De droom van de Ier

Vrijdag, 16 april, 2021

Geschreven door: Mario Vargas Llosa
Artikel door: Ger Groot

Laat ons samen deugen

[Recensie] Zo’n dertig jaar geleden begon de Peruaanse schrijver Mario Vargas Llosa (Nobelprijswinnaar voor de Literatuur 2010) romans te enten op historische personages en gebeurtenissen. Dat heeft schitterende resultaten opgeleverd als De oorlog van het einde van de wereld uit 1981, een hallucinerend panorama van een apocalyptische volksopstand in het noordoosten van Brazilië eind 19de eeuw. Of Het feest van de bok, waarin hij een kleine twintig jaar later het wrede regime beschreef dat de dictator Trujillo uitoefende in de Dominicaanse Republiek.

Maar niet altijd pakte het goed uit. Een paar jaar geleden mondde Het paradijs om de hoek, een dubbelportret van schilder Gauguin en diens half- Peruaanse grootmoeder Flora Tristán, uit in een collectie clichés vol politieke correctheid. Hetzelfde is nu het geval met de pijlsnel vertaalde roman De droom van de Ier, het recentste boek van de 75-jarige schrijver.

Hoofdfiguur van De droom van de Ier is de Britse diplomaat Roger Casement, die in 1864 in Dublin geboren werd. Als consul in Afrika schreef hij een geruchtmakend rapport over de rubberwinning in het Congo van de Belgische koning Leopold II. Enkele jaren bracht hij in opdracht van de Britse regering een vergelijkbaar rapport uit over de toestanden in het Amazone-gebied.

Dat alles maakte Casement tot een held van de antislavernijbeweging en leverde hem zelfs een adellijke titel op. Ironisch was dat wel, want intussen had hij een diepe haat jegens het Britse Rijk ontwikkeld. Dat gedroeg zich ten opzichte van Ierland volgens hem nauwelijks minder wreed en koloniaal dan België ten opzichte van Congo. Casement werd een felle nationalist, die in WO I met behulp van Duitsland een opstand trachtte te ontketenen tegen het sterk verzwakte moederland.

Wordt Vervolgd

Hoogverraad

Die opzet mislukte, hij werd wegens hoogverraad veroordeeld en in 1916 terechtgesteld. Zo’n levensverhaal had een prachtige roman kunnen opleveren, vol morele dilemma’s en psychologische spanning. In plaats daarvan blijft Vargas Llosa steken in ideologische gemeenplaatsen en bordkartonnen emoties. ‘Hij had heimwee naar zijn land’, laat hij zijn held in het oerwoud van de Amazone denken. ‘Sinds hij van dichtbij de lijdensweg van andere gekoloniseerde volken had gezien, deed de situatie van Ierland hem meer verdriet dan daarvoor.’

De verguisde en pas gaandeweg in Ierland gerehabiliteerde Casement moet bij Vargas Llosa hartgrondig deugen – en dat levert geen levensecht mens op. Zelfs de homoseksualiteit waarover Casement in zijn dagboeken openhartig schreef wordt in De droom van de Ier zo keurig mogelijk gehouden. Vargas Llosa beschouwt die dagboeken als authentiek (dat is nog altijd een omstreden kwestie), maar laat de woeste promiscuïteit die eruit spreekt voornamelijk een vrucht van Casements fantasie zijn. Homo mag je inmiddels zijn, maar dan wel in het nette.

In de loop der jaren is de moralist in Vargas Llosa de romanschrijver in de weg gaan zitten. Zijn helden zijn de belichaming geworden van de deugden waaraan je je geen buil kunt vallen: liberaliteit, vrouwvriendelijkheid, dierenzorg, beschaafd non-conformisme. Zijn helden worden zoetsappige rolmodellen en zijn lezers komen er ook al even genadig vanaf. Natúúrlijk zijn zij diep verontwaardigd over de misstanden in Congo en het Amazonegebied. Het boek bevestigt van begin tot eind dat ook zij goddank aan de goede kant staan.

Slavernij

Zo laat Vargas Llosa geen enkele twijfel toe ten aanzien van de oprechtheid van de Britse strijd tegen de slavernij. Dat de lucratieve rubberwinning naar aanleiding van Casements rapporten alleen maar uit het Amazonegebied verdween om naar de Britse kolonies te worden overgeplant, wordt terloops vermeld, zonder enig wantrouwen los te maken. Ook de vraag of Engeland – in zijn eentje verantwoordelijk voor bijna de helft van de transatlantische slavenhandel – of de VS wel de aangewezen grootmachten waren om de rest van de wereld daarover de les te lezen, blijft bij Vargas Llosa liggen. Laat staan dat de lezer daardoor aan het twijfelen wordt gebracht over de wijze waarop hoge humanistische principes in de huidige Angelsaksische Realpolitik hun dubbelzinnige rol mogen spelen.

Het grootste morele dilemma waar Casement bij Vargas Llosa voor komt te staan, is uiteraard diens samenwerking met de Duitsers, ter wille van zijn eigen nationalistische ideaal. Vargas Llosa registreert het allemaal keurig: Casements twijfels en de weerstand die hij bij zijn medestrijders ondervindt. Maar noch zijn interne strijd noch de morele vragen die daarbij in het geding zijn krijgen enig reliëf. Meer dan een portretschilder is Vargas Llosa de boekhouder van Casements leven geworden – met de bijbehorende eentonigheid als gevolg.

De droom van de Ier is een van Vargas Llosa’s steeds talrijker boeken waarvan je je afvraagt of het nog wel geschreven is door dezelfde auteur als die van De oorlog van het einde van de wereld of – nog verder terug – Gesprek in de kathedraal. Een Nobelprijs wil een schrijver nog wel eens in de weg zitten, maar de neergang van Vargas Llosa dateert van veel vroeger. En toch komt er soms nog een plotseling meesterwerk uit zijn vingers. De droom van de Ier is daarvan het tegendeel – maar het heeft bij Vargas Llosa altijd de moeite geloond daarop te blijven wachten.

Eerder verschenen in NRC