Geert op het oosten

Zaterdag, 17 september, 2022

Geschreven door: Tim Gladdines
Artikel door: Jaap Friso

Bezeten door Ken

[Recensie] Sinds Tim Gladiness in Marmer zijn uitgeverij heeft gevonden, werkt hij gestaag aan een oeuvre jeugdboeken dat onterecht wat te weinig aandacht krijgt. Met Koning Valentijn en Hoe het kwam dat ik Emma een blauw oog sloeg bewees hij over een vaardige pen te beschikken en dat bevestigt hij met zijn nieuwe boek Geert op het oosten. De vele mooie zinnetjes en treffende beeldspraken springen in het oog. Een van de personages heeft “een stem van melkchocola” en “een gezicht dat altijd jarig is”.

In het begin valt op hoe voorwerpen menselijke eigenschappen krijgen toegedicht. Gereedschap hangt “zwijgend aan de muur” en “zijn fiets zegt niets terug, maar de bel op het stuur glimlacht onmiskenbaar”. Dat kan gelezen worden als een vooruitwijzing naar de waanvoorstellingen van de vijftienjarige Geert. De jongen groeit op in een verstikkend katholiek gezin in de jaren zeventig waarin de Vader (consequent met een hoofdletter geschreven) het gezin met harde hand (vaak letterlijk) leidt.  Geert voert hele gesprekken met Ken, de pop die zijn zusje cadeau heeft gekregen, wat uitmondt in een klein drama en een psychiatrische opname, die vreemd genoeg een voetnoot in het verhaal is.

Bij terugkeer op school is er een nieuwe klasgenoot uit Amerika die sprekend op Ken lijkt. Een mysterieuze bloedmooie en gladde jongen in surfkleding die tot Geerts verbijstering zijn vriend wil worden. Geert heeft een vriend nodig, want op school wordt hij in extreme mate gepest, maar hier moet hij erg aan wennen. Ken gaat een steeds dwingender rol spelen in het leven van Geert, en uiteindelijk ook van diens gezin. De energieke en mysterieuze jongen neemt iedereen voor zich in maar veroorzaakt ook nogal wat problemen. De grote vraag is wie deze jongen is, en of hij eigenlijk wel bestaat.

Gladinnes speelt een opvallend uitvoerig spel met de grens tussen fantasie en werkelijkheid, waarmee hij de lezer ook nogal eens op het verkeerde been zet. Hij is niet zuinig met drama en een aantal wendingen in het verhaal doet de wenkbrauwen fronzen. De ontwikkelingen lijken soms een loopje met de schrijver te hebben genomen en dat gaat ten koste van de geloofwaardigheid maar vooral van de zeggingskracht van het verhaal. Geert is als karakter geloofwaardig maar Ken, hoe fascinerend zijn aanwezigheid ook is, blijft tussen hemel en aarde zweven. Dat is waarschijnlijk ook de bedoeling: Ken is een soort geestverschijning van vlees en bloed die zich in meerdere gedaanten opdringt. Hij ontpopt zich tot een kwelgeest van wie de functie te onduidelijk blijft. Jammer, want hij is de rode draad van dit verhaal.

Scènes

Gladinnes zet een overtuigende setting neer. De benauwdheid van het jaren zeventig gezin (er staat niet toevallig een motto van Gerard Reve voorin het boek) en het getreiter op school, waardoor het logisch is dat Geert vluchtwegen zoekt en moordfantasieën over zijn vader heeft. Dat wil hij niet maar “gedachtes zijn muggen die zich niet laten vangen”. Zijn tirannieke vader eist geen tegenspraak, wat vooral tijdens de maaltijden, waarbij iedereen een vaste plaats aan tafel heeft (Geert zit op het oosten), tot spanningen leidt. “Ja maar is ja maar is ontembaar als een vlo – doe je mond open en hij springt naar buiten.” Dat soort zinnen laten zien wat Gladiness op microniveau kan.

Helaas overtuigen zijn romans, telkens met een interessante insteek, net niet helemaal. Daardoor blijft het gevoel over dat er meer uit te halen was.

Eerder verschenen op JaapLeest