Voor 23:00 besteld, morgen in huis

Gratis verzending vanaf €17,50

Steun de boekensector

Met of zonder?

Over de betekenis van religie op privé en publiek terrein

Auteur(s): Martien E. Brinkman
Taal: Nederlands
0,15/5
2 recensies
Met of zonder?
Met of zonder?

Recensie

Aantal recensies: 2

Recensie door: Piet Halma
3/5

Over de betekenis van religie op privé en publiek terrein

[Recensie] Hoe gaat Europa er na de corona-epidemie uitzien? Emeritus-hoogleraar theologie aan de Vrije Universiteit Martien E. Brinkman (1950) ziet nieuwe kansen voor een samenleving die zich weer wil laten inspireren door een waarden gedreven samenleving. In zijn boek Met of zonder? Over de betekenis van religie op privé en publiek terrein ziet hij nieuwe ruimte voor levensbeschouwing.

Door al het gesleep van goederen en het gereis over de aardbol is ons leven kwetsbaar geworden, constateert Brinkman. Wat gisteren op het ene werelddeel gebeurde kan vandaag ook op het andere plaatsvinden. Volksgezondheid valt niet meer nationaal te regelen; het is meer dan ooit een internationaal thema.

Deze kwetsbaarheid confronteert ons met vragen die nu actueel zijn geworden. Hoeveel mag de zorg voor ouderen ons kosten? Gaat ziekenhuiszorg boven verpleeghuiszorg en gaan eigen mensen (eigen volk) altijd voor?

Voor Brinkman hebben dit soort vragen niet alleen een ethische, maar ook een religieuze dimensie. Onze kijk op het leven, onze levensbeschouwing speelt hierbij een rol. Die dimensie ziet Brinkman nog vrijwel uitsluitend naar voren gebracht vanuit orthodoxchristelijke zijde. Maar van een gesprek over een meer open cultuur verneemt hij weinig. Brinkman hekelt in dit verband het zwakke geluid van het CDA als het gaat om de levensbeschouwelijke kant van de milieuwetgeving, de zorg, het onderwijs en de inrichting van onze economie.

De titel Met of zonder? ontleent Brinkman aan de plaatselijke patatboer uit zijn Groningse jeugdjaren. Voor hem mocht het patat zonder een vette klodder zijn. Maar op de vraag of het in onze cultuur zonder God kan antwoordt hij voluit met een mét.

Brinkman voert net als in zijn andere boeken (onder andere Grote woorden) graag dichters en literaire boekenschrijvers op.  Hij trekt zich aan hen op als het gaat om het zoeken naar en vinden van nieuwe woorden die het huidige levensgevoel onder woorden brengen en mogelijkheden bieden het eigen godsgeloof bij de tijd te brengen. In dit boek gaat hij vooral in op het werk van de schrijver Oek de Jong, die in Zwarte schuur of zoek gaat naar verzoening en hoe kruisbeelden uit de schilderkunst hem inspireren los te komen van zijn verleden. Alleen al zijn exegese van De Jongs boek (Deels eerder ook verschenen in Het Goede Leven) zou de aanschaf van dit boek de moeite waard maken. De sterke relatie tussen religie en mensbeeld onderzoekt Brinkman ook bij de dichter Rutger Kopland, gedichten die neigen naar het mystieke. Goede poëzie stelt ons verstand op de proef en openen een perspectief waarin onze eigen opvattingen niet meer gelden, zo citeert hij de dichter zelf. Ook bij andere kunstenaars ziet Brinkman soms een verfrissende vrijheid om weer onbeschroomd motieven uit de religieuze traditie op te nemen.

Wat het allemaal betekent voor de Godsvraag van de moderne mens, die niet meer hoeft af te rekenen met een God als alleskunner en allesweter? Het serieus nemen van literatuur en poëzie kan daarbij zeker behulpzaam zijn.

