Klimaatgids voor de 21e eeuw

Maandag, 23 januari, 2023

Geschreven door: Tim van Hattum
Artikel door: Rijkert Knoppers

Meer bossen en bouwen met hout

[Recensie] Het is nog nooit zo goed geweest op deze aarde. De kindersterfte is de afgelopen 50 jaar enorm gedaald, de levensverwachting van de gemiddelde mens neemt toe, iedereen verdient steeds meer, en over de toegang tot het onderwijs, de gezondheidszorg en het elektriciteitsnet heeft niemand te klagen. Bovendien is het aantal mensen dat in armoede leeft de afgelopen 20 jaar bijna gehalveerd. Met deze positieve berichten begint de Klimaatgids voor de 21e eeuw, geschreven door Tim van Hattum, progammaleider Klimaat bij de universiteit van Wageningen. Waarom, als er eigenlijk geen problemen zijn, zouden we ons nog moeten inspannen om een groenere toekomst voor onze planeet te realiseren? Omdat, zo citeert hij de statisticus Hans Rosling, we ondanks deze vooruitgang in een diepe ecologische crisis zijn terecht gekomen, waarbij de klimaatverandering de recente vooruitgang van de mensheid weer teniet zou kunnen doen. Maar hoe zouden we dan vervolgens de klimaatproblematiek kunnen aanpakken? Voordat Van Hattum hierop in gaat krijgen we eerst in twintig pagina’s de geschiedenis van de aarde te lezen. Kort maar krachtig dus, maar wel met een paar slordigheden. Stadsgas was bijvoorbeeld niet in Stanford voor het eerst toegepast, maar al enkele jaren eerder, in 1795 om precies te zijn, en wel in Leuven. Het eerste kunstmest was in de vorm van thomasslakkenmeel al in 1890 verkrijgbaar, bijna twintig jaar eerder dan de tekst aangeeft. Los hiervan is de vraag vooral, wat de relevantie is van deze beknopte historische beschouwing. Krijgen we hierdoor meer inzicht in de klimaatproblematiek?

Herbebossing
Hoe we concreet de klimaatverandering zouden kunnen beheersen, lezen we in het centrale thema van het boek, dat zeven routes naar een hoopvolle toekomst behandelt. In de beschrijving van de eerste route lezen we bijvoorbeeld hoe de natuur de mens kan helpen in de strijd tegen klimaatverandering. Dit kan onder meer door grootschalige herbebossing of door het terugdringen van de overbevissing in de oceanen. Een inspirerend gegeven is het feit dat walvissen een belangrijke rol kunnen spelen in het verminderen van de CO2 in de atmosfeer. Elke grote walvis is namelijk in staat om ongeveer 33 ton koolstof in het eigen lichaam op te slaan! Het herstel van de walvisstand is daarnaast van groot belang als het gaat om het bemesten van de oceanen.
Andere routebeschrijvingen behandelen onder meer de kwaliteit van het water, de stad van de toekomst en het gebruik van duurzame energie. Toch is dit op oplossingen gericht deel van het boek geen gemakkelijke leeskost, en dat komt vooral doordat de auteur vaak te weinig concreet is. In de route over water gaat het bijvoorbeeld over het feit dat vrijwel alle rivieren in de wereld zwaar vervuild, gekanaliseerd en ingedamd zijn, en dat er te veel, te weinig of te vies water op de wereld aanwezig is. Waar dan precies? Je leest vervolgens wel dat er veel kennis beschikbaar is over hoe de watersystemen toekomstbestendig te maken zijn, en dat die kennis overal beter beschikbaar moet zijn. Maar welke kennis is dan relevant en waar zou die te vinden zijn?

Tokio
In het hoofdstuk over steden staat vermeld dat het bouwen met hout het gebruik van beton zal vervangen. Ook hier weer vaagheid troef, want waar zal deze omwenteling dan plaats gaan vinden? In Tokio, waar volgens de tekst een wolkenkrabber van hout in aanbouw is? Bewijst dit project dat houtbouw wereldwijd in populariteit zal stijgen? Concrete cijfers over de groeiende belangstelling voor hout als bouwmateriaal zou de leesbaarheid flink vergroten.
Aan het slot van het boek komen diverse strategieën aan bod om een groenere toekomst te realiseren. Opvallend is hierbij de rol die de overheid op nationaal regionaal en lokaal gebied zou moeten spelen. Ook hier kan de lezer wel wat meer onderbouwing gebruiken, is de overheid in het verleden dan zo actief geweest? Van Hattum relativeert meteen zijn standpunt door erop te wijzen dat de overheid niet bepaald voorop loopt in het milieubeleid. Bijvoorbeeld gezien het feit dat voor het gebruik van fossiele brandstoffen nog steeds overheidssubsidies verkrijgbaar zijn. Dan moet de verandering dan toch vooral van onderop moeten komen, aldus het hoofdstuk ‘Jij en ik’. Maar of de voorgestelde 35 acties op dit vlak erg veel effect zullen hebben blijft de vraag, zo grensverleggend zijn die persoonlijke activiteiten nu ook weer niet!

Technisch Weekblad

Voor het eerst gepubliceerd op Bazarow