Voor 23:00 besteld, morgen in huis

Gratis verzending vanaf €17,50

Steun de boekensector

Holland

Auteur(s): Rodaan Al Galidi
Taal: Nederlands
0,2/5
2 recensies
Holland
Holland
Holland

Recensie

Aantal recensies: 2

Recensie door: Nico Hylkema

Nederland door de ogen van een immigrant

[Recensie] Met Hoe ik talent voor het leven kreeg daverde Rodaan Al Galidi in 2016 de Nederlandse bestsellerlijsten binnen. Een terechte bestseller want niet eerder was Nederland zo´n spiegel voorgehouden van wat het asielzoekerssysteem met een mens doet. Nu ligt een vervolg op dit boek op de schappen. Holland is minstens zo scherp.

In Holland beschrijft Al Galidi hoe de hoofdpersoon Semmier ervaart wat Nederland is voor een asielzoeker met een verblijfsvergunning na negen jaar AZC . Net als zijn voorganger is Holland zo nu en dan hilarisch, maar iedere keer weer is er die schrijnende ondertoon.

Het Nederland, zoals gezien door Semmier, is een merkwaardig land met bizarre gebruiken. Keer op keer fileert Al Galidi de uitwerking van vaak goed bedoelde adviezen. Hij beschrijft fijntjes hoe asielzoekers in het AZC niet worden klaargestoomd voor deelname aan de samenleving, maar veeleer voor een bestaan aan de rafelranden van die samenleving. Met een uitkering, dat wel.

Hilarisch is de beschrijving van de schrik die Semmier veroorzaakt bij de leiding van het AZC, als hij kenbaar maakt liever geen uitkering te willen. Hij wil werken. Dat is bijkans onmogelijk. Zonder uitkering geen verzekering, geen kans op werk, geen woning, geen adres. Dat hij er desondanks toch in slaagt een bestaan op te bouwen is een wonder op zich.

Natuurlijk moet hij sjoemelen met gekochte adressen, met zwart werk, met een IND-identiteitskaart die weliswaar legaal is, maar om niet lang te hoeven wachten, gekocht is. Want een asielzoeker met een a-viertje als verblijfsvergunning kan niet veel anders dan een uitkering aanvragen bij het UWV. Pas een IND-identiteitskaart opent nieuwe mogelijkheden en daar laat het land hem lang op wachten. Dat gaat niet zomaar, maakt het systeem Semmier duidelijk.

Semmier is een gevoelig mens, gemakkelijk vatbaar voor verliefdheden. Als hij in vuur en vlam raakt voor Lidewij, de dochter van Daniëlle die hem ruimhartig opvangt in een onbenoemd dorp, is hij verloren. De liefde voor Lidewij blijft keer op keer terugkomen in de roman en leidt uiteindelijk tot een besluit dat in Al Galidis ogen bijna inherent is aan de Nederlandse asielpolitiek.

Maar dan heeft hij al een scherp portret geschilderd van zijn nieuwe woonland. Waar zijn eerste maaltijd met een Nederlands gezin hilarisch is. Over groente die moedeloos in de schaal hangt als na een bokspartij. Waar in een studentenhuis Semmier kennis maakt met wel erg vrije gewoonten. Al Galidis beeldende taal is af en toe zo prachtig raak. Wat een aanwinst voor de Nederlandse letterkunde is hij toch.

Is het in Nederland echt zo slecht, vraag je je wel eens af. Vergeleken bij het door oorlog verscheurde Irak is het een paradijs. Daarin is Semmier eerlijk genoeg. Maar na negen jaar AZC is het moeilijk de draad op te pakken. Voor mensen zoals hij is de verzorgingsstaat een wonder, maar ook een gevaar.

In Irak was er slechts de familie. Nederland kent ‘de groep’ zo beschrijft Al Galidi, een wonderlijk verschijnsel waarvoor je moeite moet doen om het te herkennen. Maar hoe juist ziet Al Galidi het. Hij spaart zijn lotgenoten niet waar die misbruik maken van de sociale voorzieningen. Maar ergens denk je, dat het Nederlandse asielsysteem erom vraagt. Dat Semmier zakt voor zijn inburgeringsexamen is eigenlijk een bewijs van zijn inburgering.

