Wijnwijs, van A tot Z

Woensdag, 16 februari, 2022

Geschreven door: Nicolaas Klei
Artikel door: Roelant De By

Vol humor leidt Klei de lezer door het alfabet van wijn gerelateerde zaken

[Recensie] ‘Een gids voor de wijnwereld’ staat er op de voorkant te lezen. En dat is ook precies wat het is. Nicolaas Klei heeft op alfabetische volgorde alle zaken die met wijn te maken hebben, gerangschikt als een encyclopedie. Dit is geen boek om van begin tot eind door te lezen, maar om regelmatig op te pakken, erin te bladeren of op specifieke woorden iets op te zoeken. Klei doet dat op zijn eigen wijze. Hij is wars van gewichtige praat en moeilijk gedoe. In dat opzicht staat hij in het verlengde van Michael Broadbent (1927-2020), een Britse wijnkenner en schrijver die legendarisch was over zijn kennis van oude wijnen. Zijn werk bij veilinghuis Christie’s waar hij de wijnverkoop deed, heeft daar veel aan bijgedragen. Zijn motto was: ‘Wijn is niets meer dan het spoelen van de mond tussen twee happen door bij de maaltijd.’ Zo bont maakt Klei het niet, maar lekker tegen wijd verbreide wijnmythes aantrappen, is hem wel toevertrouwd.

Meteen bij het eerste woord, ‘Aanbieding in de wijn’, gaan alle remmen los. Hij schrijft, ik citeer: “Al jong leer je vreemde mannen te vrezen, ook al brengen ze snoepjes. Later waarschuwen bezorgde ouders nukkige pubers voor bronstige loverboys en onheilszwangere lichtekooien. Eén levensles wordt echter vergeten tijdens zo’n goed gesprek over de gevaren van het bestaan: vermijd Heel Bijzondere Wijn uit wervende advertenties…. Bedenk echter dit: als die wijn echt zo bijzonder is, waarom ligt hij dan in de aanbieding voor een weggeefprijs? Fiets om naar een oprechte wijnwinkel die u heerlijke wijn biedt voor een eerlijke prijs. Geen topwijn vol poeha, maar een vriendenwijn vol fruit en plezier.”

De toon is gezet. Vol humor leidt Klei de lezer door het alfabet van wijn gerelateerde zaken. Soms doet hij belangrijke gebieden met een enkele zin af, zoals bij Margaux, een van mijn lievelingsgebieden uit de Franse Bordeaux: “Margaux appellation in de Haute-Medoc. Vermaard, verfijnd, kost een vermogen. Koop toch Marcillac !” [een onbekend wijngebied dat hij kort daarvoor heeft besproken en bejubeld]

Nu zijn er over de Margaux alleen al boeken vol geschreven (Waar ik er zelf ook een paar van in mijn kast heb staan). Dus slim om over zo’n uitgebreid onderwerp niet te veel woorden aan te verspillen. Daar zijn andere boeken voor moet hij hebben gedacht. Over masterclass schrijft hij: “Proeverij met pretenties. Geleid door een master… Heeft een inflatie van Weimarachtige dimensies gekend… Ja, er zijn ook goede masterclasses. En de allerbeste noemen zich gewoon wijnproeverij.”

Yoga Magazine

Steekt Klei overal de draak mee, kun je je afvragen? Zeker niet, hij neemt wijn heel serieus. Alleen de opgeklopte flauwekul eromheen vindt hij niks. Bijvoorbeeld bij de B staat ‘Brood bij de proeverij’. Daarin maakt Klei duidelijk dat hij geen voorstander is van het tussen de verschillende wijn (proef) glazen door, de mond te spoelen met water of een stukje brood of cracker te eten.

“Het proeft beter wanneer je mond ingesteld is op wijn en de concentratie niet onderbroken wordt door vreemde zaken als water en brood… Heel lekker, zeker met charcuterie of kaas erbij, maar niet zomaar droog als een soort voorbehoedsmiddel, om te zorgen dat vorige en volgende wijn niet samengaan met alle ellende van dien.”

Aan biologische wijn en aanverwante onderdelen besteed Klei maar liefst vier pagina’s. Biologische wijn vindt hij ‘reuze hip, alleen het bestaat niet.’ Omdat er in de kelder nog van alles aan toegevoegd mag worden, moet je praten over ‘wijn van biologische druiven’. Dat de EU strenge regels heeft opgesteld voor het verkrijgen van een biologisch certificaat zegt hem niks. ‘Als je maar vurrukkullukke wijn maakt van druifjes en verder niks. Liberaler krijg je het niet in je glas.’

Aan het onderwerp Proeven zijn maar liefst negen pagina’s geweid, inclusief een uiterst leerzame korte cursus hóe je moet proeven. Dat hij daarbij met droge ogen een instructie geeft over het diner voorafgaande aan het wijnproeven de volgende dag is hilarisch. ‘Want morgen moet je proefapparatuur kers- en kakelvers zijn. Heldere soep, drie gekookte piepers, peentjes of prinsessenboontjes en vis of vlees. Stukje kaas toe.’

Nicolaas Klei zet zich op de kaart als een eigenwijze man, lekker schoppend tegen heilige huisjes, wars van de algemeen heersende wijn mores. Dat levert een prettig leesbaar naslagwerk op dat bedoeld is om iets op te zoeken of gewoon om zo nu en dan in te bladeren en daarna met een glimlach het boek dicht te slaan om vervolgens spontaan een fles wijn te gaan ontkurken. Want daar heb je dan zeker zin in gekregen. Vier sterren.

Eerder verschenen op Perfecte Buren

Boeken van deze Auteur:

De Slankwandelaar

Wijnwijs van A tot Z