De verkeerde kleur

Dinsdag, 18 oktober, 2022

Geschreven door: Roelof Smit
Artikel door: Jan Stoel

Hilarische roman met serieuze ondertoon over de politiek

[Recensie] Het motto waarmee Roelof Smit (1985) zijn nieuwe roman De verkeerde kleur begint is pittig, maar dekt perfect de lading van zijn boek. Hij citeert een gedeelte uit Leonard Cohens song The Future:

“You’ll see a woman
Hanging upside down
Her features covered by her fallen gown
And all the lousy little poets
Coming round
Tryin’ to sound like Charlie Manson
Yeah, the white man dancin”

In romans van Smit schuurt het altijd. Hij kiest een maatschappelijk onderwerp, pelt het af, bekijkt het vanuit verschillende perspectieven: homoseksualiteit in zijn debuutroman Kerst in Essen; in De dubbele waarheid een one-night standtussen twee mannen waarbij de ene het ziet als een avontuurtje en de ander het ervaart als misbruik. In De verkeerde kleur staat de politiek centraal. Je ziet overal in de maatschappij dat diversiteit een hot item is. Ook politieke partijen schuiven mensen uit minderheden naar voren schuiven om stemmen te trekken.

Gelaagdheid
Het verhaal heeft een mooie gelaagdheid: enerzijds zijn er de persoonlijke verhalen van de hoofdpersonages. Anderzijds is er de laag waarin machtspelletjes belangrijker zijn dan de inhoud. De salonfähige diversiteit binnen de politiek met daartegenover ‘de boze witte mannen’, racisme en populisme tegenover idealen zijn aspecten die het hart van de roman vormen. Smit weet mooi de politiek van de provincie neer te zetten: de bevlogenheid van sommige politici die zich vastbijten in een beleidsterrein, bedreiging, actiegroepen, de machtsspelletjes, het verdraaien van de werkelijkheid, het buigen voor Den Haag als er grotere belangen zijn, maar ook de knulligheid, de rol van social media, het erbij willen horen, het populisme en racisme. Het leidt tot een spannend verhaal, vol (on)verwachte wendingen.

Kookboeken Nieuws

Ambities
Huib Jansen is de vijftig gepasseerd en al ruim drie decennia lid van de Partij. Hij heeft zijn ambitie om premier, minister of Tweede Kamerlid niet kunnen waarmaken. Dat frustreert hem. Immers zo’n functie past bij zijn kwaliteiten, vindt hij. In een laatste poging om het Haagse pluche te bestormen verhuist hij – tegen zijn zin – van Zuid-Holland naar Zeeland om daar via de Provinciale Staten ‘in the picture’ te komen. “Hij is terug in de provincie waar de mossel regeert. Democratie heeft een prijs.” Huib wil door de Partij geselecteerd worden vanwege zijn politieke vaardigheden. (…) Ooit zal hij daarvoor beloond worden.” Hij kiest niet voor de makkelijke manier om via een populistische partij dat te bereiken. “Het telt niet om op die manier in de Tweede Kamer te komen. Het is valsspelen.” Zijn dienstbare echtgenote noemt hij zijn ‘first lady’ en ze strikt voor hem de stropdassen. Het tweede hoofdpersonage is Nigisti Yohannes, 21 jaar pas, Eritrese vluchteling. Ze is door een spindoctor tijdens haar studie opgepikt. Ze worstelt met de twee culturen waarin ze zich bevindt. Ze draait continue dezelfde riedel af: ze heeft alles te danken aan Nederland en zegt dat het met het racisme in Nederland wel meevalt. En die opstelling valt op. Ze vindt zichzelf niet geschikt als politica, maar haar achtergrond en verleden zorgen ervoor dat ze past binnen het plaatje van de diversiteit. Ze maakt snel opgang in de Partij, tot ongenoegen van Huib die voelt dat zijn ambitie in gevaar komt. Ze heeft de ‘verkeerde kleur.’ Hoe kan hij haar neutraliseren? Nigisti heeft in feite net als Huib niets te vertellen: Huib vlucht in wollige taal en Nigisti komt niet verder dan de stelling dat ze ‘iets wil terugdoen voor de samenleving die haar zoveel kansen heeft gegeven.’ Ze krijgt in de fractie van de Partij in de Provinciale Staten uiteindelijk de portefeuille Cultureel erfgoed. Hilarisch. En dan is er ook nog een derde personage dat minder pregnant in beeld is, Marijke Koopman. Ze is de echtgenote van Huib, is geëngageerd. Zij wil dolgraag een nieuwe onderwijsmethode invoeren die te maken heeft met ‘een leven lang leren.’ Haar onderwijsbureau heet niet voor niets Tabula Rasa.

Deze drie personages worstelen echter met hun ambitie. En dat heeft gevolgen.

Eigenheimers
Smit is er in geslaagd een heerlijk, vlot lezend verhaal vol vaart te schrijven. Ironie, cynisme, humor kom je overal tegen. Er valt veel te lachen in de provincie. En dat is goed. Het geeft lucht. Zou men ook meer in Den Haag moeten doen. Als de fractie van de Partij (een politieke middenpartij) op Tholen naar een aardappelboer gaat krijgen ze allemaal een kistje eigenheimers mee. What’s in a name!

De auteur weet met een enkele zin een situatie te kenschetsen. Nigisti komt in het begin van de roman op de fiets naar Middelburg. “De BMW’s en Volvo’s staan uit te rusten op de opritten.” Huib op werkbezoek: “Hij verafschuwt vis, schelpdieren en al die andere zogenaamde zeevruchten waarover ooit het misverstand ontstaan is dat ze eetbaar zijn […] Juichend hoor je de lokale ondernemers te verafgoden, zelfs als hun producten weerzinwekkend zijn.”

Smit gebruikt tegenstellingen, vergroot zaken uit, om het verhaal maximale impact te geven. Hoe zal het het drietal vergaan? Met het plot van het verhaal – en dat zie je niet aankomen – geeft Smit juist die draai aan het verhaal die nodig is.

Je zit afwisselend in het hoofd van Huib en Nigisti. Naarmate het verhaal vordert wordt Huib steeds meer een ‘boze witte man’, onmachtig zich te weer te stellen tegen de opkomst van Nigisti. Huib meet zich onterecht het imago van slachtoffer aan. Hij moet de discussie juist aangaan. En dan is er dat populisme en racisme dat zijn kop op steekt: uit frustratie. Ook een verkeerde kleur? Juist daardoor wordt De verkeerde kleur een verhaal om over na te denken. Immers als feiten niet meer tellen ligt de tweedeling in de samenleving op de loer. Stellen we ons voldoende te weer tegen ‘the white man dancin’?’

Voor het eerst gepubliceerd op Bazarow

Boeken van deze Auteur:

Kerst in Essen