Het intermezzo van literatuur en poëzie heeft Brinkman nodig om meer aandacht te vragen voor levensbeschouwing in wat hij noemt de publieke ruimte. Hij stoort zich aan het gebrek aan de inbreng van religieuze tradities bij grote herdenkingen zoals bij de MH17. Ook heeft hij moeite gekregen met toespraken bij begrafenissen die niet veel verder gaan dan persoonlijk herinneringen van de achtergebleven kinderen, zonder de religieuze en maatschappelijke betekenis van de overleden persoon te benoemen, laat staan in de muziekkeuze door te laten klinken. Zogenaamde neutrale organisaties bestaan volgens Brinkman niet. Hij wijst bijvoorbeeld op een organisatie als De Hoop, die niet neutraal is, maar door hun waarden gedreven aanpak succes hebben. Ze bieden niet alleen een effectief afkickprogramma, maar ook een levensperspectief en een opvanggemeenschap.

De kerk gedraagt zich volgens Brinkman nog teveel als kefhondje (bijvoorbeeld met betrekking tot de vluchtelingenopvang en het armoedevraagstuk) waar weinig politici wakker van liggen. Alhoewel de speelruimte niet zo vreselijk groot is ziet hij nog steeds een toekomst voor de kerk. Hij ziet nieuwe mogelijkheden om in te spelen op wat er zich in de cultuur en de samenleving afspeelt. Bijvoorbeeld de kerk als plaats van bezinning en beleving, als plaats waar hoogte- en dieptepunten van het leven worden gedeeld, als katalysator van naastenliefde en als plaats van godsontmoeting. “Het kon slechter”, zo citeert hij uit zijn Groningse achtergrond.

Dit essayistisch geschreven boek van Brinkman laat je weer met andere ogen kijken naar wat kunstenaars je willen zeggen én om niet bij de pakken neer te zitten als het gaat om zoeken naar nieuwe waarden gedreven uitingen, ook in de politiek, die ons ook na de coronatijd kunnen inspireren.

Eerder verschenen in het Friesch Dagblad

Recensie door: Wolter Huttinga
3/5

Over de betekenis van religie op privé en publiek terrein

De auteur

[Recensie] Martien E. Brinkman is emeritus-hoogleraar theologie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. De afgelopen jaren schreef hij veel over het grensvlak van religie en cultuur.

Thematiek

“Met of zonder?” Als u de associatie met friet hebt, dan klopt die. Martien Brinkman kreeg als kind deze vraag voorgeschoteld wanneer hij een patatje bestelde. Als volwassen theoloog stelt hij hem ook, maar dan niet over mayonaise, maar over God. Is onze samenleving beter af zonder religie, zoals velen denken? Of is de invloed van religie en geloof nog altijd onmisbaar – ook al is het christelijk geloof grotendeels weggeëbd? Brinkmans antwoord is kort gezegd: we zijn nu eenmaal ongeneeslijk religieus en een samenleving kan niet functioneren zonder religieuze bronnen van waarde. Religie en cultuur zijn “onontwarbaar verknoopt” en een strikte scheiding tussen kerk en staat is volgens hem nooit mogelijk. Religie is irritant ongrijpbaar voor de staat, omdat het ten opzichte van het menselijke altijd naar een onszelf overstijgend perspectief wijst. Maar religie definitief een plek achter de voordeur wijzen zou dom zijn, betoogt Brinkman. Dan verlies je als maatschappij het enorme waardenreservoir dat religie belichaamt.

Oek de Jong en Rutger Kopland

Het boekje is te beschouwen als een lang essay in drie hoofdstukken. In het eerste en derde deel voert Brinkman het pleidooi dat hierboven kort is weergegeven, maar in het tweede deel doet hij iets anders. Je zou je kunnen afvragen of het niet achterhaald is om over de rol en de invloed van religie na te denken. We hebben geloof en kerk toch massaal achter ons gelaten? Poppetje gezien, kastje dicht. In het werk van dichters en kunstenaars ontwaart Brinkman echter grote ontvankelijkheid voor het religieuze, het mystieke, voor oude thema’s als verzoening en heelheid, genade en verwondering. Een interpretatie van het werk van schrijver Oek de Jong en dichter Rutger Kopland illustreert dit. Al hebben de kunstenaars God ver achter zich gelaten, toch piept ‘God’ overal weer doorheen.

Actuele zinnen

Meestal blijft het betoog over de samenhang van religie en cultuur abstract. Tegen het eind wordt hij concreter. Hij wijst op het gemis van een politieke aanpak van de coronacrisis die de diepere lagen van de menselijke ziel kan aanboren. “Strikt zakelijke politiek staat dan meestal met lege handen. In de politiek blijkt het dan ineens om veel meer te gaan dan een keurig in wetgeving en democratische spelregels vastgelegde ordening van de samenleving. Kortom, politiek bedrijven in een levensbeschouwelijk vacuüm is maar in zeer beperkte mate mogelijk. Het kan ook riskant zijn. Als er niet al een waardenreservoir klaarligt, kan een populistische roeptoeter zomaar voor een rampzalige invulling zorgen.”

Reden om dit boek niet te lezen

Ik kan niet zeggen dat het betoog wereldschokkend is. Het is bekend en al vele malen gehouden. Dat religie een onmisbaar waardenreservoir voor de samenleving biedt. Dat zelfs die verguisde en gedateerde christelijke kerk een onopgeefbare ‘oefenplaats’ voor het goede leven is, die zuurstof produceert voor een gezonde democratie. Toegewijde gelovigen binnen het CDA zullen knikken en ‘ja’ roepen en het al honderd keer gehoord en betoogd hebben. Ook de comeback van religie in het publieke domein of in de kunsten is nou niet echt een thema waarvan ik zeg: ‘Joh, vertel, daar had ik nou nog nooit van gehoord.’ Verder weet Brinkman de driedeling en de samenhang van de verschillende thema’s van het boek aardig te verantwoorden, maar het voelt toch best bijeengeraapt aan. Van de plek van religie in het publieke domein naar het mystieke verlangen in de poëzie van Rutger Kopland – ik snap de link, maar het is wel even een overgang.

Reden om dit boek wel te lezen

Het betoog is misschien niet nieuw en niet verbijsterend origineel, maar wel nodig. Je hoort de theoloog verzuchten: wanneer gaan Nederlanders nu eens wat meer beseffen dat het christelijk geloof een bron van waarde is in plaats van een bron van ellende, indoctrinatie en jeugdtrauma’s? Je hoort met enige regelmaat niet-gelovige denkers opperen dat de kerk eigenlijk een schitterend instituut is, maar dat het alleen jammer is dat je ervoor in zo’n malle God moet geloven. Juist op dit punt biedt het boek waardevolle openingen: ‘geloven in God’, het zou wel eens iets anders, iets openers kunnen zijn dan je denkt en iets dat meer met leven en menszijn te maken heeft.

Eerder verschenen in Trouw

Samenvatting

De bekende vraag ‘met of zonder?’ brengt Martien Brinkman in dit boek in verband met de betekenis van religie op privé en publiek terrein. Wat fascineert mensen in religie? Waarom botst het soms tussen religie en overheid? Hij ontdekt bij een schrijver (Oek de Jong) en een dichter (Rutger Kopland) nieuwe openingen tot de religieuze dimensie van ons bestaan. Dat brengt hem ertoe van een vruchtbare spanning tussen religie en cultuur te spreken. Een spanning die ook gevolgen heeft voor de verhouding kerk-staat. De rol die de Amsterdamse Mozes en Aäronstraat tussen Koninklijk Paleis en Nieuwe Kerk bij nationale plechtigheden vervult, is hem hierbij symbolisch tot richtsnoer.

Toon meer Toon minder
€ 18,50

Verwachte leverdatum: woensdag 21 april


Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789464313130
Verschijningsdatum
januari 2021
Druk
1
Aantal pagina's
124 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
700: Theologie algemeen
Categorieën

Uitgever
Boekscout

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden