In gesprek met de auteurs van Screenshot

Woensdag, 15 juni, 2016

Geschreven door: Judith Visser
Artikel door: Roelant De By

Afgelopen zaterdag 11 juni werd in Ede de crowdnovelle Screenshot gepresenteerd bij uitgeverij Eigenzinnig. Drie jaar geleden begon op Schrijven Online een groot project crowd writing. De leden van Schrijven Online schreven, onder leiding van thrillerschrijfster Judith Visser en projectredacteur Johan van den Ende, een boek van 12 hoofdstukken met de titel Screenshot. 

‘We hebben met z’n allen heel wat schrijfregels overtreden en dat was bijzonder leerzaam.’

Screenshot is tot stand gekomen dankzij crowd writing. Het eerste hoofdstuk van het boek werd geschreven door Judith Visser, ook begonnen als lid op Schrijven Online.
Leden van Schrijven Online konden een tweede hoofdstuk schrijven op basis van dat eerste hoofdstuk. Visser en Van den Ende kozen uit de inzendingen de beste, welke online gezet werd als tweede hoofdstuk. Op basis daarvan konden deelnemers dan weer een derde hoofdstuk schrijven, enzovoorts, tot er 12 hoofdstukken geschreven waren. Voor ons dus hoog tijd om met een aantal van de betrokken auteurs een babbeltje te maken. Lees snel hoe ze over dit bijzondere project denken en het hebben ervaren.


Wie zijn de auteurs: Judith Visser, Mirjam Hildebrand, Johan van de Velde, Marloes Vrijdag, Isabel Driesmans, Jozef Bakker, Melissa Skaye, Jolanda Roth en Gineke van der Putten.


Screenshot: schrijfwedstrijd, crowdnovelle én schrijfopleiding
Ik droomde al heel lang over mijn eigen roman. Een ambitie die ik, nadat ik moeder werd, wegens tijdgebrek in de ijskast zette. Toch bleef het kriebelen. Hongerig naar alles wat met schrijven te maken had, struinde ik negen jaar later internet af. Ik stuitte op Schrijvenonline waar ik me voelde als een kind zonder geld in een snoepwinkel. Op de toonbank lag Screenshot: een wedstrijd, een crowdwritingproject, de titel van de thriller die komen ging.
Nieuwsgierig las ik de eerste twee hoofdstukken die reeds vaststonden. Het ging over Laverne en Lex. Laverne was een journalistiekstudente met een bijbaantje bij een obscuur onderzoeksinstituut. Daar zag ze een film waarin haar ex-vriend Lex, die haar voor dit baantje had gerekruteerd, werd neergeschoten.
Hoewel ik het niet wilde (ik had immers geen tijd), bedachten mijn hersenen een vervolg. Het moest eruit. Ik schreef ‘mijn’ hoofdstuk drie op en zette het online.
Ondanks mijn voornemen om het bij één keer te houden, heb ik acht keer meegedaan. Dat is vooral te danken aan de feedback. Als deelnemers lazen we elkaars inzendingen en leverden commentaar. Daar had je iets aan, je mocht je inzending tot drie keer toe aanpassen. De bereidheid om elkaar te helpen was groot, er was een gezamenlijk belang: de crowdnovelle. Bovendien kregen alle longlistkandidaten achteraf uitgebreide feedback van Johan van den Ende, jurylid en initiatiefnemer. Zo leerde ik begrijpen wat ik én de anderen beter hadden kunnen doen, wat ik direct kon toepassen in de volgende ronde. In de loop van het jaar ontstond er een vaste samenstelling en de groep werd steeds hechter. Ik maakte vrienden op het internet die uitkeken naar mijn schrijfsels.
Om iets onder de knie te krijgen moet je meters maken. Dat gaat makkelijker als je er plezier aan beleeft. En plezier hadden we. Iedere maand motiveerden we elkaar om uit te pakken met scènes vol actie, emoties, ingenieuze plotwendingen, metaforen, dialogen, cliffhangers, noem maar op. Iedere winnaar drukte zijn eigen unieke stempel op het verhaal. Zo gunde Melissa Lex een tweede kans en gaf Marloes Laverne haar vlinders in de buik.
Na afloop van de wedstrijd was Screenshot nog niet rijp voor publicatie. Begin 2015 vroeg Johan mij of ik wilde redigeren. Ik had inmiddels besloten om mijn droom over een eigen roman serieus te nemen. Zijn verzoek beschouwde ik als een nieuwe kans om te leren.
Ik maakte het verhaal visueel op een strook behangpapier: één scène per post-it, iedere verhaallijn zijn eigen kleur. Ondanks de hulp van mijn tweejarige dochter kreeg ik overzicht. Een greep uit mijn conclusies destijds: Lex was een emotionele stuiterbal geworden, er waren plotfouten (verwisselde dvd’s) en losse eindjes (afscheren Lex’ haar), wat er in het onderzoeksinstituut gebeurde was vaag en sommige wendingen kwamen zo onverwacht uit de lucht vallen dat het niet geloofwaardig was. Volgens kenners moet een schrijver weten hoe het verhaal afloopt, hoe alles precies zit en moet hij zijn personages door en door kennen. Over dit alles hadden wij als groep gedurende het schrijfproces geen eenduidig beeld gehad. Op het moment dat ik naar het behangpapier vol gekleurde post-its staarde, drongen de gevolgen hiervan goed tot mij door. Een ervaring die mij nu goed van pas komt bij het schrijven van mijn debuutroman.

