Echt nano

hoe moleculen nanomachines konden worden

Taal: Nederlands
2 recensies
Echt nano
Echt nano

Recensie

Aantal recensies: 2

Recensie door: Arjen Dijkgraaf

Nanotech voor 19de-eeuwse dummies

ECHT nano vertelt alles wat je over het vakgebied wilt weten – en misschien wel meer.

[Recensie] Dat Ben Feringa bijna twee jaar na zijn Nobelprijs nog altijd een Nederlandse held is, wil niet zeggen dat iedereen nu alles snapt van zijn nanotechnologie. Dat is geen wonder, want het gaat om moleculen die te klein zijn om in het echt te zien. Je kunt de nanowerkelijkheid alleen schetsen met extreem uitvergrote modellen, ondersteund door specialistisch rekenwerk.

Schetsen is dus precies waarvoor Martijn van Calmthout, tot voor kort wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, kiest in ECHT nano, hoe moleculen machines konden worden. Niet alleen de moleculen in kwestie, maar ook het wetenschappelijke sfeertje eromheen, en de geschiedenis van het vakgebied. Dat verhaal giet hij grotendeels in fictieve brieven aan de hooggeleerde Sibrandus Stratingh, de chemicus naar wie Feringa’s onderzoeksinstituut is vernoemd. Stratingh overleed in 1841, toen Nobel een schooljochie was en het bestaan van moleculen nog allerminst zeker. Stilistisch is het een slimme vondst: zo kan Van Calmthout uitleggen zoveel hij wil zonder mensen te ergeren die het allang weten.

Uitputtend

En uitleggen doet Van Calmthout. De eerste vier brieven gaan uitputtend in op het molecuulbegrip, de nanobeginselen van Richard ‘plenty of room at the bottom’ Feynman en Eric Drexler, het idee van moleculaire machines en het (mogelijke) praktische nut daarvan. De auteur wisselt ze af met interviews met Ben Feringa en zijn medelaureaten Jean-Pierre Sauvage en Sir James Fraser Stoddart.

Samen vormt dit een afgerond geheel; de Rijksuniversiteit Groningen liet het eerder in beperkte oplage drukken als relatiegeschenk. Wat daarna komt, lijkt vooral voor meer body te moeten zorgen: zijpaden als DNA-origami, kunstmatig leven en fysica (niet voor niets Van Calmthouts specialisme), een korte biografie van Feringa’s leermeester Hans Wijnberg (die zelf nooit iets met nanotech heeft gedaan) en een fictief interview met wijlen Feynman.

Hier en daar is het wat veel van het goede. Het lijkt wel of Van Calmthout er elke wetenschapper bijsleept die iets met nanotech te maken heeft. Het bewijst dat hij zijn huiswerk goed heeft gedaan, maar soms gaat het de lezer duizelen. Het is echter vlot en boeiend geschreven, en draagt zeker bij tot beter begrip van de nanotechnologie én van de context waarin dit vakgebied zich heeft ontwikkeld. Want Stratingh heeft natuurlijk ook 177 jaar wereldgeschiedenis gemist. Van Calmthout is op zijn best als hij de oude Groninger bijpraat met bloempjes als “Amerika is sinds uw tijd veranderd van een betrekkelijk achterlijk prairieland vol straatarme landverhuizers in een toonaangevende natie op het gebied van wetenschap en technologie. Maar dat terzijde.” En de kortste samenvatting ooit van de Tweede Wereldoorlog: “Duitsland begon en verloor.” Die zit.

Eerder verschenen in C2W

Recensie door: Esther Thole

Moleculaire machines uitleggen aan de 19e eeuw

Drie hedendaagse Nobelprijswinnaars en een 19e-eeuwse Groningse wetenschapper zijn in ECHT nano de belangrijkste gesprekspartners van wetenschapsjournalist Martijn van Calmthout. De lezer krijgt zo een ontspannen inkijkje in de wereld van nanotechnologie en moleculaire machines.

[Recensie] Als op 5 oktober 2016 het nieuws naar buiten komt dat Ben Feringa, hoogleraar organische chemie aan de Rijksuniversiteit Groningen, de Nobelprijs voor de scheikunde krijgt weet wetenschapsjournalist Martijn van Calmthout meteen dat er werk aan de winkel is.

Hij is uiteraard niet de enige (wetenschaps)journalist die op dit nieuws duikt, maar Van Calmthout is ook de mede-auteur van Nobel op de kaart, een boek over alle Nederlandse Nobelprijswinnaars. Dat moet een nieuw hoofdstuk krijgen. En als je dan toch bezig bent…. kun je ook meteen doorpakken met een heel boek over het onderzoek van Feringa en zijn twee mede-laureaten, Jean-Pierre Sauvage en Sir James Fraser Stoddart.

Dat boek is er nu. In ECHT nano. Hoe moleculen machines konden worden vertelt Van Calmthout op toegankelijke en ontspannen wijze over het prijswinnende onderzoek van de drie chemici. Net als in enkele van zijn eerdere boeken verwerkt Van Calmthout fictieve gesprekken met historische wetenschappers in zijn verhaal. In ECHT nano wisselt hij interviews met de drie Nobelprijswinnaars af met ‘brieven’ aan de Groningse hoogleraar Sibrandus Stratingh (1785-1841). Deze Stratingh was opgeleid als apotheker, maar was een breed geïnteresseerde, ondernemende geest die zich ook actief bezighield met scheikunde en elektriciteit. In 1834 tufte hij in ’s werelds eerste elektrisch aangedreven voertuig door het centrum van Groningen.

