Vrouwenpalet – Haar kunst, haar verhaal 1900-1950

Donderdag, 24 november, 2022

Geschreven door: Karlijn de Jong, Edwin van Onna, Linda Modderkolk, Katjuscha Otte
Artikel door: Jan Stoel

Eindelijk gelijke rechten voor vrouwen?

[Recensie] Vrouwenpalet is een fantastisch boek. Het is de catalogus van de dubbeltentoonstelling van Museum DR8888, Drachten en De Wieger in Deurne. Directeuren Nieske Ketelaar en Katjuscha Otte hebben in de tentoonstelling  vierentwintig vrouwen die in de voorhoede van de moderne kunststromingen tussen 1900 en 1950 stonden een ereplaats gegeven. Kunstenaars als Charley Toorop, Jacoba van Heemskerck, Charlotte van Pallandt, Else Berg, Lou Loeber en Lotti van der Gaag kent iedereen. Maar Karin Leyden, Rebecca van Gelder, Nola Hatterman, Anneke van der Feer en Jemmy van Hoboken, om er maar een paar te noemen? Vrouwenpalet geeft hen de plek die ze verdienen. Als rode draad loopt door het boek de strijd om gelijkberechtiging.

Minachting
De eerste feministische golf (1870-1920) toonde de strijd om gelijkberechtiging van vrouwen zien. Het ging om zaken als  het vrouwenkiesrecht, het recht op onderwijs, werk en inkomen en de huwelijkswetgeving. In 1870 werden de kunstacademies opengesteld voor vrouwen, maar ze kregen nog geen toegang tot de lessen waarin met een naaktmodel gewerkt werd. In 1896 kregen vrouwen eindelijk hetzelfde onderwijs als mannen. Elisabeth Stoffers was in 1898 een van de eerste Vrouwenpalet-kunstenaars die een beeldende academische opleiding volgde aan de Rijksacademie in Amsterdam. August Allebé, een invloedrijk man, was er directeur. Hij schreef over vrouwelijke leerlingen: “Aan de meeste schilderessen is ’t persoontje meer bezienswaard dan het werk.” Ook mannelijke kunstenaars spraken niet al te lovend over vrouwen. Bijvoorbeeld Piet Mondriaan: “De vrouwelijke aard was verbonden met het fysieke en het aardse, dus met de realistische kunst. Het mannelijke was gekoppeld aan het geestelijke en abstracte.” Vrouwen waren wel degelijk te zien in de voorhoede van de kunsten maar het waren de mannen die artikelen schreven in tijdschriften. Van vouwen werden alleen afbeeldingen opgenomen. En dan hebben we het nog niet gehad over de kunstkritieken.

De vierentwintig vrouwen in Vrouwenpalet verzetten zich tegen dat stereotiepe denken over schilderende vrouwen. Maar ook binnenshuis hadden zij het niet makkelijk. Het was gebruik dat vrouwen na hun huwelijk stopten met werken. Lotti van der Gaag wees zo een huwelijksaanzoek van Kees van Bohemen af. Later kreeg ze een relatie met Jan Cremer. “Als ik geen ja-woord gaf maakte hij beelden kapot. Er sneuvelden er een stuk of vier.” De meeste kunstenaars uit het boek zijn dan ook gescheiden of ongetrouwd gebleven. Dat was de enige manier om de vrijheid te bewaren.

Inzichtelijk
De auteurs van het boek geven in drie artikelen inzicht in de positie van vrouwelijke kunstenaars tussen 1900 en 1950, de strijd tussen ‘vrijen en werken’ en ‘de onafhankelijk van vooroordelen’. Ze illustreren dat met korte biografieën van de vierentwintig kunstenaars, plaatsen hen de context van hun tijd en die geven inzicht in hun contacten ook met andere kunstenaars en hun ontwikkeling.  Aan de hand van hun kunstwerken wordt het verhaal van deze kunstenaars verteld.

Het Weer Magazine

De kunstenaars hebben met elkaar gemeen dat ze zich verzetten tegen hoe over schilderende vrouwen gedacht werd. Ze waren actief in de contemporaine kunststromingen en waren ook internationaal actief. Zo was Adya van Rees in Parijs actief en werkte samen met Hans Arp, Jacoba van Heemskerck was prominent lid van Der Sturm in Berlijn.

Vrouwen krijgen langzamerhand meer aandacht, maar na de Tweede Wereldoorlog is men terug bij af: “Gezinsherstel is volksherstel.” Door de kerk, de overheid, damesbladen, van alle kanten werd het ideaalbeeld van de vrouw als zorgende moeder gepromoot. In 1953 schreef een recensent nog over beeldhouwsters: “Thans hakken zij (vrouwen) grote beelden in steen, omdat het vaatwassen zo prozaïsch is geworden.”

Ontdekkingstocht
Het boek is een ware ontdekkingstocht op. Zo doken in 1980 ineens pastels van Elisabeth Stoffers (1881-1971) op, allemaal gemaakt tussen 1915-1918. In 1910 zou haar carrière gestopt zijn. Misschien is ze beïnvloed door Chris Lanooy die haar buurman was en in die jaren aan pasteltekeningen in contrasterende kleuren met organische vormen werkte als inspiratie voor zijn keramiek. Ze heeft nooit over deze werken gesproken. Reden voor nader onderzoek. Of Alida Pot (1888-1931) die tot een van de eerste leden van De Ploeg behoort en het Ploeg-vignet ontwierp, maar na haar huwelijk alleen nog een rol op de achtergrond speelt.

Belangrijk was in 1912 de Oprichting van kunstenaarsvereniging De Onafhankelijken. Vrijheid en gelijkheid was het parool, maar het zou lang duren totdat vrouwelijke leden zeggenschap kregen. Nola Haterman was een van de actiefste leden. Op de achterflap van Vrouwenpalet zien we een foto waarin ze een spijker in de muur slaat als ze een tentoonstelling aan het inrichten is in het Stedelijk Museum in Amsterdam, de plek waar De Onafhankelijke expositieruimte kregen. Kunstenares Anneke van der Feer (1902-1956) assisteert haar. Werk van Haterman is opgenomen in de collectie van het Stedelijk Museum Amsterdam. Haar ouders spraken minachtend over de bevolking van Nederlands-Indië gesproken. Aanvankelijk tekende ze alleen Indische menen, maar ze was meer onder de indruk van de Afro-Surinaamse modellen.  Ze vertrok in 1953 naar Suriname en wilde een tegengeluid bieden aan het witte schoonheidsideaal. “In het kader van Black Lives Matter is haar werk actueler dan ook”, staat te lezen in Vouwenpalet.  Ze ontmoet in Suriname auteur Anton de Kom en raakt actief betrokken bij de Surinaamse onafhankelijkheidsstrijd. Anne van der Feer was communistisch, activistisch, had een relatie met cineast Joris Ivens en tekende in 1931 het affiche van Ivens’ reclamefilm Philips Radio. Dat affiche werd in 2001 door het filmblad Skrien tot het mooiste Nederlandse filmaffiche aller tijd uitgeroepen.

Met Vrouwenpalet geven Nieske Ketelaar en Katjuscha Otte ook een signaal af: “Het sterke accent op kunst door vrouwen is nu nog noodzakelijk, maar van gelijkheid is pas sprake als we juist géén bijzondere nadruk meer hoeven te leggen en we vrouwen en mannen behandelen als de gelijken die zij zijn.” En dat is precies waarvoor de vierentwintig vrouwelijke kunstenaars in het boek voor ijverden. Hun werk doet niet onder voor dat van mannen.

De integrale tentoonstelling is van 24 december tot 9 april te zien in De Kunsthal in Rotterdam.

Voor het eerst verschenen op Bazarow