Na de bevrijding

Woensdag, 4 januari, 2023

Geschreven door: Barbara Skarga
Artikel door: Evert van der Veen

(over)Leven in de Goelag

[Recensie] De organisatie ‘Goelag’ werd opgericht in 1930 om de vele al bestaande kampen en gevangenissen in Sovjet-Unie te beheren. In 1929 werd de “oekaze over het gebruik van arbeid van veroordeelde criminelen” aangenomen, de basis voor de Goelag. Doel was een netwerk van kampen in afgelegen gedeelten van het land om deze te bevolken en natuurlijke hulpbronnen te ontwikkelen door gebruik te maken van dwangarbeid. Met name onder het bewind van Stalin zijn veel mensen naar de kampen gestuurd, het gaat om enkele miljoenen gevangenen die als politiek gevaarlijk werden beschouwd.

Na de bevrijding van Polen werden honderdduizenden Polen uit het door de Sovjet-Unie bezette oosten van Polen naar de Goelag gestuurd, van wie de filosoof Barbara Skarga (1919-2009) er één is. De kampen waren in de Sovjet-Unie een belangrijke schakel in economie, onder andere vanwege het winnen van delfstoffen, het graven van kanalen en het bouwen van steden maar de omstandigheden in de werkkampen waren bijzonder slecht. De gevangenen kregen onvoldoende voedsel, slechte kleding, werden mishandeld en moesten vaak werken tot ze dood neervielen.

In 1937 werd het regime in de Goelag zwaarder gemaakt en werd de term ‘vijand van het volk’ een officiële aanduiding. Er vonden toen ook massale executies plaats. Volgens beschikbare statistieken zijn er in de periode 1929-1953 ongeveer 18 miljoen Sovjetburgers in de kampen geweest. Na de dood van Stalin in 1953 kwam meer dan de helft van de Goelag gevangenen vrij.

Persoonlijk verhaal
In deze historische context schrijft Barbara Skarga haar verhaal over haar persoonlijke ervaringen in de Goelag. Zij werd in 1944 gearresteerd door het Rode Leger omdat ze koerierster was in het verzet. Zij komt in dit boek naar voren als een krachtige persoonlijkheid: “Mijn psychische weerbaarheid is zo groot dat ik alles zal kunnen verdragen, want het zwaarste ligt achter me, en ik heb alles met opgeheven hoofd en trots doorstaan” (p. 22).

Boekenkrant

Haar boek is een zeer gedetailleerde beschrijving van haar dagelijkse leven in het kamp. Ze vertelt over medegevangenen en bewakers, over voedsel en onderkomen, hygiënische omstandigheden, het werk en het hospitaal. Het was niet zozeer het fysieke geweld dat het verblijf kenmerkte maar het was vooral wat zij noemt ‘een morele pijn’, de onvrijheid en onderdrukking die het gedwongen verblijf van mensen hier bepalen.

Bijzonder is wat Skarga schrijft over de hospitalen: “Ik hield van de hospitalen in het kamp, ik hield van de zieken, die zo dankbaar waren voor elk goed woord, ik hield zelfs van de gevangenen die zichzelf verwondden, die vol onrust keken of een verpleegster of dokter hen niet zou verraden bij de kampmachthebbers” (p. 84).

Werk is essentieel in het kamp, de gevangenen moeten productie maken. Zij zijn hier vanwege hun vermeende bedreiging van de Russische staat: “De hoofdregel luidt: anti-Sovjetmentaliteit is een zonde, en zelfs meer: een misdaad” (p. 141).

Propaganda
Skarga is zeer uitvoerig over haar Goelag ervaringen en creëert in haar minutieuze verslagen een gedetailleerd beeld van het kampleven. Hierdoor proeft de lezer duidelijk de sfeer in de kampen, al vergt deze manier van vertellen ook wel enig geduld en de nodige inspanning om erbij te blijven omdat er in al deze beschrijvingen niet zoveel actie zit.

Deze passage over de Sovjet Unie is bijzonder actueel: “Maar de kracht die in dit land schuilt, verkwisten we aan propaganda, bewapening en destabiliserend inmenging in andere gebieden waar we maar kunnen” (p. 275).

Na de dood van Stalin krijgt Skarga een vrijlatingsbrief en kan zij uiteindelijk naar Polen terugkeren.

Barbara Skarga schreef filosofische essays en boeken en publiceerde in 1985 onder pseudoniem dit boek Na de bevrijding.

Voor het eerst gepubliceerd op Bazarow