Bovenal is de wijze waarop Al Galidi ons Nederland laat, zo mag duidelijk zijn, ook heel mooi. In een tijd waarin het land zucht onder het coronavirus is Holland een wel heel welkome afleiding. En het doet je het hele virus even vergeten en dat is al een prestatie op zich.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub Van Alles

Recensie door: Jan Stoel
4/5

Deze zoektocht naar ‘je thuis voelen’ is onthutsend, ontroert, doet je lachen

[Recensie] Hoe ik talent voor het leven kreeg (2016) van Rodaan Al Galidi werd een bestseller in Nederland. De schrijver is afkomstig uit Irak en woont sinds 1998 in Nederland. De eerste negen jaar, negen maanden, een week en drie dagen verbleef hij in een asielzoekerscentrum. Het boek houdt ons een spiegel voor ogen over de manier waarop wij in dergelijke centra omgaan met mensen – stuitend, mensonterend – en hoe dat hen beïnvloedt. Regeltjes zijn toch zo belangrijk! Aan het eind van dit boek staat Semmier Kariem op het station en gaat hij de vrijheid tegemoet, tenminste dat denkt hij. Of dat zo is komt in Holland aan de orde, een rijk, gelaagd boek, dat als het ware een foto van onze maatschappij maakt, van de mensen die er wonen en van het hoofdpersonage (niet voor niets spelen fotoalbums zo’n belangrijke rol in het verhaal).

“Als een golf die door de lente bevrijd is uit het ijs en net in de wijde oceaan is beland, verliet ik het azc op weg naar mijn leven.”

Na al die jaren in het azc heeft Semmier eindelijk een verblijfsvergunning. Hij wil werken, een eigen bestaan opbouwen, maar is dat het doel van een verblijf in een azc? Er breekt paniek uit als hij geen uitkering wil.  Zonder uitkering of verzekering is er geen kans op werk, heb je geen woning en geen adres. Hoe kom je aan een adres, een IND-kaart? “Maar ik wil niet meer naar Nederlandse ambtenaren luisteren.” Hij wil zo snel mogelijk weg uit Nederland, maar heeft een reisdocument nodig en dat aanvragen kost twee tot vijf weken. Kortom hij is het azc nog niet uit of de regeltjes verstikken hem alweer.

“Wat was de grote verandering die zich in mij had voltrokken in het azc. Niet alleen het verlies van het geloof in de wereld, mezelf en het leven. Ik kon me niet echt meer ergens thuis voelen.”

Holland lijkt een autobiografische roman te zijn. Al Galidi ‘vertaalt’ echter bij monde van Semmier wat hij zelf meegemaakt heeft. Holland is niet voor niets een roman. Hierdoor kan Rodaan afstand nemen, observeren, interpreteren, een nieuwe betekenis geven. De kern van Holland is de zoektocht naar het  je thuis voelen en de strijd tussen vrij zijn en gebonden zijn. Semmier wil rust, ruimte, een relatie, het heft in eigen handen nemen, wil leven. Hij wil zelf keuzes kunnen maken voor zijn toekomst, maar komt erachter dat het in Nederland niet zo werkt. Het heeft er alles van dat hij geen keuze heeft.

Het verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van het hoofdpersonage, in de ik-vorm. Het verhaal lijkt chronologische verteld, maar bevat veel flashbacks en flashforwards. Dat zorgt voor dynamiek. In  korte hoofdstukken, het lijkt wel een keten van anekdotes die steeds meer samenhang gaan vertonen, ontwikkelt zich het verhaal langs een aantal verhaallijnen. Het op zoek gaan naar een thuis is een eerste verhaallijn. Na jaren op de vlucht geweest te zijn en na negen jaar in een azc ‘gewoond’ te hebben sta je dan ineens buiten de poort. Hoe verhoud je je tot die voor jou onbekende omgeving, waar hoor je thuis, wat is je plek in de samenleving?  En waar is het eerste dak boven je hoofd? Hoe vindt je dat? Je belt naar mensen die je kent, maar niemand geeft ‘thuis.’ Behalve een man, Calvin. Die helpt hem aan onderdak bij de familie waar hij ook woont. Hij vindt er de ruimte om te reflecteren en na te denken over zijn toekomst en doet er allerlei klusjes. Hij krijgt een bijzondere band met dochter Lidewij, wordt zelfs verliefd op haar, kan haar niet vergeten. Maar “haar binnenkant bleek donkerder dan ik kon vermoeden. Dat heb ik nooit doorgehad. En dat spijt me nog steeds,” zegt Semmier vooruitwijzend.

Hij trekt verder en maakt als het ware een Odyssee door Nederland op zoek naar zijn thuis. Hij leert Holland – en vaak de rafelranden daarvan – kennen: hij werkt als kippenvanger, klusjesman en verhuizer, ontmoet junkies, leeft in een studentenhuis in een piepklein kamertje, en verblijft in een flat in verwaarloosde achterstandswijk een plek waar aan smeltkroes aan illegalen woont. Het blijkt dat mensen die aan de onderkant van de samenleving zitten elkaar meer helpen dan de mensen die het gemaakt hebben en comfortabel leven. In een klooster komt hij uiteindelijk echt tot rust.

