Orgelman

Donderdag, 12 november, 2015

Geschreven door: Mark Schaevers
Artikel door: Suzanne van der Beek

Felix de Feniks

Normaal gesproken wagen we ons niet aan non-fictie literatuur, maar naar aanleiding van zijn nominatie voor de ECI Literatuurprijs boog ik me toch over de biografie van Felix Nussbaum, geschreven door Mark Schaevers. De inzet van dit boek spreekt bijzonder tot de verbeelding: Schaevers schetst met zijn verhaal het leven van een Joodse schilder die in opdracht van Hitlers regime uit het collectief geheugen werd gewist en pas tientallen jaren later weer herinnerd zou worden. Met Orgelman beantwoordt Schaevers aan de wens van de schilder om niet vergeten te worden door een wezenlijke echo teweeg te brengen.

Het motto van Orgelman is een citaat van Jean Améry: ‘Wij zijn gedwongen te leven te midden van dingen die ons verhalen vertellen.’ En zo heeft Schaevers zijn zoektocht naar het leven van Nussbaum ervaren; alles wat hij tegenkomt wordt het beginpunt van een nieuw verhaal over de schilder. Zo vormt een krantenknipsel over een gedenkplaat voor Nussbaum de aftrap voor het verhaal over een Brussels ambtenaar die dit bericht las, de naam van de schilder herkende en het schilderij dat in zijn slaapkamer hing identificeerde als een echte Nussbaum. Schaevers gaat nog verder en neemt ook de ruimte om te vertellen hoe de ambtenaar aan het schilderij kwam, in welke kamers het schilderij zoal gehangen heeft, wat de andere familieleden van het doek vonden en hoe de man erover denkt dat het schilderij nu in Jeruzalem hangt.

Felix wie?

Al deze kortstondige expedities naar de verschillende levens, voorwerpen en woonplaatsen die met wat goede wil aan de schilder te verbinden zijn, zorgen er jammer genoeg voor dat Felix Nussbaum zelf naar de achtergrond verdwijnt. Het is lastig om zijn leven, en met name zijn karakter, scherp in beeld te krijgen. Wie was Nussbaum? Wat voor mens was hij? Wat voor schilder was hij? Schaevers komt in zijn ruim vierhonderd pagina’s niet veel verder dan een schets van de schilder: hij was kort (‘de Napoleon van de schilderkunst’), had een specifiek soort ‘Nussbaumsche humor’ (dat verdraaid veel op sarcasme lijkt) en ontwikkelde een zekere arrogantie naarmate hij een gevestigde naam werd. De beperkte metaforen die Schaevers inzet om de schilder diepgang te geven komen over als gedachtes achteraf, als ideeën die zonder veel overtuiging aan het eind van een hoofdstuk zijn geplakt. Zoals de beeldspraak die is opgenomen in de titel:

‘Waarom altijd weer die orgelman? Hij kan staan voor de melancholie die een draaiorgel met zijn eeuwig herhaalde deuntjes al gauw opwekt. Hij doet ook denken aan de wandelende jood, zoals Nussbaum er zelf een is. Of is de orgelman vooral de kunstenaar op zoek naar een echo in een tijd waarin die zo moeilijk te vinden is?’

Heaven

Omdat Nussbaum als persoon niet erg levendig uit de verf komt in dit boek, is het bijna een vereiste dat de lezer Felix Nussbaum al kent, bij voorbaat geïnteresseerd in hem is. Veel lezers zullen echter niet bekend zijn met de persoon Felix Nussbaum, maar alleen met zijn werk. Juist dat werk wordt in Orgelman breed uitgemeten. Schaevers maakt regelmatig een pagina vrij om een van Nussbaums schilderijen te presenteren en daarna gerust nog een pagina om het doek te bespreken. Het werk komt zo tot leven, terwijl de persoon in de schaduw blijft.

Geestdrift en melancholie

Hoewel Schaevers er niet in slaagde om een literaire biografie te schrijven, is Orgelman als historisch werk wel degelijk interessant. Omdat Schaevers nergens lijkt te hebben geknipt in zijn bevindingen en overdenkingen (hij benoemt ook regelmatig mislukte zoektochten of informatie waar hij de hand niet op heeft kunnen leggen), krijgt de lezer het gevoel samen met de schrijver op ontdekkingstocht te zijn. De stijl is zo een mooie weerspiegeling van Schaevers’ speurtocht langs de fragmenten van verhalen die nog te vinden zijn over Nussbaum. De korte episodes waarin Schaevers de contouren van een situatie schetst die – hoe losjes ook – aan Nussbaum te verbinden is, worden afgewisseld met verzuchtingen over de tijd die geweest is, de mensen die verdwenen zijn en vergeten werden. Zowel de geestdrift als de melancholie die Schaevers ervaren moet hebben in de vele archieven die hij bezocht weet hij zeer invoelbaar te maken. Het is hem dan ook van harte gegund dat zijn project zal slagen, dat Felix Nussbaum als een Fenix uit zijn as zal herrijzen – zo niet als persoon, dan toch als schilder.


Eerder verschenen op Recensieweb


Laat hier je reactie achter:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Alleen inhoudelijke reacties die gaan over het besproken boek en/of de recensie worden geplaatst.

Boeken van deze Auteur:

Orgelman - Felix Nussbaum