De gezichten

Donderdag, 21 april, 2022

Geschreven door: Tove Ditlevsen
Artikel door: Guido Goedgezelschap

Een duistere sluier dwarrelt neer over de menselijke geest

Een moeder kwam bij mij:
zeg eens
wat ontbreekt er aan mijn liefde?
Mijn kinderen houden niet van mij
zoals ik van hen houd.
Ik zei:
onverschilligheid,
een beetje onderkoelde onverschilligheid
ontbreekt aan je liefde
~toen liep ze weg
kijkend naar de grond.” (Henry Portland)

[Recensie] In De gezichten wordt de lezer regelmatig geconfronteerd met poëzie. Tove Irma Margit Ditlevsen (°1917, Vesterbo, Kopenhagen – x1976, Kopenhagen), was een van de belangrijkste Deense auteurs. Toch werd zij jarenlang gezien als een schrijver die niet in de literaire kringen thuishoorde: naast een groot aantal fans werd zij door velen neergesabeld. Toch bleef Ditlevsen altijd openhartig schrijven over haar vier gestrande huwelijken en over haar sluimerende drugsverslaving. Ze schreef niet alleen literaire proza, maar ze was ook dichteres, vandaar haar liefde voor de poëzie. De vertalingen van haar literaire werk hebben lang op zich laten wachten. De autobiografische Kopenhagen-trilogie (1967-1971), Kindertijd, Jeugd en Afhankelijkheid verschenen pas in 2020 in het Nederlands. De gezichten (Ansigterne, 1968), een roman, werd uitgegeven bij Das Mag Uitgevers (2022) in een vertaling van Lammie Post-Oostenbrink, net zoals de Kopenhagen-trilogie.

“Ik krijg geen letter meer op papier.” Een zinnetje dat je vaak te horen krijgt van auteurs die in een soort dipje zijn geraakt. Meestal is dat een tijdelijke vaststelling, …

De veertigjarige Lise heeft het allemaal goed voor elkaar: gehuwd, twee kinderen en auteur van een succesvol jeugdboek. En toch, … ze zit niet lekker in haar vel. Het succes eist van haar een zware tol.

Besteedt ze wel genoeg tijd aan haar kinderen? Kan ze haar man nog altijd voor honderd procent vertrouwen? Is hij jaloers op haar succes? Is haar boek wel volledig origineel? Gaat men haar beschuldigen van plagiaat? Deze, en vele andere vragen teisteren haar brein, dag en nacht.

“Succes is een verminking van de natuurlijke mens.” (Graham Greene)

Dagenlang zit zij inspiratieloos aan haar schrijftafel terwijl de verwardheid in haar hoofd een steeds ingewikkelder en onontwarbaar kluwen vormt. Meer en meer is zij er van overtuigd dat haar man Gert en haar huishoudster/kindermeid, Gitte, plannen smeden om haar het huis uit te werken. Stemmen in haar hoofd en gezichten die ze overal ziet (tot in de verluchtingsroosters toe) sleuren haar als in een draaikolk dieper en dieper in de duisterste duisternis. Een opname in een instelling is onvermijdelijk, …

“De werkelijkheid, zei hij, bestaat alleen in uw hoofd. Het zou een stuk beter met u gaan als u dat besefte. De werkelijkheid heeft geen objectief bestaansrecht.”
“Waar bevind ik me dan? vroeg ze?
“In het bewustzijn van anderen, […]
“Dat wil ik niet, zei ze bang, ik wil alleen mezelf zijn.”

Het wordt een zwar(t)e periode in de instelling, de werkelijkheid lijkt zeer ver weg. Het herstel verloopt over een hobbelige, kronkelende, haast onbegaanbare weg, langs de diepste ravijnen, …. Het einde van de tunnel onzichtbaar en ogenschijnlijk onbereikbaar. Is het mogelijk om terug te keren in de realiteit? Heeft iedereen uit haar omgeving het beste voor met Lise?

Laat hen de wereld bevrijden die er zin in hebben, als ik met rust gelaten kan worden om haar duidelijk en helder en als eenheid te betrachten.” (Ernest Hemingway)

Juist, […], dat zei je. En daarmee was je lot bezegeld. Hemingway schoot zichzelf door het hoofd. Hij was te oud, net als jij. Hij behoorde tot de dode wereld. […] Je zou je eigen gezicht eens moeten zien. Het lijkt op het gezicht van een lijk.

Neen, dit is geen technische benadering, maar een zeer confronterend verhaal waarin we het hoofdpersonage, Lise, zien afglijden in een onrealistische wereld. Een wereld die beheerst wordt door waanvoorstellingen en hallucinaties. Het constante gevoel dat iedereen het slechtste met haar voor heeft, katapulteert haar onder een koepel, een vreemde omgeving waaruit het haast onmogelijk is om te ontsnappen. De vicieuze cirkel zit als een stalen band om haar heen en is moeilijk te doorbreken.

Het is niet gemakkelijk om door te dringen tot de donkerste hoeken van het menselijk brein. Tove Ditlevsen doet dat in De gezichten (haar meest duistere roman) op de meest eerlijke, maar pijnlijke manier. 16 hoofdstukken en 179 bladzijden neemt de auteur ons mee op een onwaarschijnlijke, hallucinante ontdekkingsreis doorheen de meest ondoordringbare en onontgonnen gebieden van de menselijke geest.

In De gezichten geeft Tove Ditlevsen zichzelf bloot. Het is een boek waarin Lise, het hoofdpersonage, representatief is voor de auteur zelf. Geprezen en verguisd heeft zij op deze manier haar eigen demonen met de wereld gedeeld: drugsverslavingen en depressies waren haar niet vreemd. Het is een moedige en onverbloemde getuigenis over de moeilijkste periodes van haar leven. Een leven waarin roem en succes haar niet vreemd waren, maar waarin ook eenzaamheid en verwarring een hoofdrol vertolkten.

Ondanks alles is deze psychologische roman opmerkelijk vlot leesbaar. De auteur slaagt er in om de lezer mee te zuigen in het verhaal. Het is weliswaar geen page-turner. De nodige aandacht tijdens het lezen is een vereiste om de verschillende stadia die Lise doormaakt te onderscheiden. Vaak zoekt de schrijver de grens op tussen de zeldzame heldere momenten en de periodes waarin het realisme bij het hoofdpersonage totaal zoek is. Het is vooral opletten tijdens de conversaties, …

Ditlevsen citeert vaak andere schrijvers en dichters. Henry Portland, Graham Greene, Ernest Hemingway en William Butler Yeats (Down by the Salley Gardens (1889)), om er maar enkele te noemen, hebben allemaal hun plaatsje gekregen in het boek. Vooral met het gedicht van WB Yeats, over herinneringen, liefde en gefaalde relaties verwijst de auteur naar haar vier mislukte huwelijken.

De schrijfstijl van Ditlevsen kenmerkt zich door korte, vaak krachtige zinnen en dito conversaties. Daardoor krijg je als lezer de indruk om zelf midden in het verhaal te zitten en het biedt de mogelijkheid om zelf een beeld te vormen van de verschillende gebeurtenissen: het boek wordt er ‘verstaanbaarder’ en ‘begrijpelijker’ door.

De gezichten is een opmerkelijke getuigenis van een opmerkelijke vrouw die Tove Ditlevsen was binnen het wereldje van de literatuur. Vaak is het zo dat je na de dood pas de erkenning krijgt die je bij leven al verdiende. Helaas is dat ook zo voor deze auteur: Haar vermaarde, autobiografische Kopenhagen trilogie (staat op mijn leeslijstje) wordt nu in 29 landen uitgegeven.

Voor wat het onderwerp betreft is de auteur een ervaringsdeskundige. Dat is natuurlijk een groot pluspunt voor de geloofwaardigheid. De gezichten heeft mij kunnen boeien van begin tot einde. Een aanrader voor de liefhebbers van de zuivere psychologische roman met autobiografische elementen.

Een welverdiende pluim voor de vertaling uit het Deens door Lammie Post-Oosterbrink. De gezichten van Tove Ditlevsen geef ik 4 sterren.

Eerder verschenen op Perfecte Buren