‘In het zicht van de haven’

Dinsdag, 28 september, 2021

Geschreven door: Onbekend
Artikel door: Perfecte Buren

In het zicht van de haven is het slotdeel van een trilogie over de coschappen van de jonge Franse arts Marie-Lou. Voor deze co-schappen moest ze verhuizen van de Franse Alpen, waar ze geboren en getogen is, naar de regenachtige kust van Bretagne. In het eerste deel, Ogen zo grijs als regen, loopt ze haar eerste co-schap in het ziekenhuis in Brest.

We krijgen via haar een inkijkje in het ziekenhuisleven, ‘Bretagne meets Grey’s Anatomy’! Een leuk verhaal waarin het tempo niet al te hoog ligt omdat we ook kennis moeten maken met de hoofdrolspelers uit de trilogie. Zo is er Anna bij wie Marie-Lou een kamer huurt. Anna werkt ook in het ziekenhuis. Onder hun appartement ligt het stamcafé De Vliegenvanger en daar
maakt Marie-Lou kennis met de waardin en de vele stamgasten. Het stamcafé speelt een belangrijke rol in het leven van de co-assistenten. Naast de vele en uitputtende diensten is er ook ruimte voor gezellige feesten waar het nogal eens uit de hand loopt. Marie-Lou heeft het goed naar haar zin in Brest, helemaal wanneer ze de neef van Anna ontmoet, Matthieu Madec. Maar Matthieu is niet alleen onweerstaanbaar, hij heeft ook een gecompliceerd karakter én hij heeft last van bindingsangst, geen goed relatiemateriaal dus.

In Als zand tussen mijn vingers, gaat Marie-Lou een co-schap lopen in een psychiatrisch ziekenhuis. Matthieu richt zich op het afstuderen, hij is bezig met zijn proefschrift. Tegen alle verwachtingen in, ontwikkelt er zich toch een soort relatie tussen Matthieu en Marie-Lou. De moeder van Matthieu was in het eerste deel de patiënte van Marie-Lou en ook nu nog zoekt ze steun bij haar, zeer tegen de zin van Matthieu. Na een dramatische gebeurtenis neemt Matthieu Marie-Lou mee naar zijn geboorteplaats op een klein eilandje. Hier maakt Marie-Lou kennis met de familie van Matthieu van vaderszijde. Van de vader van Matthieu ontbreekt elk spoor, al drie jaar lang. Dan komt er een brief van hem aan met een noodkreet aan zijn zoon.

Daar begint In het zicht van de haven. Matthieu legt zijn studie voor zes maanden stil en vertrekt naar Réunion om zijn vader te zoeken. Hond Schuim mag in eerste instantie mee met Marie-Lou naar Quimper waar haar volgende co-schap is. Een moeilijke tijd voor beiden breekt aan. Matthieu laat weken niets van zich horen, hij wordt helemaal in beslag genomen door het verhaal van zijn vader. Marie-Lou voelt zich in de steek gelaten. Schuim wordt niet geaccepteerd in het huis waar de co-assistenten wonen en moet terug naar Anna en naar de Vliegenvanger. Gelukkig wordt ze in Quimper herenigd met Farah en Bertrand die eerder ook in het ziekenhuis in Brest werkten. Zij vangen de eenzame Marie-Lou op en langzamerhand begint ze zich ook in dit ziekenhuis thuis te voelen. Marie-Lou leert hier om de patiënt centraal te zetten bij een behandeling. De herstellende invloed van nauwe contacten met familie doet haar beseffen dat ze zelf ook een familieclan wil opbouwen. Met haar eigen familie zit dat wel goed maar hoe zit dat met de familie Madec? Moeder Brigitte wordt opgenomen in het ziekenhuis in Quimper maar is de patiënte van Farah zodat Marie-Lou zich een andere rol kan toe eigenen. Maar hoe zit het met de vader van Matthieu en belangrijker nog: met Matthieu zelf. Kunnen zij wel in clanverband leven?

Wordt Vervolgd

In het zicht van de haven is een mooi slot van deze trilogie, de auteur verwerkt een aantal belangrijke thema’s in dit boek, ze verpakt ze in ziekenhuisverhalen met een diepere laag. In het eerste boek Ogen zo grijs als regen, ligt het tempo laag omdat er zoveel personages opgevoerd worden. In deel 2 en 3 ligt het tempo een stuk hoger, we kennen alle personages en hun sores, er ontstaat een bijzonder verhaal, ik heb het dan ook graag gelezen! Drieënhalve ster voor dit laatste deel.

Jeannie

Eerder verschenen op Perfecte Buren.