bij een breder publiek bekend door zijn Kritiek van de zwarte rede. Mbembe promoveerde aan de Sorbonne in Parijs en werkt aan universiteiten over de hele wereld, waaronder die van Yale en Berkeley. Tegenwoordig is hij verbonden aan de Universiteit van Johannesburg.

Waar gaat het boek over?
We hebben filosofen nodig die zich buigen over racisme in westerse democratieën. Veel problemen in onze hedendaagse wereld zijn terug te voeren op koloniale verhoudingen, aldus Mbembe. “In de koloniale samenlevingen had medelijden geen woonplaats meer”. Dat gebrek aan medelijden, die harteloosheid was het gevolg van één cruciaal onderscheid, dat tussen ‘ons’ en ‘hen’, de rechteloze ‘ander’ die Mbembe zonder aarzeling ‘de Neger’ noemt. Dit onderscheid ziet Mbembe terug bij westerse democratieën. Zij hebben grote behoefte aan een vijand. In contrast met die vijand kunnen zij zichzelf profileren als vredelievende samenlevingen met een zuivere vorm van politiek. Zij herinneren zich bij voorkeur niets meer van hun verleden, schrijft Mbembe, “vooral hun eigen misdrijven en wandaden niet”. Buiten de democratie lopen de ‘levende doden’, mensen zonder uitzicht op een beter leven, in vluchtelingenkampen en oorlogsgebieden. Zij bedreigen de democratie, net als de terroristen. Daarom verlenen democratieën zichzelf het recht om deze vijanden van de democratie te doden. Mbembe noemt dat necropolitiek.
Een belangrijke figuur in Mbembes betoog is psychoanalyticus Frantz Fanon (1925-1961), die als cultuurcriticus steeds heeft gewezen op de irrationele onderstroom van kolonialisme en racisme. Wat gebeurt er als een zwarte en een blanke elkaar ontmoeten? Tussen hen in staat de mythe van de neger, zegt Fanon, die door Mbembe voornamelijk met instemming wordt geciteerd. En die mythe is er een van angst en afgrijzen. Waardoor er geen ontmoeting is tussen twee mensen, maar tussen een witte man of vrouw en zijn eigen angsten.

Intrigerende zin
“Elke aanslag die een paar mensen het leven kost, geeft automatisch het recht op rouw op commando.”

Redenen om dit boek niet te lezen
De eerste zin luidt: “Een boek in handen hebben is één ding, weten wat je ermee aan moet is nog iets anders”. Daarmee verwoordt Mbembe het probleem. Hij heeft een boek willen schrijven dat geladen is met energie, want zijn onderwerpen gedijen niet bij een fluweelzachte aanpak, vindt hij. Hij nodigt de lezer uit om erin rond te struinen, en naar believen in en uit de tekst te stappen. Maar rondstruinen doe je voor je plezier! Helaas is Mbembes stijl net zo zwaar als zijn thematiek, ook al omdat hij gebruikmaakt van psychoanalytische begrippen die je eerst moet accepteren voordat je kunt begrijpen welke inzichten eruit kunnen volgen. Accepteer je dat vocabulaire niet, dan lees je veel algemeenheden zonder concrete onderbouwing. Zoals: “Sprekend over ‘de mensheid in haar geheel’ moeten we ook erkennen, dat deze nu in haar verbrokkeling op een dodenmasker lijkt”.
Met grote armzwaaien bespreekt Mbembe de oorlog, de plantage, de kolonie, de haat. Door al die associaties in de breedte, verliest hij scherpte.

Redenen om dit boek wel te lezen
We hebben filosofen nodig die zich buigen over racisme in westerse democratieën, over de gevolgen van neokolonialisme en over de nietsontziende manier waarop mensen uit niet-westerse samenlevingen het recht op een veilig leven wordt ontzegd. Mbembe vindt het verband tussen deze onderwerpen onontkoombaar. Interessant is ook zijn losjes geformuleerde ‘ethiek van de passant’. Die definieert mensen in de eerste plaats als reiziger, altijd op weg en niet gebonden aan afkomst of nationaliteit. Passanten houden altijd een zekere afstand tot de plek waar ze verblijven, maar tonen zich er ook verantwoordelijk voor.

Eerder verschenen in Trouw en op Tanny Dobbelaar.

Zie eveneens de recensies geschreven door Jos van Dijk en Arnold Heumakers.

Samenvatting

In een wereld waarin muren worden opgetrokken houdt Achille Mbembe ons een confronterende spiegel voor. Een zeer actueel boek van de meesterdenker van het postkolonialisme.

Sinds de koloniale oorlogen gaan liberaal-democratische staten steeds vaker en makkelijker over tot het instellen van de uitzonderingstoestand waarin acties tegen vijanden niet meer gebonden zijn aan wettelijke beperkingen. Democratieën dreigen zo te verworden tot dictatoriale actoren. Achille Mbembe onderzoekt de gevolgen van deze verschuiving, analyseert de nieuwe relatie tussen geweld en wet, en tussen norm en uitzondering. Hij verkent de voorwaarden van oorlog, vrijheid en veiligheid. In Een politiek van vijandschap ontwikkelt Mbembe een kader waarin deze ontwikkelingen bediscussieerd kunnen worden. Volgens hem moeten we voorbij het humanisme op zoek gaan naar een politiek van menselijkheid.

Achille Mbembe (1957) is een van de grote denkers van het postkolonialisme. Hij doceert geschiedenis en politieke filosofie aan Columbia University, Berkeley, Yale en de University of Johannesburg. Bij Boom verscheen in 2015 zijn alom geprezen Kritiek van de zwarte rede.

Toon meer Toon minder
€ 24,90

Verwachte leverdatum: zaterdag 14 december


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789058758170
Verschijningsdatum
oktober 2017
Druk
1
Aantal pagina's
248 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
730: Filosofie algemeen
Categorieën

Uitgever
Boom

Vertaald door
Ellis Booi

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden