Bleekers zomer

Dinsdag, 12 juli, 2022

Geschreven door: Mensje van Keulen
Artikel door: Piet Windhorst

Een brave burger zoekt het avontuur

[Recensie] Vijftig jaar geleden verscheen deze kleine roman. Voor de uitgever was dit aanleiding om dit te vieren met een speciale jubileumuitgave met prachtige blauwe cover. De schrijfster besloot om niets te wijzigen. In haar voorwoord zegt ze daarover, “niet tornen aan het tijdsbeeld en al helemaal niet te rommelen aan de fictieve personages die alles mogen zeggen en uitspoken.”

Mensje van Keulen (1946) is een zeer productieve Nederlandse schrijfster. Haar eerste romans waren Bleekers zomer en Van Lieverlede. Er volgden nog acht romans. Zij schreef ook verhalen, gedichten en jeugdboeken. Haar eerste jeugdboek Tommie Station werd bekroond. In 2014 kreeg ze de Constantijn Huygenprijs voor haar hele oeuvre. Jury: “Het oeuvre dat Mensje van Keulen in ruim veertig jaar heeft opgebouwd getuigt van buitengewoon technisch meesterschap. Al haar verhalen zijn met precisie en fijnzinnigheid gecomponeerd.”

Ongelukkig gezin
Hoe is het weerzien bevallen met dit toenmalig zeer populaire boek? Al in de eerste zinnen word je het verhaal ingezogen door het realisme en de directheid. Hier is geen sprake van een gelukkig gezinnetje. Willem Bleeker is een beklagenswaardige man, al direct worden we geconfronteerd met zijn kwaal: obstipatie. Mensje van Keulen zegt het recht voor z’n raap: “hij had al drie dagen niet kunnen poepen”. Het hele boek door wordt deze kwaal in detail beschreven. Het valt ook direct op dat Willem zich gruwelijk aan zijn vrouw en haar gewoontes ergert. En ook aan zijn kinderen: “wat een walgelijke energie hebben kinderen ’s morgens.” Dan naar kantoor: een mistroostige omgeving met vervelende collega’s. Als hij een fout begaat wordt hij afgeblaft en uitgescholden door zijn chef, deze praat ‘met consumptie’. Willem pikt dit niet en hij loopt zo het kantoor uit. Deze eerste bladzijden laten duidelijk zien dat de ergernis naar een climax toegroeit. Willem verdraagt het niet langer, hij kiest voor de vrijheid.

Burgerlijk en saai man
De hoofdpersoon Willem wordt door de schrijfster getypeerd als een saaie, burgerlijke man, een loser. Hij is nog eens extra zielig door zijn kwalen. Van Keulen omschrijft hem als volgt: “Ik ben geen scharrelaar, souteneur, of student, ik ben een man met een gezin, een man die een gewoon autootje heeft waar ie door de week geen kilometers mee maakt. Ik eet het smakelijkst als ik een prak met ’n kuiltje jus voor m’n neus heb.” Hij zoekt de vrijheid in Amsterdam. Bij zijn jeugdvriend Gerrie ondervindt hij vriendschap, maar de andere figuren die hij ontmoet zijn onderwereldfiguren. Wat hem wel een beetje macho maakt is zijn belangstelling voor vrouwen. Als hij in een soort orgie terecht komt wil hij niet meedoen. Als hij gekoppeld wordt aan een prostituee laat hij haar eerst haar gang gaan, maar als hij ziet dat ze dik is en oud keert hij zich walgend af.

Awater

Geslaagd
Een bijzonder geslaagd type is tante Daatje. Het is het eerste adres dat hij bezoekt. Haar rommelige, armoedige interieur en vooral haar optreden is kostelijk beschreven. De schrijfster heeft erg haar best gedaan om de personages zo authentiek mogelijk neer te zetten. De taal is meestal Amsterdams en de misdadige types gebruiken soms Bargoense woorden. Dit werkt goed mee aan het creëren van een sfeer die bij het milieu past. Het einde is heel erg ontluisterend. Hij zocht vrijheid, maar hij vond…

De herdruk van deze roman brengt dit bijzondere boek terecht weer in de belangstelling.

Eerder verschenen op Leeskost