C2W
Er volgden acht maanden waarin we schrapten en herschreven. Enerzijds moesten we een eenheid maken van de twaalf hoofdstukken. Anderzijds wilden we dat de eigen inbreng van de afzonderlijke schrijvers herkenbaar bleef. Screenshot is een unieke crowdnovelle, een spannende thriller, een beetje absurd en vol verrassende wendingen. Het schrijfplezier spat ervan af.

Jolanda Roth





Jullie zijn heel verschillende schrijvers. Waarom heb je besloten om aan dit project mee te doen, wat was de doorslaande factor?

Judith Visser: Ik heb alleen het eerste hoofdstuk geschreven, het ‘startschot’ waarmee het daadwerkelijke verhaal in gang werd gebracht, en daarna heb ik samen met Johan de vervolghoofdstukken beoordeeld en gekeken welke het beste in het verhaal pasten. De reden dat ik ‘ja’ heb gezegd toen mij vanuit Schrijven Online gevraagd werd om aan dit project mee te werken is dat ik ooit, meer dan tien jaar geleden, toen ik zelf nog bezig was met het schrijven van mijn debuut, actief was op het forum van Schrijven online. Nu ik zelf elf boeken verder ben leek het me een mooie manier om de cirkel rond te krijgen.
Mirjam Hildebrand: Ik deed pas vanaf hoofdstuk acht mee aan het project. Eerder had ik het wel gezien, maar ik had het druk met andere dingen. Ik besloot mee te doen toen ik daar meer de ruimte voor voelde en omdat ik zag hoe leuk het eraan toe ging in de groep. Het leek me gaaf om ook met een hoofdstuk in het boek te komen.
Johan van de Velde: Ik vond het vooral een heel leuk idee.
Marloes Vrijdag: Ik las over de wedstrijd op Schrijven Online en ik vond het direct een superleuk gegeven. Daarnaast vind ik Judith echt heel erg goed en kans maken om met haar in een boek te komen, dat wilde ik wel. 
Isabel Driesmans: Ik was ten tijde van het project wel wat voor mijzelf aan het schrijven, maar had geen idee of wat ik schreef wel een beetje de moeite waard was om gelezen te worden. Het idee om iedere maand een hoofdstuk aan een verhaal te schrijven vond ik een geweldige uitdaging om te kijken of ik voldoende doorzettingsvermogen had om regelmatig te schrijven. Omdat ik geen proeflezers heb, was het voor mij meteen een mooie gelegenheid om te bekijken wat anderen van mijn verhalen vinden; tot mijn verbazing eindigde ik de eerste ronde als tweede op de shortlist!
Jozef Bakker: Op dat moment deed ik regelmatig mee aan schrijfwedstrijden, en deze sprak mij aan. Ik denk dat het idee om met Judith Visser aan één verhaal te schrijven me ook wel aansprak. Ik vind haar boeken erg goed!
Melissa Skaye: Voor mij was het een uitdaging, terwijl er op dat moment nog geen enkele sprake was van een boek. Ik kreeg er ontzettend veel plezier in en dat was voor mij de doorslaande factor, ook al was ik druk bezig met mijn eigen boeken. Hier maakte ik tijd voor. 

Wat is de grootste persoonlijke uitdaging in een schrijfproject als dit? Waar liep je tegenaan? Wat viel je mee? Wat is het grootste verschil tov solo schrijven?

Judith Visser: Ik hoefde alleen maar te jureren, dus ik heb verder geen hoofdstukken hoeven schrijven. Maar de uitdaging was wel om uit zoveel goede inzendingen elke maand één winnaar te kiezen. Het niveau lag hoog.
Mirjam Hildebrand: Omdat ik pas zo laat invoegde heb ik alle eerder geschreven hoofdstukken goed moeten bestuderen. Er waren zoveel bizarre wendingen dat het voor mij lastig was te bedenken waar dit verhaal naartoe moest gaan.
Johan van de Velde: Het grootste probleem is de verhaallijn. Tijdens het schrijven van je eigen hoofdstuk heb je een idee waar het verhaal naar toe gaat. Je moet verder denken dan alleen je eigen stukje op dat moment, maar in de meeste gevallen won een andere schrijver, zodat je een deel van je eigen fantasie weer ondergeschikt moet maken aan het verhaal. Dat je elke keer weer geweldige hoofdstukken van andere deelnemers leest was eigenlijk het allerleukste.
Marloes Vrijdag: Je moet steeds opnieuw je ideeën bijstellen, doordat de andere schrijvers het verhaal steeds weer een heel andere kant op kan sturen. Ik vond het super leuk dat er veel opbouwende kritieken kwamen waar je ook daadwerkelijk iets mee kon en je verhaal kon verbeteren. Meer uitdaging/ ideeën door steeds andere plotwendingen waar je weer op door moet borduren. 
Isabel Driesmans: Mijn grootste persoonlijke uitdaging was te kijken of ik elke maand een hoofdstuk zou kunnen schrijven; immers wanneer ik dat zou kunnen voor dit project dan zou ik mijn eigen verhaal ook op papier moeten krijgen. Het moeilijkste aan ‘Screenshot’ was dat ik iedere maand weer een nieuwe richting in moest slaan. Zelf had ik natuurlijk een plot in mijn hoofd, maar dan werd een ander hoofdstuk gekozen als vervolghoofdstuk en moest ik mijn verhaalidee weer helemaal omgooien. Iedere maand moest ik me opnieuw verdiepen in het plot, omdat het een andere wending had gekregen dan dat ik in mijn hoofd had.
Wat meeviel was het feit dat de andere schrijvers feedback gaven en dat je na plaatsing van je eigen hoofdstuk, je nog drie keer iets mocht wijzigen. Daarmee heb ik direct de grootste verschillen genoemd t.o.v. solo schrijven; iedere maand weer een nieuwe draai aan het verhaal geven en mijn hoofd leegmaken om met een nieuw plot verder te gaan en het feit dat de andere schrijvers en lezers van het forum direct reageerden op wat ik geschreven had.
Jozef Bakker: Het verhaal dat je in je hoofd hebt is anders dan dat van de andere schrijvers. Ik had ideeën, maar dan won een andere schrijver met zijn/haar hoofdstuk en klopte mijn idee niet meer. Dat is het lastige wanneer je met meerdere auteurs aan één verhaal werkt, maar tegelijkertijd maakte dat gegeven juist dit project zo leuk en verfrissend.
Melissa Skaye: De feedback was iets om naar uit te kijken. Spannend, dat moment van online zetten en wachten tot er feedback kwam. Waar je tegenaan kon lopen was dat de feedback anders kon zijn dan gedacht, omdat er zoveel mensen en zoveel meningen zijn. Het grote verschil met solo schrijven is dat je, wat er ook gebeurt, in je up beslist. Dan is het verhaal helemaal van jou. 


v.l.n.r: (boven)Melissa, Marloes, Mirjam, Isabel, Jozef, 
(onder)Johan en Jolanda


Hoe zorg je ervoor dat de verhaallijn klopt? Hoe gaat een proces als Screenshot in z’n werk? Schrijft eerst de een dan de ander en vervolgens weer de volgende een hoofdstuk? Hoe lang heeft het geduurd eer dit boek was geschreven? 

Judith Visser: Vooral Johan heeft zich erg ingezet om er een goed lopend geheel van te maken. Ik keek vooral naar de kwaliteit en de schrijfstijl, hij lette daarnaast ook nog eens op alle details en gaf uitgebreid feedback aan iedereen. Het heeft in totaal, als ik het me goed herinner, ongeveer een jaar geduurd.
Mirjam Hildebrand: Het heeft een jaar geduurd en daarbij mocht iedereen die zich op sol liet zien een hoofdstuk uploaden. De jury koos de winnaar van de maand en dus van het hoofdstuk. Het boek telt dus 12 hoofdstukken.
Johan van de Velde: Je kunt alleen zorgen voor een goede verhaallijn door heel goed de hoofdstukken te blijven lezen en herlezen. In het proces is dit niet helemaal gelukt en uiteindelijk is het te danken aan onze eindredactie dat er van een echt verhaal sprake is.
Marloes Vrijdag: Tijdlijn maken, steeds opnieuw teruglezen en kijken of het klopt. Iedereen kon een hoofdstuk insturen binnen een maand. Daarna koos de jury het beste hoofdstuk en werden er soms een aantal richtlijnen gegeven en konden we allemaal weer verder om te proberen het beste hoofdstuk te schrijven. De wedstrijd duurde een jaar. Het uiteindelijke redigeren duurde geloof ik, zo’n 8/9 maanden.
Isabel Driesmans: Judith Visser had het eerste hoofdstuk geschreven. Wij schreven met zijn allen een eigen vervolghoofdstuk dat we op Schrijven Online in het project Screenshot plaatsten en dat voor iedereen te lezen was. Aan het eind van een periode van vier weken beoordeelden Johan van den Ende en Judith Visser de ingezonden hoofdstukken en stelde Johan een longlist van de zes beste verhalen op. Samen beoordeelden Johan en Judith deze verhalen nogmaals en gaven zij de verhalen punten, zodat er een shortlist ontstond met de beste drie verhalen. Judith had de doorslaggevende stem welk verhaal van de shortlist in de novelle zou komen. Dat was overigens niet altijd het verhaal met de meeste punten! Met het uiteindelijk gekozen hoofdstuk als uitgangspunt werd dan de volgende maand weer een volgend hoofdstuk geschreven dat daarop aan moest sluiten. Judith gaf meestal een richtlijn mee voor het volgende hoofdstuk. Iedere maand werd er dus één hoofdstuk aan het verhaal toegevoegd, zodat na één jaar schrijven een novelle van twaalf hoofdstukken was ontstaan.
Jozef Bakker: Uiteindelijk heeft één van de auteurs alles nagelezen en ons aanwijzingen gegeven van wat er aangepast moest worden. De eerste keren lazen we allemaal nog mee, konden we onze bevindingen terugkoppelen, maar uiteindelijk is alles door één van de andere auteurs tot een geheel verweven. Er was veel mailcontact, en we zijn ondertussen drie jaar verder. Dus het heeft wel een tijdje geduurd, ja.
Melissa Skaye: Elke maand ‘won’ een hoofdstuk. Dat werd bepaald door Johan en Judith. Je moest je vervolgens houden aan het winnende hoofdstuk om het logisch te houden. Dat lukte niet altijd omdat we allemaal spannende of gekke invallen kregen. Geweldig was het als het verhaal een heel andere kant op ging dan verwacht. Dat maakte het soms moeilijk, maar nam ook een extra uitdaging met zich mee. We zijn een jaar bezig geweest, elke maand een winnend hoofdstuk. Het herschrijfproces heeft ook flink wat tijd in beslag genomen.

Hebben de auteurs elkaar geholpen, is er sprake van samenwerking?

Judith Visser: Er was een speciaal subforum op de site van Schrijven online, waar iedereen elkaar feedback kon geven en elkaar kon aanmoedigen om door te gaan. Ik kreeg het idee dat de schrijvers daar veel aan hadden.
Mirjam Hildebrand: Zeker weten! We gaven elkaar feedback om elk hoofdstuk te verbeteren. Daarna moest er een geheel gemaakt worden van alle losse hoofdstukken. Dat heeft Jolanda op haar schouders genomen en vervolgens herschreven wij weer ons eigen hoofdstuk op basis van haar feedback en dat van Johan.  
Johan van de Velde: Ja, door feedback aan elkaar te geven op SOL (Schrijven Online).
Marloes Vrijdag: Ja, we hielpen elkaar allemaal dat was echt heel tof. Iedereen deed zijn best om het hoofdstuk van de concurrent ook te verbeteren. Tips en suggesties geven, proeflezen. De gunfactor was erg hoog. Je krijgt toch een band in een jaar tijd.
Isabel Driesmans: Doordat wij onze verhalen online plaatsten en leesbaar maakten voor de anderen, werd er door andere gebruikers van Schrijven Online en door de andere schrijvers gereageerd op onze hoofdstukken. Gaandeweg het project is zo een hele mooie samenwerking tot stand gekomen. Enerzijds wilden we natuurlijk allemaal graag met ons hoofdstuk in de novella komen, anderzijds gaven we elkaar feedback en maakten we samen onze hoofdstukken steeds beter. Uiteindelijk hebben we ook met z’n allen de novelle nog moeten herschrijven, onder regie van Jolanda Roth en Johan van den Ende, omdat er hier en daar nog plotfoutjes in zaten en we van het verhaal een goedlopend geheel moesten maken.
Jozef Bakker: Veel mailcontact, zoals ik in de vorige vraag al aangaf. Zonder samenwerking had het verhaal niet zo kunnen worden, denk ik.
Melissa Skaye: Absoluut! Het werd echt samen gedaan dmv feedback. Je mocht een keer of 3 je hoofdstuk wijzigen, waardoor het beter en scherper werd.


Toen de verhalen zijn ingeleverd, hebben de auteurs elkaars werk gelezen of beoordeeld?  Of lag dat bij één persoon?

Judith Visser: Dat weet ik eigenlijk niet precies. Johan kan hier waarschijnlijk een beter antwoord op geven.

Laat hier je reactie achter:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Alleen inhoudelijke reacties die gaan over het besproken boek en/of de recensie worden geplaatst.