De tweede verhaallijn gaat over het inzicht in zichzelf en in Holland. Hij refereert aan zijn verleden in Irak en het azc. Semmier is beschaafd, neemt zijn verantwoordelijkheid als het gaat om mensen te helpen, is empathisch, kijkt op een andere manier naar de wereld. Al Galidi maakt als het ware een fotoreportage van ons land, hoe we met elkaar omgaan, de cultuur, de sociale contacten. Nederlanders hebben geen tijd voor mensen, maar wel voor honden. Als hij met een onzichtbare hond loopt blijken de Nederlanders hem sneller te accepteren. Zo houdt hij constant een spiegel voor. Hij doet dat niet verwijtend, maar steeds terloops, gebruikmakend van mooie metaforen en humor.

“Ik dacht dat ik de Nederlanders zou leren kennen, maar ik kan achteraf beter zeggen dat ik kennismaakte met mezelf.”

De fotoboeken die Semmier overal inziet, meeneemt vormen de laatste verhaallijn. Hij kijkt naar de portretten van de mensen, de ogen en probeert daaruit hun leven te ‘lezen’. Maar in fotoalbums kom je ook weer dat gestructureerde van Nederland tegen met de foto’s die op sleutelmomenten in iemands leven gemaakt zijn, met de blik in de ogen die als je jong bent nieuwsgierig is, maar die later verandert, verflauwt. Hij probeert van al die afzonderlijke foto’s, uit al die albums, families te vormen. De foto’s spelen een ontroerende rol bij de definitieve keuze die Rodaan maakt.

De grote taalgevoeligheid van Al Galidi popt overal op. Hij weet de beschadigingen die Semmier in het azc heeft opgelopen mooi te verwoorden: “Degene die ik was, was ver weg. Ik had gehoopt dat hij klaar zou staan om zich weer bij mij te voegen, nu ik uit dat azc weg was. (…) Nooit had ik gedacht dat de persoon die ik was zou verdwijnen.” Rodaan schrijft prachtig, poëtisch, slaagt erin om ons op een andere wijze naar onszelf te leren kijken. Als hij in een bejaardenhuis werkt schrijft hij: “Niet in elke kamer waren fotoalbums, maar elke kamer was een fotoalbum.”

Het verhaal schuurt, blijft altijd respectvol en levert hilarische momenten op. Eigenlijk is Semmiers tocht een soort van inburgering. Hij leert Nederland beter kennen dan de meeste Nederlanders. En toch moet hij aan het eind van het verhaal een inburgeringscursus volgen. Bureaucratie, nietwaar? Hij zakt prompt. Maar hij maakt wel een keuze voor de toekomst en laat zien dat je van een inburgeringscursus nog geen burger wordt.

“Nederland heeft mij veranderd en die verandering is groter dan de verandering van riet naar fluit. De rietstengel die een fluit geworden is, is haar wortels verloren. En ze krijgt een paar gaatjes. Ze kan niet meer groeien in haar leven en niet meer dansen in de wind, maar ze kan verdwijnen in de adem van anderen. Ik ben mijn wortels verloren, mijn grond, mijn water, mijn lucht. En ik heb overal gaatjes in mijn ziel, in mijn hart, in mijn hand en in mijn tas. Dat is de prijs voor iemand die vlucht en zijn land in de steek laat, terwijl het hem daar nodig heeft.”

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles

Samenvatting

Dit boek is een reis door het diepe hart van Nederland.

Nee.

Het is een roman voor iemand die het Nederlands beheerst, maar de cultuur niet.

Nee.

Een beschrijving van Nederland in al haar verscheidenheid.

Nee.

Dit boek is gewoon Holland.

Behalve met onverwachte regenbuien, de Aldi en de zee had Semmier Karim niet zo gek veel ervaring met het leven in Nederland buiten het azc. Na negen jaar wachten op een verblijfsvergunning komt hij terecht in het echte Holland, dat van haar inwoners, niet dat van het systeem. Het wordt een zoektocht naar zichzelf, de jongen die hij gaandeweg verloren is en naar het thuis waar hij zo naar verlangt. Onderweg blijkt het volk anders te zijn dan het systeem, en zijn reis moeilijker dan hij dacht.

Wie zijn de Hollanders? Gaat Semmier zijn weg vinden? En wat als de liefde op zijn pad komt?

Door de ogen van Semmier Karim zien we Nederland zoals niemand anders het zou kunnen optekenen.

Zoals de schrijver het zelf zegt: ‘Holland is de hoofdpersoon van deze roman. Dit boek is mijn reis tussen de Nederlanders en in de Nederlanders. In hun hart, in hun geest, in hun hoofd. En als dat het niet is, dan is het mijn vergissing, waarvan ik dacht dat het mijn reis was.’

Toon meer Toon minder
€ 21,95

Verwachte leverdatum: donderdag 28 januari


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789090326917
Verschijningsdatum
februari 2020
Druk
1
Aantal pagina's
400 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
301: Literaire roman, novelle
Categorieën

Uitgever
Vrije Uitgevers, De

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden