Anders leven

Dinsdag, 24 mei, 2022

Geschreven door: Manu Keirse
Artikel door: Evert van der Veen

Pleidooi voor aandacht

[Recensie] Het boek Anders leven begint met een persoonlijke terugblik op het leven en sterven van de oma van Manu Keirse waarin ook de samenleving van de jaren 50 en 60 wordt getekend. Zijn oma leed aan alzheimer: “Tot in de jaren 1970 is de ziekte betrekkelijk anoniem en gezichtsloos gebleven, zo’n ziekte waar nauwelijks over wordt gepraat en waar de media schielijk aan voorbijgaan” (p. 17). 

Zo tekent Keirse in zijn persoonlijke herinneringen de veranderingen die zich sindsdien aftekenen in de omgang met de dood. Hij vindt dat de ouderdom te negatief wordt afgeschilderd hoewel er de laatste tijd in de literatuur over de ouder wordende mens toch wel een duidelijke tendens aanwezig is om deze levensfase anders en positiever te benaderen. De rijping, rust en wijsheid krijgen meer aandacht en het accent ligt niet uitsluitend op datgene wat een mens níet meer kan. “Ouder worden begint op de dag van je geboorte en gaat gestadig door tot de dag dat je sterft” (p. 44).

Keirse pleit ervoor dat mensen langer actief blijven en hun levensfasen flexibeler invullen. Dat past helemaal in de huidige trend waarin de pensioenleeftijd omhoog is gegaan en mensen langer maatschappelijk actief blijven. De huidige generatie ouderen vult die fase heel anders is dan vroeger. ‘Jongere ouderen’ doen veel vrijwilligerswerk en passen vaak op hun kleinkinderen. Natuurlijk kan er bij mensen die nog ouder zijn sprake zijn van eenzaamheid en een gebrek aan welbevinden.

Manu Keirse staat ook stil bij de geneeskunde en hij is daar tamelijk kritisch over zoals in deze opvallende uitspraak: “In het hart van de moderne geneeskunde bevindt zich een leugen. Een leugen die inmiddels aan generaties studenten is meegegeven. De leugen is dat artsen genezen. Artsen genezen niet, ze gaan op zoek naar een diagnose en een gepaste behandeling” (p. 107).

Boekenkrant

Ik begrijp de ‘leugen’ maar vind dit toch te zwaar aangezet. Naar mijn indruk zijn artsen zich in het algemeen heus wel bewust van hun beperkingen en wordt daar meestal ook eerlijk met patiënten over gesproken. Dat kan natuurlijk nog wel beter want Keirse heeft wel gelijk als hij zegt: “Artsen zijn te weinig opgeleid om om te gaan met verdriet, onmacht, teleurstelling, boosheid, frustratie en angst” (p. 116).

Ook de fragmentering in de geneeskunde speelt mensen wel parten wanneer specialisten zich in complexe ziektebeelden teveel focussen op hun eigen vakgebied. De patiënt in kwestie voelt zich dan te weinig als mens gezien en begrepen. Het gevaar dat de geneeskunde teveel een aaneenschakeling van technische behandelingen wordt, is zeker aanwezig en het is belangrijk dat we ons daarvan bewust worden en daar waar nodig ook afstand van nemen.

De titel van hoofdstuk 12 is treffend Niet alles wat kan, moet. Artsen en patiënten mogen dat als mens onder ogen zien, daar samen open over praten en dan ook eerlijk besluiten om van een behandeling af te zien. Dat gebeurt naar mijn indruk met name bij mensen met kanker nog te weinig. Dan bestaat vaak de neiging om te lang door te gaan met chemokuren terwijl degene die deze ondergaat, er lichamelijk en mentaal teveel onder lijdt. Wat is de zin ervan? Die vraag zou eerder ter sprake moeten komen. “Het is vandaag gemakkelijker om langer te leven, maar moeilijker om goed te sterven” (p. 211).

Zo maakt dit pleidooi voor een doordachte voorbereiding op het levenseinde ons ervan bewust dat we ook vandaag onze menselijke eindigheid mogen aanvaarden, in het besef dat de moderne geneeskunde véél maar toch niet álles kan. De grenzen van ons leven zijn enorm verschoven maar komen ook vandaag wel in zicht.

Manu Keirse is klinisch psycholoog, gespecialiseerd in rouw en verlies, en bekend van lezingen en boeken in België en Nederland. Eerder verschenen van hem Helpen bij verlies en verdriet, Vingerafdruk van verdriet, Als ik er niet meer ben, Kinderen helpen bij verlies en Later begint vandaag.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles