Verzonken stad

Vrijdag, 9 juli, 2021

Geschreven door: Marta Barone
Artikel door: Guido Goedgezelschap

De waarheid achter het verleden is vaak pijnlijk

[Recensie] Met Verzonken stad debuteert de Italiaanse Marta Barone (1987, Turijn) als romanauteur. Ze is vertaler en eerder publiceerde zij een aantal kinderboeken. Haar romandebuut is zeker niet onopgemerkt gebleven: ze sleepte een nominatie voor de prestigieuze Premio Strega in de wacht en ze won de Vittorini-prijs.

“De jongen rent door de nacht. Hij rent door de stad, hij rent in de stad waar geen eind aan komt. Morgen wordt hij achtentwintig, hij is in pyjama, hij is op blote voeten, en hij is doordrenkt met het bloed van een ander. Het is eerste kerstdag. De stad slaapt in de regen, onwetend, onbewust, met de rolluiken omlaag en de blinden dicht. Alles is onmogelijk. De jongen rent door de stenen stad.”

Wat gebeurde er tijdens die Heilige Nacht, en wie was die vluchtende jonge man doordrenkt met het bloed van een ander?

Marta, zesentwintig jaar, verhuist van Turijn naar Milaan, waar ze tot dan samen met haar moeder had gewoond. Haar ouders zijn meer dan twintig jaar geleden gescheiden. In al die tijd had zij te weinig contact met haar vader, Leonardo Barone. Twee jaar eerder was hij overleden, maar in haar dromen komt hij zeer vaak langs. Behalve dat hij arts was en psycholoog weet Marta zeer weinig van haar vader. In Milaan had ze een eenkamerflat in een Palazzo uit de jaren twintig, Ze was er alleen, maar het besef dat dit de eerste plek was die helemaal van haar was, was haar bijna even dierbaar als menselijke warmte. Ze wil een boek schrijven, maar ondanks al haar goede voornemens lukt het haar niet.

Boekenkrant

“Schrijven lukte niet. Al jaren beet ik me vast in één idee, dat echter nooit verder kwam dan een aantal intenties, een overzicht van gevoelens. Ik wist waar ik het over wilde hebben, maar de manier waarop kreeg ik maar niet te pakken. Het enige wat ik wilde was dat het ogenschijnlijke verhaal zo ver mogelijk van het mijne af zou liggen.”

Het enige wat in haar hoofd blijft hangen is de nagedachtenis aan haar vader. Wie was deze man? Wie ben ik?, vragen die haar niet loslaten. Een klein versleten fotootje en een toevallige ontdekking van documenten: het is de bescheiden opening naar het verleden, de start van een zoektocht die schoorvoetend en met horten en stoten verloopt. Al vlug ontdekt zij dat haar vader lid was van een extreemlinkse beweging en daar ook voor was veroordeeld met gevangenisstraffen als sanctie. Ze kan maar niet geloven dat haar vader, een man die altijd de kant gekozen heeft van de minderbedeelden en de sukkelaars, die zich steeds wegcijferde voor een ander, lid kon zijn van een terroristische groepering. Waarom heeft hij haar nooit verteld over de woelige jaren zeventig in Noord-Italië, een complex en niet zo fraai stukje geschiedenis? Slechts mondjesmaat komt de waarheid achter het verleden bovendrijven en velen begrijpen niet waarom Leonardo Barone lid kon zijn van extremistische partijen.

“Cecilia snapte niet hoe het mogelijk was dat L.B. deel uitmaakt van die partij, die zij als onzinnig beschouwde. Voor haar gevoel was die beweging al, verkalkt, onnatuurlijk; en L.B. was juist veel te levendig, te aards, grappig en onsamenhangend om een aanhanger van dat fanatieke geloof te zijn. Maar als ze er naar vroeg maakte hij een wegwuivend gebaar en zei: ‘Tjaaa…’”

Marta Barone is zeer diep gegaan in haar zoektocht om het geheime, complexe leven van haar vader te ontrafelen. Zoals het dikwijls is in een situatie als deze komt informatie zeer moeilijk vrij: alle betrokkenen hebben allemaal wel hun eigen reden om de lippen op elkaar te houden, ook al waren zij met zijn allen vaak slachtoffer van ‘de tijd’ en vertoefden zij op het verkeerde moment aan de verkeerde kant van de geschiedenis. Documentaires over de Tweede Wereldoorlog, onder andere over de Hitlerjugend, zijn daarvan dikwijls de schrijnende getuigenissen. Maar ondanks alles, Leonardo Barone is en blijft de vader van Marta Barone aan wie zij toch mooie herinneringen heeft.

“Ten slotte kwamen we boven op een heuveltje. …/… Er was die middag een vulkaanuitbarsting (Stromboli) begonnen. We waren gekomen om daarnaar te kijken. …/… Geen van beiden bewogen we, geen van beiden zeiden we iets. …/… En die nacht tegenover die vulkaan had ik geen last van vermoeidheid en ook niet van verveling, ik was me alleen bewust van de wijde hemel boven me en van een lichte zwavelgeur die werd vermengd met de geur van de bloemen en de zilte bries die af en toe langs ons heen woei. Ik dacht aan niets. Ik was alleen maar mijn lichaam. Ik was met mijn vader op dat heuveltje, en we keken naar het mysterie.

Dit stukje proza, helemaal op het einde van het boek, is het tastbare bewijs van het schrijverstalent van Marta Barone.  Met Verzonken Stad, een autobiografische historische roman etaleert zij haar beeldende vertelkunst met een verhaal dat zij met een vlotte pen aan het papier toevertrouwt, openhartig, diepgaand, emotioneel, maar vooral op een begripvolle manier, zonder te oordelen of te veroordelen, een zo realistisch mogelijk beeld meegevend van een zwarte periode uit de recente geschiedenis van het Italiaanse schiereiland. De auteur maakt vaak gebruik van lange zinnen, maar het correcte taalgebruik en de instroom van steeds nieuwe informatie resulteert in een vloeiend geheel, geenszins langdradig of saai. Interesse in de Italiaanse geschiedenis en cultuur zijn mooi meegenomen om echt van dit boek te kunnen genieten. De manier waarop Marta dit thema behandelde is een ander zeer sterk punt om dit boek op je leesplankje te zetten.

De auteur verdient zeker een compliment voor het slopende opzoekwerk dat voorafgegaan is aan dit boek.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles