Het huis met de leeuwen

Woensdag, 12 oktober, 2016

Geschreven door: Tania Heimans
Artikel door: Jannie Trouwborst

Feminisme tussen de dieren

[Recensie] Tania Heimans (Rotterdam, 1969) studeerde af aan de Pedagogische Academie en aan de Faculteit der Historische en Kunstwetenschappen te Rotterdam en werkte als journaliste en docente. In 2008 debuteerde ze met de roman Hemelsleutels, die genomineerd werd voor de Academica Debutanten Prijs, de Prijs der Brabantse Letteren en het Beste Rotterdamse Boek. Naast korte verhalen en bijdragen aan verhalenbundels schreef ze nog twee romans: De huurmoeder (2009) en De uitzonderlijke gave van William Praise (2012). Het huis met de leeuwen (2015) moeten we tot de literaire non-fictie rekenen.

Diergaarde Blijdorp

Naar Het huis met de leeuwen zul je in de boekwinkel even goed moeten zoeken: het staat bij de Flora en fauna, tussen de Dierentuinboeken. Dat is begrijpelijk, want het is geen roman en het moet toch ergens een plekje krijgen. Maar een beetje jammer is dat wel, omdat het boek over zoveel meer gaat dan alleen de geschiedenis van Diergaarde Blijdorp tussen 1900 en 1950.

Weinig mensen weten dat er vóór de Tweede Wereldoorlog aan de vóórzijde van Rotterdam Centraal een diergaarde lag. Lange tijd is deze uitgestrekte tuin vol exotisch leven een lustoord voor de elite. Het gewone volk is er slechts enkele dagen per jaar welkom. De laatste directeur van deze diergaarde is dr. Koenraad Kuiper. Hij woont met zijn vrouw Corry de Jongh en hun vier kinderen in ‘Het huis met de leeuwen’. Het bombardement op Rotterdam in mei 1940 maakt een tragisch einde aan deze dierentuin. Na de oorlog verrijst de nieuwe Diergaarde Blijdorp aan de áchterzijde van het station.

Boekenkrant

Directeursvrouw

Corry Kuiper-de Jongh komt als kind al graag in de dierentuin. Er wonen in het huis met de leeuwen is een stille kinderdroom. Als die uitkomt door haar huwelijk met Koenraad Kuiper, is ze volwassen en wil ze meer zijn dan alleen de directeursvrouw. Ze schrijft “stukjes” (zoals ze ze zelf noemt) voor de NRC, verblijft regelmatig in het artistieke milieu in Zwitserland en verkiest vaak haar eigen vrijheid boven de dienstbaarheid aan het gezin. Maar daarnaast biedt ze een thuis aan pleegkinderen, leeuwenwelpen en dingo’s. Dat alles maakt haar tot een eigenzinnige, intrigerende en interessante vrouw.

Tania Heimans heeft een boek geschreven waarvoor ze (blijkens de verantwoording achterin) veel research heeft verricht. Naast het bestuderen van de vele archiefstukken nam ze ruim de tijd om te spreken met nakomelingen, vrienden en bekenden van het inmiddels overleden echtpaar Kuiper-de Jongh. Daar is een boek uit voortgekomen waarin naast de geschiedenis van de dierentuin ook een levensecht portret van Corry Kuiper geschetst wordt en we een indruk van de sociale verhoudingen krijgen in de eerste helft van de twintigste eeuw.
Alle feiten kloppen, maar dat het een prettig leesbaar boek is geworden, komt vooral door de manier waarop Tania Heimans gebruikt heeft gemaakt van de vele “stukjes” die Corry schreef en de verhalen van anderen over Corry. Zelf zegt ze daarover:

“Ook al is Het huis met de leeuwen op uitgebreid historisch onderzoek gebaseerd, het verhaal is gereconstrueerd als een roman. Met de vrijheid van de verbeelding heb ik het verhaal in scènes geschreven en me in de gedachtewereld van Corry proberen te verplaatsen. Dat laatste was alleen mogelijk doordat zij zo uitgesproken was en zo openhartig over haar gevoelens en twijfels schreef. Desondanks pretendeer ik niet de werkelijkheid van deze persoonlijke geschiedenis in al zijn facetten te hebben gevangen, dit verhaal blijft mijn interpretatie.”

Deze opzet is zonder meer geslaagd. Door het perspectief van het verhaal bij Corry te leggen wordt de lezer nauwer bij het wel en wee van de dierentuin betrokken en krijgt meteen zicht op de belemmerende factoren voor vrouwen, nog maar zo kort geleden, om hun eigen idealen na te streven. Ook de sociale omstandigheden krijgen via haar aandacht: de kloof tussen rijk en arm, de ongelijke verhouding tussen echtelieden, de opkomst van het nationaal socialisme, de verwoestingen in de oorlog en alle ellende die daaruit voortkwam. En de dieren worden niet vergeten: van benauwde hokken tot de vrije ruimten die Koen Kuiper voor ogen had voor zijn dieren.

Toch blijft de hoofdrol voor de dierentuin, die Corry net zo aan het hart gaat als dat bij haar man het geval is. Want ondanks haar eigen aspiraties maakt ze die, soms met grote moeite, ondergeschikt aan het belang van de dierentuin en haar positie als vrouw van de directeur. Maar omdat er zich onderhuids veel roert bij Corry zoekt ze een uitlaatklep en vindt die in het schrijven van de “stukjes” (over huisvrouwenzaken, zo onschuldig mogelijk), waarbij ze zich soms wel eens laat gaan in een pleidooi dat dichter bij haar eigen gedachten en gevoelens over haar onderdrukte positie ligt.

Desondanks beseft ze dat ze als directeursvrouw in bevoorrechte omstandigheden verkeert. Ze heeft wel oog voor de sociale ellende die zich vlak om de hoek van de diergaarde bevindt, maar weet er niet goed raad mee. Ruim voor de oorlog uitbreekt, richt ze samen met anderen een hulporganisatie op, voor het geval dat het mis gaat. Dat blijkt na de bombardementen een belangrijk besluit te zijn geweest.

Al doet ze geregeld iets voor minder fortuinlijke medemensen, toch laat Tania Heimans Corry vooral zien in haar eigen milieu en als een eigenzinnige vrouw met feministische aspiraties die er af en toe uit moet breken om de verplichtingen van het gezinsleven weer aan te kunnen. Misschien geen felle feministe, maar toch zeker een vrouw die in haar “stukjes” voorzichtig verwoordde wat meer vrouwen dwarszat in de eerste helft van de twintigste eeuw.

Eerder verschenen op mijnboekenkast.blogspot.nl