Kijken, proeven, denken

Essays over kunst, kritiek en filosofie

Auteur(s): Thijs Lijster
Taal: Nederlands
0,2/5
2 recensies
Kijken, proeven, denken
Kijken, proeven, denken
Kijken, proeven, denken

Recensie

Aantal recensies: 2

Recensie door: Maarten Doorman
4/5

Het is oud of het is ‘contemporary art’

Kunst is ‘globaal’ geworden en wereldwijd zijn dezelfde kunstenaars te zien. Wat dat zegt over identiteit in de kunst en in het maatschappelijke debat, is één van de kwesties die filosoof Thijs Lijster onderzoekt in zijn essays.

[Recensie] Filosofen houden van paradoxen. In het nawoord van zijn nieuwe essaybundel haalt Thijs Lijster (1981) de Duitse denker Theodor Adorno aan. “De actualiteit van het essay”, schreef deze wijsgeer, “is die van het anachronisme”. Een uitspraak, zo vervolgt de auteur, “die op zijn beurt niets aan actualiteit heeft ingeboet”.

Met deze onbedoelde kwinkslag reduceert Lijster het essay juist weer tot iets dat niet van onze tijd is, want het actuele was volgens Adorno toch een anachronisme? Gelukkig bewijst Lijsters boek Kijken, proeven, denken dat dit niet klopt, want deze opstellen gaan wel degelijk over het huidige tijdsgewricht.

Zo beschrijft hij de onoverzichtelijkheid van de hedendaagse kunstwereld aan de hand van een opstel van Walter Benjamin over klassieke verhalenvertellers. Benjamin onderscheidt twee soorten: ‘de zeeman’ komt met verhalen over verre landen en ‘de boer’ met verhalen over vroeger. Maar afstand in de ruimte wordt tegenwoordig moeiteloos overbrugd en ook de afstand in tijd lost op door alles wat ons aan geschiedenis wordt gepresenteerd.

Hierdoor is kunst ‘globaal’ geworden, wereldwijd zijn dezelfde beroemde kunstenaars te zien. Bovendien heeft ze niet meer een plaats in de geschiedenis, zoals moderne kunst die had. Het is allemaal oud of contemporary art. Dat ervaren we op kunstbeurzen en bij internationale manifestaties als de Biënnale van Venetië of de Documenta in Kassel. In zo’n wereld moet kunstkritiek als publieke discussie wijken voor intimiderend kunstjargon, in ‘International Art English’.

Het beste essay bespreekt de rol van kunst in het maatschappelijke debat over identiteit. Kunstenaars kunnen ons bewust maken van de positie waarin de blik van de ander je dwingt. Zo poseerde Cindy Sherman in haar Untitled Film Stills als huisvrouw, maîtresse en ‘highschool girl’. Het verzet tegen de door anderen opgelegde eigen identiteit begint al bij Arthur Rimbauds Alchemie van het woord (1873) met de beroemde uitspraak: “IK is een ander.” De woeste avant-gardedichter verwierp hoe tradities en conventies hem hadden gevormd tot wat hij niet wilde zijn.

De Franse filosofie wist daar in de twintigste eeuw wel raad mee, van Derrida tot Lacan. ‘De ander’ was in dat perspectief echter altijd ook deel van onszelf, door zijn rol in de taal bijvoorbeeld, of in het onbewuste. Volgens de filosoof Boris Groys ging het mis toen de Franse filosofie in Amerika doordrong. Daar werd de ander echt iemand anders, met een eigen identiteit die je van anderen onderscheidde. En via deze omweg langs Amerikaanse universiteiten zitten we nu met de gebakken peren van een onverzoenlijke identiteitspolitiek.

We zijn niet allemaal gelijk en kunst kan ons bewust maken van de identiteit van onszelf en van de ander en van de machtsverschillen die eruit voortvloeien, aldus Lijster. We moeten dat verschil erkennen, maar “het doel is, paradoxaal genoeg, dat ze er uiteindelijk niet meer toe doen”.

Er valt het nodige op deze essays af te dingen, zoals het gemak waarmee in een betoog over de met diamanten bezette schedel van Damien Hirst van alles onder het begrip ‘barok’ wordt geschaard: Shakespeare, het kapitalisme, Donald Trump, het katholicisme en de filosoof Gilles Deleuze. Of de merkwaardige opvatting van de Verlichting waarin de alledaagse, zintuiglijke ervaring gewantrouwd zou worden.

Maar dat academische wijsgeren zich onder het vaandel van Michel Montaigne en David Hume op het publieke podium begeven zonder de lezer met de voldongen feiten van de wetenschap te intimideren of met de onweerlegbaar abstracte theorieën van de filosofie weg te blazen kan niet genoeg worden geprezen.

Eerder verschenen in NRC Handelsblad (21 juni 2019) en op Maarten Doorman

Recensie door: Remco Nieberg
4/5

Essayistiek zoals het hoort

[Recensie] In zijn eerste essaybundel, De grote vlucht inwaarts (2016), toonde Thijs Lijster zich bewust van de urgentie van filosofie en cultuurkritiek buiten de muren van de academie. Deze disciplines moeten over hun eigen grenzen heen stappen, en “zich weer opdringen aan de publieke sfeer”, zoals hij dat destijds uitdrukte. Het leverde een uitdagende bundel op waarin de filosofie en kritiek een verrassende blik boden op diverse culturele fenomenen, en Lijster tegelijkertijd niet terugdeinsde om met een groter gebaar deze fenomenen te duiden als symptomen van een breder probleem in onze cultuur en samenleving: als reactie op een steeds complexer wordende wereld richt de hedendaagse mens zijn aandacht steeds meer op zichzelf en de privésfeer, en beschouwt hij de buitenwereld in toenemende mate als een buiten zijn macht liggend gegeven. In dat licht viel dan ook Lijsters betrokkenheid bij de publieke sfeer te begrijpen: juist daar kunnen we de maatschappij bekritiseren en haar in andere vormen verbeelden, waarnaar we collectief kunnen handelen.

Eenzelfde betrokkenheid vinden we in Lijsters jongste bundel, Kijken, proeven, denken. Essays over kunst, kritiek en filosofie. Waar De grote vlucht inwaarts nog de cultuur in brede zin tot onderwerp maakte, daar richt Lijster zich in Kijken, proeven, denken allereerst op de (beeldende) kunst. Algauw blijkt dat ook kunst voor Lijster niet een in zichzelf gesloten domein is, maar juist sterk samenhangt met het kritische denken. In het voorwoord schetst hij een beeld van wat deze samenhang behelst. Een kunstwerk is niet het passieve object van onze waarneming en ons oordeel, maar ‘kijkt terug’: het confronteert ons als ‘het andere’, met een betekenis die wij niet geheel kunnen duiden. Sterker, volgens Lijster kijkt het kunstwerk niet alleen terug, maar denkt het ook terug:

“Mijn uitgangspunt in dit boek is dat het kunstwerk zelf een vorm van denken is, een denkvorm, een denkbeeld, een ding-dat-denkt. De beweging die ik wil voltrekken is die van een denken over kunst – zoals kunstkritiek en esthetica traditioneel worden omschreven – naar een denken door kunst.”

Het is deze opvatting die ten grondslag ligt aan de bundel. Dit betekent niet dat de hier verzamelde essays een verdere uitwerking of toelichting zijn bij dit ‘denken door kunst’; eerder zijn het opzichzelfstaande stukken waarin we telkens zien hoe dit denken er in de praktijk uitziet. De bundel is verdeeld in drie delen, waarvan de titels corresponderen met de boektitel, en die respectievelijk handelen over kunst, over essayistiek en kunstkritiek, en over filosofie. Niet alleen ons begrip van het kunstwerk verandert namelijk wanneer wij dit beschouwen als een ‘ding-dat-denkt’, maar ook voor de kunstkritiek en de relatie tussen filosofie en kunst heeft dit consequenties.

Als het kunstwerk een vorm van denken is, kan de taak van de kunstkritiek niet alleen zijn om een oordeel te vellen over het werk, maar het moet het denken dat daarin plaatsheeft expliciteren: “Kunstkritiek is dan inderdaad het tot spreken brengen van het denken-door-kunst, oftewel het expliciteren van de reflectie die zich toch al in en door het kunstwerk voltrekt, en die door de kunstkritiek vertaald wordt in ons alledaagse taalgebruik.” Voor de filosofie geldt niet alleen dat zij nodig kan zijn bij deze explicatie, maar ook dat zij de kunst nodig heeft ‘om zichtbaar en voelbaar te maken dat denken zich niet tot een louter discursief en conceptueel proces laat beperken.’

Zoals gezegd is de bundel geen uitwerking van een centrale these; Kijken, proeven, denken is geen verkapt kunstfilosofisch vertoog, maar werkelijk een essaybundel. Bovendien is Lijster een te goed essayist om zich te veel te laten leiden door de drang een centraal punt te willen maken; veeleer gaat hij vrijdenkend, associatief te werk. Een goed voorbeeld zijn de essays in het eerste deel. Hierin neemt Lijster telkens een bepaald kunstwerk of een kunstenaar als startpunt van het denken. Algauw weet hij verbanden te leggen met het werk van filosofen, schrijvers en wetenschappers, en brengt dat weer in lijn met geschiedenis of maatschappelijke ontwikkelingen. Op het eerste oog niet altijd even verrassend – met Rodins De Denker begint een essay over denken, met Maarten Baas’ klokken een essay over tijd – maar de verrassing zit hem in de wendingen, de verbanden, de inzichten. Daarin komt de grote belezenheid van Lijster naar voren. Moeiteloos vermengt hij handenvol denkers en kunstenaars in zijn essays, en weet daarbij de dubbele valstrik van enerzijds simplificatie, en anderzijds nodeloze ingewikkeldheid te ontwijken: hij gebruikt hun ideeën voor zover ze zijn eigen denken verder helpen, en beschrijft ze helder en treffend.

Zoals gezegd is Lijster het zich “opdringen aan de publieke sfeer” nog niet verleerd. In dit opzicht zijn de essays in het tweede deel, over essayistiek en kunstkritiek, verhelderend. Herhaaldelijk komt Lijster erop terug dat de kunst ons denken over samenleving en cultuur kan vormen. Hierin ligt een belangrijke rol voor de kunstkritiek, die het ‘denken door kunst’ in de publieke sfeer ter sprake brengt: “de criticus beschouwt het kunstwerk als een prisma waardoorheen hij naar de cultuur en de samenleving kijkt, en aan de hand waarvan hij over die samenleving een verhaal kan vertellen.” Het essay is hiervoor een uiterst geschikte vorm:

“Een essay is geen ‘objectief’ feitenrelaas, noch is het een louter persoonlijke ontboezeming. Het maakt van een individuele ervaring, die zelf altijd al bepaald is door de historische en culturele werkelijkheid, een publieke zaak. Juist in het publieke debat van vandaag, waarin eenieder in zijn eigen filter-bubbel opgesloten zit, is het delen van ervaringen cruciaal, en dat maakt het essay tot een democratisch medium bij uitstek.”

De essays van Lijster doen precies dat. Op prikkelende wijze worden kunst, kritiek en filosofie met elkaar in verband gebracht en worden verschillende, vaak actuele maatschappelijke en culturele thema’s aangesneden, zoals moderniteit, religie, levenskunst, financieel kapitalisme, identiteitspolitiek en het Antropoceen. Lijster is daarin scherp, kritisch en uitdagend; zijn uitspraken kunnen voer zijn voor debat, maar juist daarin zijn ze een verrijking voor de publieke sfeer. Essayistiek zoals het hoort.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub Van Alles

Samenvatting

Wanneer we ons verhouden tot kunst wordt het kunstwerk vaak

als een passief object voorgesteld waar we óver spreken, nadenken,

reflecteren en discussiëren. Thijs Lijster stelt tegenover het

denken over kunst van de traditionele esthetica een denken

dóór kunst. Zijn uitgangspunt is dat kunst ‘terugdenkt’: het

kunstwerk is een vorm van denken, letterlijk een denkvorm of

denkbeeld, een ding-dat-denkt. Dit heeft ingrijpende gevolgen

voor ons begrip van kunst, voor de praktijk van de kunstkritiek

en voor de relatie tussen filosofie en kunst. Anders gezegd: voor

het kijken, het proeven en het denken.

Hoe we kunnen denken door kunst laat Lijster zien door werk

van kunstenaars als Maarten Baas, Marina Abramovic en Damien

Hirst te verbinden aan oude en hedendaagse denkers als Michel

de Montaigne, Walter Benjamin en Boris Groys. Meer dan alleen

aan kunst raken deze essays aan uiteenlopende onderwerpen

als de moderne ervaring van tijd, zelfhulp, post-truth, financieel

kapitalisme en het antropoceen.

Toon meer Toon minder
€ 24,99

Verwachte leverdatum: zaterdag 11 juli


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789403144504
Verschijningsdatum
maart 2019
Druk
1
Aantal pagina's
272 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
320: Literaire non-fictie algemeen
Thema's
  • Biografie, literatuur en literatuurstudies
  • Biografie en non-fictieproza
Categorieën

Auteur
Uitgever
Bezige Bij b.v., Uitgeverij De

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden