Nachtouders

Auteur(s): Saskia de Coster
Taal: Nederlands
0,2/5
2 recensies
Nachtouders
Nachtouders
Nachtouders

Recensie

Aantal recensies: 2

Recensie door: Marnix Verplancke

Modern ouderschap is heel vaak niet-biologisch

De eerste zin

“Streng als een god knikt het jongetje naar hen.”

Recensie

Dat jongetje is Saul, het zoontje van Saskia en Juli of, om het louter biologisch te bekijken, dat van Juli en de Canadese homoseksuele spermadonor Karl, een artistieke vriend van Saskia waar beide vrouwen een goed gevoel bij hadden. Wanneer het jongetje een is, plant het koppel een reis naar Canada en Alaska waarbij het nuttige aan het aangename gekoppeld zal worden. Zij zullen een nieuw stukje van de wereld zien en Karl zal voor het eerst zijn zoon ontmoeten en de kans krijgen ermee te bonden. Maar plannen durven wel eens anders uitdraaien eens geconcretiseerd natuurlijk.
Samen met Inge Jooris kreeg Saskia De Coster vier jaar gelegen een zoontje, een gebeurtenis die geen mens onberoerd laat en zeker geen schrijfster als De Coster. Wat dit met een mens doet is een van de thema’s van Nachtouders. Juli en Saskia leefden in een cocon, schrijft ze, van liefde en dat ietsje meer, en Saul scheurde die cocon aan flarden. In de roman komt dit proces tot een pijnlijk hoogtepunt op het Canadese eiland Portes, waar Karl woont, in een hippiegemeenschap die de twee Belgische vrouwen en hun zoontje meteen omarmt. Karl houdt Saul liever op afstand, maar zijn moeder adopteert het kind meteen als een van hen, en propt het, aldus Saskia, daarop meteen vol met eten. De o zo vrije hippiegemeenschap gaat zij steeds meer als een knellend keurslijf ervaren, terwijl Juli het allemaal met een kalme gelatenheid over zich heen laat gaan. Wanneer reizen we nu door naar Alaska, blijft Saskia herhalen, we zouden hier toch maar een weekje blijven? Maar de weken rijgen zich al gauw aan elkaar tot bijna twee maanden. De stille kracht die zowel verleidt als vernietigt laat de vrouwen niet meer los.

De Coster heeft haar roman bijzonder ingenieus opgebouwd. Er zijn de gebeurtenissen op het eiland, doorweven met betekenisvolle flashbacks naar het verleden, zoals naar Saskia’s eigen kindertijd, naar Juli’s bevruchting en naar Sauls geboorte. Daarnaast worden de beddialogen van Saskia en Juli woordelijk weergegeven, als recapitulaties en sfeerbeelden die – zeker wanneer de vrouwen zwijgen – bijzonder veelzeggend blijken. En dan zijn er nog de notities die Saskia in een apart schriftje maakt, voor Saul, voor later. Het komt allemaal samen in een boeiende, beeldrijke roman die blijft fascineren tot de laatste pagina.

3 vragen aan Saskia De Coster

Een kind krijgen kan spanning op een relatie zetten. Had je ook die ervaring?

De Coster: “Het was alleszins heel ingrijpend. De meeste boeken over kinderen gaan over hoe verrijkend die zijn, maar de realiteit is complexer. Een kind heeft enorme gevolgen voor wie je bent, voor de relatie met je partner en voor je plek in de wereld. Je bent altijd zelf een kind geweest en opeens moet je ouder worden en zelf voor een kind gaan zorgen. Vroeger was dat allemaal veel duidelijker en hiërarchischer. Je had de mama, de papa en het kind, en dat kind moest vooral luisteren. Nu willen wij aandacht schenken aan onze kinderen en tezelfdertijd onze eigen identiteit bewaren, en dat wringt soms. Welke vrouw wil vandaag nog enkel als moeder gezien worden?”

En als niet-biologische ouder ligt dat wellicht nog een stuk moeilijker?

De Coster: “Jullie zijn de twee mama’s, zeggen mensen dan, jullie zijn gelijk, maar dat is natuurlijk niet zo. Ik speelde een tijdje met het idee mijn boek als ondertitel Vaderboek mee te geven omdat het moederschap vandaag te veel benadrukt wordt. Er is ook die ander, de man, of in mijn geval de lesbische partner. Wanneer er borstvoeding gegeven wordt, sta je naar toch maar een beetje naar te kijken. Ons zoontje is een blond, Arisch godje. Ik word regelmatig voor een zwartharige Joodse aanzien. O, maar wat lijken jullie op elkaar, roepen mensen dan vertederd uit. En dan denk ik: maar nee, dat is gewoon niet waar. En dat hoeft ook helemaal niet. Modern ouderschap is heel vaak niet-biologisch, kijk naar nieuw-samengestelde gezinnen. Je mag het biologische verschil erkennen, dat staat los van hoeveel liefde ik mijn zoontje wil geven.”

Later zal je zoon dit boek wellicht lezen. Heb je daar bij het schrijven aan gedacht?

De Coster: “Tijdens het schrijven niet, maar nu het boek er is wel. Ik zie nu dat bepaalde passages echt wel aan hem gericht zijn. Ik hoop dat als hij het leest, hij een bepaalde eerlijkheid en kwetsbaarheid zal zien die ik hem zelf ook toewens. Maar het is best mogelijk dat hij het nooit zal lezen, natuurlijk. Momenteel flakkert er een heel wilde machoman in hem op. Ook al heeft hij twee vrouwen als moeder en een homo als spermadonor, toch ziet het ernaar uit dat hij een geweldige heteroseksueel is.”

Eerder verschenen in Knack

Recensie door: Tea Lierop van
4/5

Spitsvondige, liefdevolle en oprechte observaties

[Recensie] Nachtouders van Saskia de Coster is genomineerd voor de shortlist van de Libris Literatuur Prijs 2020, een goede reden om het boek te gaan lezen. De Vlaamse auteur heeft al een aantal werken op haar naam staan, onder andere Wij en ik, dat in 2014 bekroond werd met de Opzij Literatuurprijs.

De eerste indruk die beklijft bij het oppakken en doorbladeren van het boek is de lichtheid. De wolken die wat blote, mollige lichaamsdelen zichtbaar laten, het grote aantal hoofdstukjes – soms ultra kort – en het motto van Pippi Langkous “Ik heb het nog nooit gedaan dus ik denk wel dat ik het kan.” vormen dit lichte verwachtingspatroon. Het koppel Saskia en Juli wenst een kind, dat wil zeggen: beiden hebben niet dezelfde drang, maar omdat ze zoveel van elkaar houden zullen ze tot overeenstemming komen. De springerige hoofdstukjes wisselen elkaar in rap tempo af in Schrift (dit is het verhaal voor Saul, de baby), dagen op het eiland, in bed (of soortgelijke plaats) en flashbacks.

Opvallend is de vorm waarin de auteur dialogen tussen Saskia en Juli beschrijft. Het lijkt of dit figuren zijn uit een toneelstuk, bij het lezen duiken de beelden op: Juli en Saskia op de planken. 

“Saskia: Goed, we gaan. Ik zal de tickets boeken.Juli: Dat geloof ik niet, dat jij de tickets gaat boeken. Saskia: Klopt, boek jij maar. Lekker de planeet vervuilen om met ons kind naar de andere  kant van de wereld te gaan. Hij zal zich er niks van herinneren als hij groot is.”

Dit citaat gaat over de voorbereidingen van de reis die ze met zijn drieën gaan maken. Een serieuze onderneming met zo’n klein kind, ver weg naar Canada waar ze Karl, de biologische vader zullen ontmoeten. Extra kleurrijk is de bestemming waar de hereniging plaats zal vinden, het is een hippie-eiland. De wortels van Karl liggen hier, zijn grootvader was rondreizend houthakker, totdat hij het reizend bestaan inruilde voor een vaste plek op Portes, een schilderachtig eiland voor de Canadese kust. In de jaren zestig kwamen de hippies die zich als één grote familie gedroegen, van de natuur leefden en zich Olsen gingen noemen, naar opa Thor Olsen. In deze prachtige omgeving tussen woudreuzen ontrolt zich het verhaal van “Juli, Saskia en Saul op Portes.”

De boom is onmiskenbaar een motief waaraan het verhaal mede haar kracht ontleent. Als symbool van vruchtbaarheid, leven en geaardheid komt hij gedurende het boek vele malen tevoorschijn. Over de kinderwens gaat dit stukje: Juli heeft een kinderwens, bij Saskia ligt dat anders.

“Er is een biologische reden om geen kinderen te willen, vermoedt Saskia. Anders valt het niet uit te leggen. Zij voelt het niet, die hormonenrush, die onweerstaanbare drang, die roep van het lichaam dat in Bijbelse verhalen over zichzelf spreekt alsof het een fruitboom is: ‘Dit lichaam moet vrucht dragen’ of in dagboeken van echte vrouwen laat noteren: ‘Dit lichaam wil helemaal zelf een kind maken met alleen zichzelf, een zaadcel en Google voor prangende vragen tijdens de zwangerschap.’ Echte vrouwen, vriendinnen van haar, hebben lichamen die hun dictatoriaal toebulderen dat ze kinderen eisen en de vrouwen hebben maar te gehoorzamen.”

De twijfel die aan Saskia knaagt moet ze gedeeltelijk alleen dragen. Alleen in haar ‘Schrift’ kan ze de werkelijke reden van haar weerstand verwoorden: geen tijd meer te hebben voor schrijven (auteur) en de werkelijke reden: ik, ik, ik (ik)

Juli draagt het kind, maar beiden zijn moeder. Het besef moet groeien en er blijft altijd een ‘echte’ moeder van Saul. Zij weet het jongetje stil te krijgen wanneer het huilt en wanneer het medische verzorging nodig heeft zoals die keer dat hij een nogal bloederig ongelukje kreeg. Saskia heeft dat allemaal niet van nature en ze weet het, signaleert het en worstelt ermee.

Humoristische passages maken de zwaarte van levenskwesties lichter; zelfspot, ironie en grappige observaties zijn de smaakmakers van deze autobiografische roman. De reis kent hoogte- en dieptepunten, maar hét literaire toppunt is de aanval van de gier. Angstaanjagende, bijna mythische, scenes spelen zich af wanneer een enorme roofvogel het gemunt heeft op de kleine Saul terwijl Saskia als enige aangewezen beschermer in zijn buurt is. Zoals in een enge film van Hitchcock wordt de dreiging langzaam opgevoerd en weet zo de lezer te ketenen aan het beeld van de letters.  

Aandacht is er ook voor de rol van de wederzijdse ouders. Openhartig wordt gesproken over acceptatie van homoseksualiteit en vooral het afwijzen doet zeer.

Tot slot is het belangrijk om nog even stil te staan bij het fijne, lichte, rake en poëtische taalgebruik dat regelmatig de mondhoeken laat opkrullen door de grappige vergelijkingen en de koddigheid van de opgeroepen beelden.

“Als mollen die zich een weg naar buiten hebben gegraven staan we op het grasveld tegen het daglicht te knipperen. Een alcoholnevel sluimert nog in ons lijf. Saul is opgetuigd in een victoriaanse kraag van kant en een Olsenjurk met een motief dat aan zowel overdadig bloemenbehang als aan militaire camouflagekleding doet denken.”

Eerder verschenen op Met de Neus in de Boeken

Samenvatting

‘Dit is mijn verhaal, maar het is, denk ik, ook het verhaal van iedere ouder die wel eens gewankeld heeft.’ – Saskia De Coster

Saskia en Juli gaan met hun zoontje van één jaar naar een Canadees hippie-eiland. Daar groeide Karl op, de biologische vader van het jongetje. Ze komen terecht in een wifiloze wereld waar de natuur de wetten dicteert en waar de eilandbewoners een pijnlijk geheim over Karl delen.

Voor Saskia komt alles onder spanning te staan: haar relatie met Juli, haar vriendschap met Karl, haar schrijverschap. Is ze wel een echte moeder, als niet-biologische ouder? En kun je dat leren, een ouder worden? Hoe moet ze zich verhouden tot haar zoon, haar bloedeigen niet bloedeigen zoon?

Saskia de Coster (1976) is auteur van een eigenzinnig oeuvre. Haar werk werd in meer dan tien talen vertaald.

Toon meer Toon minder
€ 24,99

Verwachte leverdatum: Onbekend

Niet bestelbaar

Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
ISBN
9789492478672
Verschijningsdatum
januari 2019
Druk
1
Aantal pagina's
427 pagina's
Illustraties
Ja
Nurcode
301: Literaire roman, novelle
Categorieën

Uitgever
Das Mag Uitgeverij B.V.

Service & contact

Heb je ons nodig? Onze klantenservice helpt je graag verder

Klantenservice

Gratis bezorging

vanaf € 17,50

Retourneren

retourneer je artikel

Op werkdagen voor 23:00 besteld

morgen in huis

Stevig verpakt

bezorgd door PostNL

Veilig en snel winkelen

Betaalmogelijkheden