Een gat in de golven

Vrijdag, 12 januari, 2018

Geschreven door: Frank Heine
Artikel door: Marjon Nooij

De pijn van nooit teruggevonden geluk

“Waar ik het over wil hebben is de schaduw in ons leven die wij uiteindelijk allemaal kennen: de pijn van het nooit teruggevonden geluk, het door verlies of teleurstelling verschrompelde ideaal, of de morele schuld die wij een leven lang met ons dragen.”

De worsteling van een volwassen man

[Recensie] Dit is het verhaal van Erik van der Veen, een man van begin zestig, die de laatste jaren zijn dagen doorbrengt in de jachthaven, op zijn zestien meter lange kotter, Gratias. Zijn schip is oud, maar zeewaardig en tóch is Erik een schipper die nooit uitvaart. Het schip is voor Erik het enige onderkomen dat hij heeft, met benedendeks een ruimte waar hij kan vertoeven wanneer de dagen kouder worden, en waar een simpel keukentje staat en hij ook zijn kooi heeft.
Vrienden heeft hij niet en eigenlijk heeft hij ook niets omhanden. Zijn enige contact is Johan, de havenmeester.

Zijn dagen vult hij met lezen, slapen en nadenken over het verloop van het leven. Zíjn leven, leeg en uitzichtloos. Een leven waarvan hij denkt dat het eigenlijk niet meer geleefd zou moeten worden…

“Hij sloeg een ei stuk op de rand van het pannetje waarin de gesmolten boter zacht pruttelde. Was hij eenzaam?
Wat was dat eigenlijk, eenzaam zijn? Was je eenzaam als je vaak alleen was? Of dat je alleen was en daar last van had? Hij wist het niet. Het was niet zo dat hij gezelschap miste. Alleen zijn is goed. Het was nog niet zo erg lang geleden dat hij vrede met het alleen zijn had gesloten. Eigenlijk pas echt na het vertrek van Joëlle.”

In een kort tijdsbestek maakt Erik kennis met Fons en Jannie. De drie komen regelmatig bij elkaar in de Gratias en in hun gesprekken komt naar voren dat ze een overeenkomst hebben. Ze worstelen alle drie met gebeurtenissen uit het verleden en de impact die dat nu nog op hun leven heeft. Ze kunnen hun verhaal bij elkaar kwijt en maken duidelijke afspraken om hun relatie niet in gevaar te brengen. Op zekere dag besluiten ze om gedrieën, met een onduidelijk doel, met de kotter de zee op te gaan, met desillusie tot gevolg.

De worsteling van de jonge Erik

Voor een tweede verhaallijn is ook ruimte gemaakt. Dit draadje begint in 1966 en vertelt het verhaal van de teener Erik, die al heel vroeg in de gaten heeft dat zijn ouders geen warm huwelijk hebben en langs elkaar leven. Ook de aandacht voor hun zoon is tanende, ze hebben hun eigen werk en bezigheden, en voor hem is de gezelligheid thuis ver te zoeken; het benauwt hem. Vanwege de huisartspraktijk van zijn vader moet het altijd stil zijn in huis. Liever is hij bij zijn vrienden thuis, dan hen mee te vragen naar zijn eigen huis.

Op een goede dag merkt hij dat zijn moeder er niet meer is en hoort hij van zijn vader dat ze een appartement heeft in New York, waar ze haar kunstzinnige roeping achterna gaat. Heel even lijkt het of hij en zijn vader nader tot elkaar komen, maar al snel wordt duidelijk dat het ijdele hoop is.

Omdat hij is gezegend met een ‘knobbel’ voor exacte vakken, wordt Erik door de vader van een klasgenootje gevraagd om zijn dochter bijles te geven. Erik is dan al een poosje heimelijk verliefd op Madelein en het duurt dan ook niet lang voordat ze zich een ‘stelletje’ kunnen noemen. Voor haar vader is het vanzelfsprekend dat Erik meegaat zeilen. Hij krijgt instructies tijdens een korte trip en in de zomer mag hij meezeilen naar Engeland. Tijdens de reis valt zijn droom letterlijk in het water. In het gat in de golven…

“Erik zat klaar en wachtte met het lostrekken van de fokkeschoot. Het schip begon onrustig te deinen. Nu, dacht hij, en trok de schoot uit de lier. Hij liet het touw uit zijn handen ontsnappen en boog zich naar de andere zijde van de kuip. Snel trok hij de fokkeschoot aan om het klapperen te bedwingen. […] De westenwind pakte de zeilen en het schip herwon zijn stabiliteit.
Erik keek naar het voordek en zijn maag trok samen. Soms gaat een lichamelijke reactie vooraf aan het weten. Hij wist dat er iets niet klopte. Hij besefte nog niet wat en hoe, maar er was iets helemaal fout gegaan.”

De zus van Madelein, Joëlle, speelt ook een belangrijke rol. Ze heeft al vanaf het moment van hun kennismaking een oogje op Erik en doet er alles aan om hem te verleiden. Pas heel veel later gaat in hij op haar avances, maar het doet hem eigenlijk niet zoveel en hij laat haar toch weer schieten. Weer een gemiste kans? Wanneer andere vrouwen zijn weg kruisen en lichamelijkheid om de hoek komt kijken, lijken er steeds bizarre dingen te gebeuren. Dit heeft grote invloed op Erik en zijn weerstand tegen lichamelijk contact.

In vier delen plus een voorwoord, wordt chronologisch duidelijk hoe het leven van Erik is verlopen.
De twee verhaallijnen lopen naast elkaar. De jonge Erik volgen we door de jaren heen en met het stijgen van zijn leeftijd komen de lijnen uiteindelijk bijeen en versmelten de jonge en de oude Erik naadloos met elkaar. Het verhaal eindigt waar het in de proloog mee begon. Het verhaal bijt zichzelf zogezegd in de staart.

In overdrachtelijke zin zie ik dit verhaal als een queeste. De zoektocht van Erik – maar ook van zijn twee vrienden – en het onvermogen om de opdracht die hij zichzelf stelt ook daadwerkelijk uit te voeren. Er zijn zoveel kansen aan hem voorbij gegaan, maar hij heeft nooit het vermogen gehad om te pakken wat voor het grijpen lag. Auteur Frank Heine weet heel subtiel te spelen met magische realisme. Er gebeuren dingen, vreemde dingen die eigenlijk niet kunnen gebeuren.

De laatste drie zinnen van dit boek heb ik met grote ogen en een uitroep (Huh???) gelezen. Daar heb ik nog lang over na moeten denken en eigenlijk kan ik nog steeds niet kiezen: wie, hoe of wat? Het is een prachtig einde en welke kant je ook op zult gaan met het zoeken naar de oplossing, het puzzelstukje zal passen! (Al heb ik de auteur wel stiekem gevraagd “wie, hoe of wat híj daar heeft bedoeld).

Krijgt Erik uiteindelijk inzicht en berusting? Vindt hij de troostende en bevrijdende afsluiting? Is het een nieuw begin, of de inleiding tot het einde?

Vergis je niet tijdens het lezen van dit boek, want niets is zo simpel als het in eerste instantie lijkt. Er zitten lagen in het verhaal, gevoelens van onmacht en onvermogen. Het leed wat niet gekeerd lijkt te worden en het leed wat nooit meer gekeerd kan worden. De personages zijn heel goed uitgewerkt en op een natuurlijke manier weergegeven zonder allerlei overbodige beschrijvingen. De dialogen zijn écht, nergens gladjes of gesmeerd, maar rauw op momenten dat het dat moet zijn. Het verhaal schuurt en dat maakt het heel natuurlijk. De schrijfstijl is soepel en vlot te lezen.

Eén detail in het verhaal komt mij wat ongeloofwaardig over en dat is een gedeelte van het verhaal van Jannie. Zonder spoilers weg te geven kan ik helaas niet benoemen wat ik precies bedoel en, ach, eigenlijk doet het dit verhaal geen kwaad. De bedoeling komt net zo goed over. Een gat in de golven is een boek wat me een hele poos heeft beziggehouden en waar ik lang over na heb gedacht, vooraleer ik me aan de recensie waagde. Het verhaal beklijft en zakt niet zomaar weg uit je geheugen. Het verhaal is puur menselijk, zó menselijk dat je veel kunt herkennen van het onvermogen van de personages, zó menselijk dat je je makkelijk inleeft in hun emoties.

Een pareltje, wat ik – eerlijk gezegd – in eerste instantie niet had verwacht. Prachtig! Lees en beleef het ook!

Over de auteur
Frank Heine schrijft al langer gedichten en korte verhalen. Na ‘Meisterstuck’ en ‘Hemelzangen’ is ‘Een gat in de golven’ zijn derde roman. Hij schrijft regelmatig een blog op https://frankheine.wordpress.com/

Eerder verschenen op Met de neus in de boeken


Laat hier je reactie achter:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Alleen inhoudelijke reacties die gaan over het besproken boek en/of de recensie worden geplaatst.