Persoonlijkheid en macht

Woensdag, 16 november, 2022

Geschreven door: Ian Kershaw
Artikel door: Evert van der Veen

Europese leiders

[Recensie] “… het is moeilijk te ontkennen dat degenen die ik wél heb opgenomen de Europese geschiedenis op een belangrijke – vaak uiterst negatieve manier – ingrijpend hebben veranderd” (p.12).

Ian Kershaw schetst het leven van elf mannen en één vrouw die het in zich hadden om een belangrijke leidinggevende positie in een Europees land in te nemen. Zoals te verwachten, komen we uitsluitend bekende namen tegen als Lenin, Mussolini, Hitler, Stalin, Churchill, Tito en Gorbatsjov. De ene vrouw is Thatcher.

Vanuit hun persoonlijke capaciteiten en hun dominante karakter geven zij graag leiding aan een land, hebben ze daar ook wel de nodige ideeën over en zien zij het als hun levensvervulling om deze veeleisende taak op zich te nemen. Dat is de situatie, gezien vanuit deze twaalf mensen die uiteraard per land en door de tijden heen verschillend is. Altijd staan er weer van deze mensen op die erin slagen om macht naar zich toe te trekken.

Aan de andere kant is er de situatie in het land van dat specifieke historische moment, met partijstructuren die het mogelijk maken dat die ene persoon aan de macht komt. Er is vaak sprake van een ernstige crisis waarbij het land in een impasse verkeert en de nog regerende leider niet in staat is om deze te doorbreken. Een dergelijke situatie is gevoelig voor een nieuwe leider die krachtig overkomt, een duidelijk perspectief schetst en zo mensen met zich mee kan nemen in een proces van vernieuwing, soms met alle gevolgen vandien.

Trouw

Macht heeft een ideologische, economische en militaire component, zo maakt Ian Kershaw in dit boek Persoonlijkheid en macht duidelijk. Deze drie zijn nauw met elkaar verweven en hebben elkaar nodig.

Lenin en Hitler
Lenin wordt getypeerd door een scherpe geest en sterke wil. Hij is uiterst zelfbewust. “Lenins talent als revolutionair leider bestond voor een groot deel uit de combinatie van een onwrikbare radicale ideologie met tactische flexibiliteit” (p. 47). Hij riep in 1917 de ‘socialistische wereldrevolutie’ uit, waarbij geweld nodig was om de kapitalistische klasse uit hun bevoorrechte positie te verdrijven. Zo werd hij ‘tsjaar van het volk’ en staat hij symbool voor het onfeilbare communisme.

“In alle bescheidenheid moet ik mijzelf onvervangbaar noemen… Het lot van het Duitse Rijk hangt alleen van mij af”. Deze woorden zijn van Hitler, gesproken op 23 november 1939 toen hij de opperbevelhebbers van het Duitse leger opriep om zich voor te bereiden op een aanval op Frankrijk en Groot-Brittannië. Het lot van Duitsland én de wereld zou inderdaad ook van hem afhangen, alleen op een geheel ándere manier dan Hitler zich in 1939 voorstelde.

Hitler is misschien wel de meest in het oog springende persoon in dit boek en hij vult de titel Persoonlijkheid en macht uiterst indringend en negatief in: “zijn uitgesproken opvattingen, onverdraagzaamheid en een bijzonder talent voor demagogische retoriek … waren essentiële kenmerken bij zijn opkomst in de politiek” (p. 109). Het is een indringend portret dat Ian Kershaw van Hitler schetst waarbij de lezer het beklemmende gevoel krijgt dat de toenemende invloed van deze man met zijn partij wel tot een vernietigende oorlog moest leiden.

Onvervangbaar: Hitler zei het ronduit en het woord bescheidenheid is slechts een retorisch omhulsel voor zijn allesvernietigende grootheidswaanzin. Anderen dáchten wellicht dat ze dé aangewezen persoon waren om als onvervangbare leider op te treden. Zij spraken het misschien wat verhullender uit maar uit hun optreden blijkt maar al te goed dat zij graag aan de macht zijn en zichzelf daartoe ook geroepen voelen. Echte bescheidenheid past niet zo bij politieke leiders.

Hitler staat misschien het meest op ons netvlies – dat zal ook te maken hebben met onze Nederlandse geschiedenis – maar iemand als Stalin was ook berucht om zijn gigantische terreur en ook Mussolini, Franco en Tito waren autoritaire persoonlijkheden met een drang naar absolute macht waarin voor andersdenkenden geen enkele ruimte was.

Churchill en Gorbatsjov
Er zijn ook anderen. Churchill kwam aan de macht toen zijn land er militair en moreel slecht voor stond. “Hij gaf richting, motivatie en hoop” (p. 193) en werd een belangrijk leider in de Tweede Wereldoorlog. Gorbatsjov droeg perestrojka (hervorming) en glasnost (openheid) uit en zijn komst zorgde voor meer ontspannen verhoudingen tussen oost en west. Hij was veranderd: “van een ware gelovige in de leerstellingen van het communisme had hij zich ontwikkeld tot een sociaal-democraat in westerse stijl” (p. 401). Helaas is zijn erfenis snel terzijde geschoven.

Hoe verschillend de besproken leiders in dit boek Persoonlijkheid en macht ook zijn, ze zijn allen op hun eigen, unieke manier doelbewust, wilskrachtig en worden gedreven door de innerlijke missie om hun land vooruit te helpen.

Met zeven overkoepelende stellingen wordt op de twaalf leiders teruggeblikt. “De grootste impact hadden, zeker in de eerste helft van de eeuw, aantoonbaar diegenen die op morele gronden het weerzinwekkendst waren – Hitler, Stalin, Lenin. Het lijdt echter geen twijfel dat het optreden van alle twaalf leiders een enorme impact had op hun eigen samenleving, op Europa en, in sommige gevallen tenminste, op de wereld daarbuiten. Ze lieten een belangrijke, soms funeste erfenis na” (p. 462).

Persoonlijkheid en macht is een indrukwekkend boek waarin belangrijke maar lang niet altijd goede mensen centraal staan. Dit boek maakt nog weer eens duidelijk dat krachtige individuen in onzekere tijden aan de macht kunnen komen. In zo’n tijd leven we ook vandaag…

Ian Kershaw is een gepensioneerd Brits historicus. Zijn leerstoel was moderne geschiedenis aan de universiteit van Sheffield. Hij schreef eerder Een naoorlogse achtbaan, over Europa na de Tweede Wereldoorlog, Tot de laatste man, over Duitsland in de periode 1944 – 1945 en De afdaling in de hel, over Europa van 1914 – 1949 en een biografie over Hitler.

Voor het eerst gepubliceerd op Bazarow

Boeken van deze Auteur: