Een Duitse fantasie

Vrijdag, 29 oktober, 2021

Geschreven door: Philippe Claudel
Artikel door: Philipp van Ekeren

Duitslands adem ruikt naar zwavel

[Recensie] Dit boek –

Uitgezonderd Gnadentod zijn het allemaal persoonlijke verhalen van, in eerste instantie, gewone mensen. Prachtig en indringend geschreven. Met één terloopse opmerking kan Claudel je beeld over de hoofdpersoon drastisch veranderen.

“Ze hadden hem gevormd. Ze hadden een efficiënt werktuig van hem gemaakt. Ze gaven hem bevelen. Hij voerde ze uit.”

“Een stokoude zwart-witfoto met daarop een groep glimlachende soldaten met aangelijnde honden en wagons op de achtergrond.”

Ontreddering, afhankelijkheid, aftakeling en wreedheid. En waar de factor tijd cruciaal blijkt te zijn. Speelt het verhaal zich af tijdens of vlak na de Tweede Wereldoorlog of in het heden, het kan een levensgroot verschil maken tussen dader of slachtoffer van de hoofdpersonen.

Foodlog

Gnadetod is anders van opzet. Dit deel vertelt, is op bijna een documentaire-achtige wijze, het leven van een getalenteerde kunstenaar die ernstige gewond aan zijn hoofd is geraakt bij een granaatinslag in de Eerste Wereldoorlog. Hij is daarna helemaal de weg kwijt en niet meer in staat is om te tekenen of schilderen. Vervolgens belandt hij regelmatig in een psychiatrische inrichting en

“[…] mag (hij) na een lang leven vol lijden, profiteren van het programma dat op bevel van de Führer in het leven is geroepen om de zwaarste gehandicapten van wie de gezondheidstoestand helaas geen hoop op remissie toelaat, verlichting te bieden. Heil Hitler!”

Programma Aktion T4: eliminatie dus. Dit wordt verteld aan de hand van ‘officiële’ verklaringen van medische geneesheren tijdens de wereldoorlog, krantenartikelen met betrekking tot een veiling van zijn werk, een interview met een biograaf en dergelijke. Een treffende verzameling van de documenten in de periode tussen 1940 en 2004 die op een fijne manier geschiedenis proberen te schrijven. Van huiveringwekkend afstandelijke nazi-bureaucratie tot huichelarij, hypocrisie en geschiedvervalsing voor eigen gewin.

Het laatste verhaal over een joods meisje dat een massa-executie overleeft heeft mij het meest geraakt. Claudel weet als geen ander de ontreddering van het kind te beschrijven. Ik moest het halverwege het verhaal het boek even wegleggen om op adem te komen.

“[…] dekens en lakens zijn vervangen door mannen- en vrouwenlichamen overal om haar heen, onbeweeglijk, die haar niet verstikken, die lange tijd hun warmte aan haar afstaan terwijl de koude sneeuw uit de grijze hemel valt, […]”

En het is zeker niet alleen kommer en kwel. In het tweede verhaal bijvoorbeeld domineert een herinnering aan een ontmaagding van een onschuldige jongen. Dit souvenir blijkt niet in de vergetelheid te zijn beland. De passie en het verlangen naar dat moment komen in alle hevigheid terug als de ouderdom toeslaat.

Dat is wat goede literatuur behoort te doen. Inleving en beleven. Dat je de vochtigheid voelt, de geur herkent, totale afhankelijkheid ondergaat, dat de kille Endlösung von Fremdkörper begrijpelijk wordt of… de hel van het overleven doormaakt. En dat doet Claudel met verve. In een schitterende, beeldende schrijfstijl. Het heeft mij dan ook niet verbaasd dat hij ook scenarioschrijver en filmregisseur is. Een boek dat een groot publiek verdient.

Eerder gepubliceerd op Met De Neus In De Boeken