15 eeuwen Nederlandse taal

Woensdag, 30 november, 2022

Geschreven door: Nicoline van der Sijs
Artikel door: Lalagè

Dit boek staat bomvol boeiende feitjes

De enige taal die niet verandert is een dode taal.

[Recensie] Nicoline van der Sijs laat aan het begin van dit boek al merken hoe ze naar het Nederlands kijkt: niet als taalpurist die anderen verbetert, maar met verwondering over hoe dynamisch taal is. Zelf kan ik me wel ergeren aan taalfouten, maar taalkundigen (zoals ook Marc van Oostendorp) helpen om er mild naar te kijken. Die foutjes ontstaan immers niet willekeurig; er zijn trends in te ontdekken. En als een afwijkende vorm maar vaak genoeg wordt gebruikt, zal die uiteindelijk worden overgenomen door anderen en opgenomen in de standaardtaal.

Onze Nederlandse taal is niet uit de lucht komen vallen. 15 eeuwen Nederlandse taal begint bij het Indo-Europees, waaruit door migratie van mensen het West-Germaans ontstond. Daarna komt het Oudnederlands in de Middeleeuwen. En zo wordt elk hoofdstuk een tijdvak besproken, met de bijbehorende taalverschijnselen. Dat begint steeds met de historische context van die periode, wat ik al zo knap beschreven vind. Het is toegankelijk voor een leek en tegelijk erg informatief. Na de geschiedenis worden achtereenvolgens de veranderingen behandeld in klank, spelling, verbuigingen en vervoegingen, samenstellingen en afleidingen, leenwoorden en zinsbouw. Dat ik dit zo kan opnoemen is te danken aan de heldere inleiding.

Aan de ene kant verandert het Nederlands onder invloed van andere talen, bijvoorbeeld door handelscontacten en door immigranten. Door leenwoorden worden spellingen geïntroduceerd die niet consistent zijn met het Nederlands. Aan de andere kant zorgen onder andere die immigranten ervoor dat onregelmatigheden verdwijnen. Wie op latere leeftijd Nederlands leert spreken, krijgt de sterke werkwoorden (om maar een voorbeeld te noemen) moeilijker onder de knie. Kinderen die leren lezen moeten een ezelsbruggetje leren voor de spelling van voltooid deelwoorden (’t kofschip of soft ketchup). Jongeren hebben het steeds vaker over ‘de meisje’ en taalkundigen voorspellen dat het lidwoord ‘het’ op den duur zal verdwijnen.

Technisch Weekblad

Dit boek staat bomvol boeiende feitjes. Wist je bijvoorbeeld dat in de zeventiende-eeuwse Nederlandse Republiek in totaal meer boeken werden gedrukt dan in de hele rest van de wereld bij elkaar, waarvan de meerderheid Nederlandstalig was! Verder ontdekte ik dat het woord ‘doemdenken’ is bedacht door Van Kooten en De Bie en dat Hollanders al eeuwenlang de n aan het eind van werkwoorden niet uitspreken.

Ook interessant zijn de stukjes over de verschillen in gesproken taal tussen Nederlandstaligen in verschillende provincies en ook Suriname. Het Fries komt af en toe om de hoek kijken. In het verleden waren er periodes dat mensen het Vlaams-Nederlands wilden laten aansluiten op de Hollandse taal, maar er werd ook gepleit voor een eigen standaardtaal. Is het je weleens opgevallen dat in de spelling van Vlaamse achternamen veel meer variatie zit dan in de Nederlandse? Dat komt doordat het vastleggen van achternamen in Nederland onder Napoleon gebeurde ná het standaardiseren van de spelling, terwijl dat in Vlaanderen andersom ging.

Ik heb ontzettend veel geleerd van dit geweldige boek, dat veel gestructureerder is dan dit artikel. Het is heerlijk om meer te weten over hoe taal verandert en welke ontwikkelingen hebben geleid tot hoe wij nu praten en schrijven.

Eerder verschenen op Lalageleest