De fictieve briefwisseling (een eenzijdige, dat wel) met Stratingh is een goede vondst. Het geeft Van Calmthout de ruimte om de interviews met Feringa, Stoddart en Sauvage echte gesprekken te laten zijn die veel laten zien over de personen zelf. De drie vertellen over hun jeugd, waarom ze voor de chemie hebben gekozen, wat wetenschap voor hen betekent en over hun onderlinge vriendschappen. De meer technisch-inhoudelijke uitleg van hun onderzoek krijgen we te lezen in de brieven aan Stratingh. Deze ontwikkelde, intelligente en in wetenschap geïnteresseerde 19e-eeuwer fungeert daarmee als een mooi personage dat natuurlijk de hedendaagse lezer verbeeldt, maar zonder dat deze lezer direct als onwetende wordt aangesproken. We luisteren mee, maar kunnen zelf bepalen wat we op ons van toepassing achten.

De briefvorm is bovendien ook heel geschikt voor zijstapjes, kwinkslagen en persoonlijke zaken, iets dat in een klassieke ‘uitlegtekst’ veel minder op z’n plaats zou zijn. Daardoor leest het allemaal heel prettig en dat is knap, omdat het onderzoek aan moleculaire machines – het eigenlijke onderwerp van het boek – een hoog abstractieniveau heeft. Bovendien is Van Calmthout zeer ervaren in het schrijven over ‘ingewikkelde’ onderwerpen en is hij duidelijk goed thuis en op z’n gemak in dit specifieke veld waar hij met plezier over vertelt.

Knellend sjabloon

Helaas slaat dat in de tweede helft van het boek een beetje door. De drie interviews met de Nobellaureaten en de eerste vier brieven aan Stratingh vormen samen een pakkend en mooi afgerond geheel. Maar dan volgen er nog drie brieven en twee intermezzo’s. De brieven krijgen meer het karakter van een opsomming van alles wat Van Calmthout verder nog weet over nanotechnologie, moleculaire biologie, genoomonderzoek, deeltjesfysica etc. Op zich allemaal heel interessant en goed geschreven, maar het sjabloon van een brief aan vroeger gaat dan knellen. Van Calmthout legt dingen niet meer uit die voor Stratingh volledig onbekend zouden zijn, en omgekeerd is het soms ergerlijk voor de moderne lezer als voor ons gangbare zaken opeens worden uitgelegd.

Ook het doel van hoofdstukken over chemielegende Hans Wijnberg – een bekend, maar fantastisch verhaal – en over een fictieve ontmoeting tussen Van Calmthout en de door hem zeer bewonderde Amerikaanse natuurkundige Richard Feynman, blijft gissen. De relatie met de feitelijke aanleiding voor het boek lijkt wat gezocht. Los daarvan is het fijn dat Van Calmthout oog heeft voor de historische ontwikkeling van wetenschap en duidelijk laat zien dat ook de meest briljante denkers voortbouwen op het werk van hun voorgangers. Al met al krijgt de lezer in ‘ECHT nano’ een gevarieerd overzicht van allerlei spannend, grensverleggend chemisch en fysisch onderzoek doorspekt met anekdotes. En dat is geen straf om te lezen.

Eerder verschenen op Kennislink

Samenvatting

Robotjes die door onze bloedbaan navigeren en cellen en organen repareren. Verf die zich vanzelf herstelt van krassen. Betere zonnecellen. Slimmere medicijnen en antibiotica, die met licht aan- en uitgeschakeld kunnen worden. De nanotechnologie biedt ongekende mogelijkheden, die misschien klinken als sciencefiction maar die in hoog tempo realiteit worden.

Nobelprijswinnaars scheikunde 2016 Ben Feringa, Sir James Fraser Stoddart en Jean-Pierre Sauvage werken al decennia aan methodes om van moleculen nuttige machines te maken. In ECHT nano spreekt wetenschapsjournalist Martijn van Calmthout met de drie prijswinnaars over hun werk, hun inspiratiebronnen, hun aanpak, hun dromen.

In een reeks brieven legt hij aan de negentiende-eeuwse Groningse wetenschapper Sibrandus Stratingh uit hoe onze moderne nanotechnologie werkt en waarom dat zo opwindend is. En hoe veel ervan in feite toch ook wortelt in de wetenschappelijke inzichten van zijn verleden eeuw.

Met een voorwoord van Ben Feringa, Nobelprijswinnaar voor de scheikunde.

Martijn van Calmthout (Eindhoven, 1961) is fysicus, presentator van wetenschapsshows en schrijver. Hij publiceerde boeken over Albert Einstein, de quantumwereld, de wetenschap van de toekomst, fysicus en oorlogsheld Samuel Goudsmit, de zwaartekracht en alle Nederlandse Nobelprijswinnaars. Hij was een van de bedenkers van bestseller de Bètacanon. Hij woont en werkt in Amsterdam. `Van Calmthout is een begenadigd verteller.' - New Scientist

Toon meer Toon minder
€ 18,95

Verwachte leverdatum: donderdag 12 december


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789088030949
Verschijningsdatum
mei 2018
Druk
1
Aantal pagina's
192 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
924: Natuurkunde algemeen

Uitgever
Lias, Uitgeverij

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden