Picknick op het ijs

Vrijdag, 29 april, 2022

Geschreven door: Andrej Koerkov
Artikel door: Nico Voskamp

Eerst de dollars, dan de moraal

[Recensie] Het kwam niet door teveel EenVandaag-sensatiereportages, maar gewoon door de onontkoombare nieuwsstroom over de ontwikkelingen in Rusland-Oekraïne: dit keer bespreken we een Oekraïense schrijver. Koerkov is de beroemdste schrijver van Oekraïne, zijn werk is in 36 talen vertaald en hij verschijnt regelmatig in internationale media om commentaar te geven op de toestand in zijn land.

Uitgeverij Prometheus brengt deze gloednieuwe uitgave van het in 1996 uitgekomen Picknick op het ijs (in het Nederlands in 2000) uit. Is het te hachelen? Het antwoord is ja, zeer goed zelfs.

Koerkov hanteert een subtiele, bedrieglijk eenvoudig aandoende stijl waarin hij zachtjes kabbelend een wurgend verhaal uitrolt. We ontmoeten Viktor die nadat zijn vriendin wegging, alleen woont in een appartementje in Kiev samen met zijn huisdier, de pinguïn Misja:

“Hij was eenzaam, maar Misja, de pinguïn, had zijn eigen eenzaamheid meegebracht en nu vulden de twee eenzaamheden elkaar aan, en kreeg je eerder de indruk van wederzijdse afhankelijkheid dan van vriendschap.”

Archeologie Magazine

Viktor is een literator die ergens tussen de journalistiek en het kleine proza was komen te zitten, en hij schrijft soms korte verhalen. Met één van die verhalen gaat hij naar de krant – hij zou graag gepubliceerd worden. De hoofdredacteur wijst het verhaal af – niet sensationeel genoeg – maar later krijgt Viktor toch een baantje. Hij mag necrologieën schrijven over prominente figuren, al voordat ze zijn overleden. Dat gaat hem goed af, in het begin nog in gelukzalige onwetendheid over waarvoor die necrologieën eigenlijk gebruikt worden.

Het verhaal van Viktor en vooral zijn eigenwijze, door zijn appartement scharrelende en allerlei soorten vis verslindende pinguïn, is op een vreemde manier erg levendig. Koerkov schildert krachtige beelden die worden versterkt met subtiele humor. Als ze het hebben over een ‘ongeluk’ van een berucht persoon:

“’Hoe is hij gestorven?’, vroeg Viktor.
“Hij is uit een raam op de vijfde etage gevallen. Hij was naar het schijnt de ramen aan het wassen, alleen om de een of andere reden niet bij hem thuis. En bovendien ’s nachts.”

De contactpersoon bij de krant geeft opdracht voor steeds meer ‘kruisjes’; de necrologieën die Viktor aanlevert. Viktor beseft dat hij op gevaarlijk terrein is gekomen, vooral als de contactpersoon op een dag met angst in zijn ogen bij hem langskomt en vertelt dat ze elkaar een tijdje niet moeten zien. Voor de zekerheid. Zo houdt Koerkov de spanningsboog bekwaam gespannen.

Wat de schrijver ook doet, is een behoorlijk negatief beeld van het leven in Oekraïne oproepen. Dat voelt in het licht van de verwoestende oorlog die Rusland startte (we schrijven dit in april 2022), een beetje eigenaardig. Als lezer heb je de neiging Oekraïne te steunen in de ongelijke strijd, en haast automatisch de toestand van het land rooskleuriger voor te stellen dan die blijkbaar is. Die visie sneuvelt al snel in dit verhaal. Samengevat is Kiev een stad waar de schimmige ritselaars de dienst uitmaken en het officiële gezag alleen voor flink wat stapels dollarbiljetten in actie komen. Corruptie, verval en desinteresse: het ooit communistische gedachtegoed is vervangen door een misdadigersmentaliteit.

Dat merkt onze Viktor ook als hij zich wil verdiepen in de psyche van zijn huisdier en een pinguïn-expert bezoekt, die vereenzaamd in zijn huis zit. De man, Pidpalyj, is ziek en Viktor kan weinig voor hem doen. Als een soort compensatie scheert hij hem dan maar. Dat gaat niet zonder een paar schrammen bij de oude man.

“Pidpalyj steunde.
‘Sorry,’ zei Viktor automatisch.
‘Geeft niet, geeft niet,’ sprak de oude man hees. ‘Als het pijn doet, leeft het nog.’
‘Wat zegt de dokter?’ vroeg Viktor.
‘De dokter zegt dat ik nog drie maanden kan blijven leven, als ik hem mijn woning geef…’”

Dit soort achteloze doorkijkjes laat zien dat een betreurenswaardige sfeer in alle geledingen van de burgerij is doorgesijpeld. Zedenverval en platte geldzucht lijken de dienst uit te maken. Pure diefstal niet uitgezonderd, wat in een achteloos dialoogje wordt aangestipt als Viktor geld wil overmaken naar een wetenschappelijk project op de Zuidpool:

“Hij was op tijd terug in de kamer om het rekeningnummer en het telefoonnummer op te schrijven.
‘Waar heb je dat voor nodig?’ vroeg Nina verbaasd.
Viktor haalde zijn schouders op.
‘Misschien stuur ik twintig dollar,’ zei hij onzeker. ‘Ter nagedachtenis aan Pidpalyj. Weet je nog dat ik je vertelde over die oude man … Ik heb ergens een knipsel van die basis…
Nina keek Viktor van opzij afkeurend aan.
‘Dat is geldverspilling,’ zei ze. ‘Het wordt gewoon gestolen… Of was je vergeten wat er is gebeurd met het geld dat bijeen is gebracht voor het ziekenhuis voor de kinderen van Tsjernobyl?’
Viktor zweeg.”

Een ander neveneffect van de brede media-aandacht voor de Rusland-oorlog is dat de lezer ineens ook plaatsnamen herkent. Charkov, Podol, Odessa, het verlevendigt maar vertriest het verhaal ook.

Saillant detail is de sticker op de voorkant van deze Nederlandse editie: € 2,50 naar Oekraïne. Waar precies in Oekraïne, vraagt de achterdochtige want inmiddels beter geïnformeerde lezer zich dan onmiddellijk af. Dat blijkt OK: de bestemming van dat geld per verkocht exemplaar gaat naar het vertrouwde giro 555.

Koerkov schreef dit boek in 1996. De mentaliteit in zijn land op dat moment is het best te typeren als ‘Eerst vreten, dan eventueel de moraal’. Het is te hopen dat de toestand van de burgerij in de tussenliggende jaren – los van de oorlog – iets verbeterd is. Zoals we het nu lezen, zou dit een triest verhaal zijn als de humoristische stijl het niet wat broodnodige luchtigheid meegeeft. Wrang, maar wel een prima leesbaar en informatief boek.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles

Ook verschenen op Nico’s recensies en Tiktok

Boeken van deze Auteur: