Wij zijn ons

Dinsdag, 5 februari, 2019

Geschreven door: Dick Swaab
Artikel door: Jos van Dijk

Aandacht voor de sociologie

Vandaag publiceert DLVA twee recensies van hetzelfde boek: Wij zijn ons van Mark van Ostaijen. De meningen zijn verdeeld. Voor filosoof Marjan Slob stelt het boek teleur. Lees hier haar recensie. Voor socioloog Jos van Dijk is “Van Ostaijen’s herintroductie van de sociologie een aangename en welkome verrassing”. Lees hieronder zijn recensie. 

[Recensie] Toen ik lang geleden aan de studie sociologie begon was de collegezaal bijna te klein. Sociologie was een van de populairste vakken in de jaren zestig en zeventig, de jaren van de dringend noodzakelijke maatschappijverandering, van de maakbaarheid, van de gelijkheid van kansen en van de torenhoge verwachtingen ten aanzien van de verzorgingsstaat. De universiteiten scheidden massa’s doctorandussen af die onmiddellijk geplaatst konden worden in de uitdijende ministeries voor welzijn, volksgezondheid, onderwijs en huisvesting. In de loop van de tijd ben ik de band met het vak en de vakgenoten wat kwijtgeraakt. Ik begreep wel dat ik het hoogtepunt had meegemaakt en dat het in de jaren tachtig snel bergafwaarts ging met de populariteit van de sociologie.

Dat de liefde niet geheel verdwenen is merkte ik bij het lezen van een alleraardigst boekje van Mark van Ostaijen (1984), een socioloog van een geheel nieuwe generatie, verbonden aan de Universiteit Tilburg en ook publicerend in landelijke dagbladen. Wij zijn ons; een kleine sociologie van grote denkers is een zeer publieksvriendelijk boek dat in deze tijd van ‘polarisatie, segregatie en individualisering’ aandacht vraagt voor de sociale kanten van ons gedrag. Van Ostaijen ergert zich aan de bovenmatige aandacht in de laatste jaren voor biologie en neurowetenschappen als eenzijdige verklaringsgronden voor menselijk gedrag. Wij zijn veel meer dan ons brein. “Wie we zijn en wat we doen kan beter begrepen worden als sociaal gedrag dan als individuele handeling.” Het is tijd dat het eens klip en klaar gezegd wordt.

Waarom is dit juist voor nu zo’n aardig boek? Sociologische denkers uit de vorige eeuw hebben de sociale wetenschappen verrijkt met voor iedereen herkenbare begrippen en theorieën die wat er tussen mensen gebeurt uitstekend kunnen verhelderen. Ze dragen bij aan het zelfinzicht over de sociale kanten van ons gedrag en maken het ook bespreekbaar. Van Ostaijen introduceert ons opnieuw sociologen als Goffman (rollen, het leven als theater, back- en frontstage, impression management), Merton (de selffullfilling prophecy), Elias (de ‘gevestigden’ en de ‘buitenstaanders’), Weber (functionele rationaliteit, waarderationaliteit) en Durkheim (de samenbindende kracht van religie). Hij koppelt de inzichten van deze sociologen aan alledaagse ervaringen uit zijn persoonlijke leven en aan de actualiteit. Het wij-zij denken in discussies over immigratie, bijvoorbeeld. Lees Elias en begrijp dat het uit de hand lopen van het maatschappelijk debat over nieuwe Nederlanders niet de verdienste is van domme schreeuwers of dove politici, maar dat het hier om een sociaal proces gaat met zijn eigen wetmatigheden.

De sociologie is niet heilig of alwetend in maatschappelijke vraagstukken. Maar de sociologische verbeelding die de grote denkers uit dit vak lang geleden aan de dag leggen kan ons vandaag de dag nog nuttige inzichten opleveren. Van Ostaijen doet daarom terecht een poging om ons er aan te herinneren ‘dat er meer is dan het individu. En dat het individu, voor zover het iets is, een ‘sociaal produkt’ is en voortkomt uit de interactie met zijn omgeving. Het ‘zelf’, waarmee velen het zo druk hebben, is sociaal geconstrueerd en wordt in de eerste plaats door anderen gevormd.’

In deze wereld, die alleen nog maar lijkt te gaan over (opgefokte, over het paard getilde, rupsje-nooit-genoeg-) persoonlijkheden is Van Ostaijen’s herintroductie van de sociologie een aangename en welkome verrassing.

Eerder verschenen op Sargasso