Hoe wegen wandelaars vinden. Het plezier van verdwalen

Zaterdag, 18 juni, 2022

Geschreven door: Franco Michieli
Artikel door: Freek Boon

Een verhaal over op pad zijn zonder kaarten of GPS

[Recensie] De in de Alpen bij Brescia wonende auteur Franco Michieli (1962) vertelt over zijn wezenlijke ontdekkingen tijdens zijn solitaire trektochten in ruigere natuur. Hij maakt lange tochten door onherbergzame gebieden. Sinds 1998 doet hij dat zonder technische hulpmiddelen als kaarten en GPS. In dit boek vertelt hij, hoe zich bij hem deze manier van trekken heeft ontwikkeld en aan de hand van eigen reiservaringen maakt hij duidelijk hoe dat in de praktijk gaat. Michieli is geograaf. Hij schrijft, geeft lezingen en geeft instructie aan berggidsen.

Michieli maakt – en dat is zeer intrigerend – zijn tochten zoals onze voorouders dat deden – en ook zoals dieren dat doen. Hij geeft met zinnige redenen aan waarom het gebruik van reishulpmiddelen als met name GPS ons als mens iets wezenlijks ontneemt. Hij maakt ons deelgenoot van de volgens hem zeer waardevolle ervaring van ons onderdeel van de natuur te voelen en werkelijk het landschap om ons heen te zien en te ontdekken. Daarvoor is het noodzakelijk dat we ons weer oefenen in wat hij aanduidt als ‘verdwalen.’ Dat betekent ons alleen te laten leiden door het concrete landschap om ons heen, de bomen, de bergen, de sterren en de zon. Hij stelt dat we zo bij toeval ontdekkingen kunnen doen, die dat we anders nooit hadden kunnen doen. Op negentienjarige leeftijd, in de Alpen, ondervond hij voor het eerst aan den lijve dat hij zonder externe hulpmiddelen een route kon vinden. Na een nachtelijke sneeuwstorm daalde hij met vrienden af naar Chamonix. Met achter hen aan enkele tientallen leden van een skiclub die meenden dat hij en zijn vrienden de weg wel wisten. Eenmaal op pad betrok de lucht en het ging hevig sneeuwen.

“Al legde ik dit parcours voor de eerste keer af, toch had ik er vertrouwen in dat ik op de juiste route kon blijven.” Het voelde voor hem alsof zijn ogen een lijn leken te volgen. Hij stelt: “Het is gewoon een ervaring die mogelijk is.” Deze en andere ervaringen voedden zijn besef dat het “goed zat tussen mij en de bergen”. Dit boek met de wat poëtisch vertaalde titel Hoe wegen wandelaars vinden, is overigens geen pleidooi om onvoorbereid en zonder hulpmiddelen op pad te gaan – “dat zou waanzin zijn”. Het is veeleer een boek waarin twee even relevante elkaar bevruchtende gedachten belangrijk zijn. Ten eerste een scherp nadenken over wat is de mens en wat de mens ten diepste kan ervaren aan het zich in de natuur bevinden. En ten tweede passend bij een levenshouding die zich uitdrukkelijk niet richt op ‘bucket-lijstdingen’ zoals verre reizen en wat dies meer zij – reikt hij ook juist de idee aan om met deze geesteshouding vooral vlak bij huis te gaan oefenen. Michieli zet zijn visie tegenover de romantische kijk dat de mens geschapen zou zijn voor een hogere bestemming, waarin een zich afzetten tégen de natuur ingebakken zit. Probeer en vooral dúrf die visie los te laten zegt hij. Ook dichtbij huis kun je je laten verdwalen.

Michieli denkt ook na – hoe kan het ook anders – over begrippen als spiritualiteit en verbinding.

Trouw

“Toch is het blikvernauwing om dit alles alleen maar te betrekken op de mens, op zijn verrichtingen en ideeën. Het ontneemt ons het zicht hoe we echt in de werkelijkheid staan. En doordat we ons wijsmaken dat we genoeg hebben aan onszelf, zien we niet iets te eerbiedingen heiligs in dat wat anders is dan wij [mensen].”

Michieli’s levendige beschrijving van zijn reiservaringen door Sapmi in Noord-Europa vormt de rode draad in dit boeiende en toegankelijke boek. Een fraai verhaal met vele zinnige, boeiende en inspirerende zijpaden bovendien, die je alles bij elkaar iets laten proven van wat werkelijk mens-zijn kan inhouden te midden van alles om ons heen.

Voor het eerst gepubliceerd op Bazarow